Reflectie1(3).vp
De oorverdovende stilte van de theologen Ludwig de Vocht 1 In het Begin was het Woord En het Woord was bij God En het Woord was God (Joh. 1,1) Toen sprak God: Er moet licht zijn En er was licht (Gen. 1,3) Alleen al de combinatie van het hierboven geciteerde ope- ningsvers van het evangelie van Johannes en van het derde vers uit het scheppingsverhaal, levert voldoende stof voor een interessant theologisch debat rond bijnadoodervaringen. Voor- al dan over de levensterugblik. Schrijf ‘licht’ met een hoofd- letter en vervang ‘Woord’ door ‘Kennis’ of ‘Informatie’ en je kunt tot boeiende inzichten komen... De theologie en de filoso- fie hebben tot dusver echter een oorverdovende stilte in acht genomen in het debat rond de BDE, zo oordeelt Mark Fox in zijn boek Religion, Spirituality and the Near Death Experien- ce . 2 Hij draagt zelf weinig bij tot het debat maar pakt wel uit met een interessante studie rond religieuze ervaringen. Het boek van Mark Fox is gericht op een publiek dat be- langstelling heeft voor theologie en voor filosofie maar dat weinig of niets weet over bijnadoodervaringen. In het eerste hoofdstuk schetst hij daarom de geschiedenis van het BDE- onderzoek sinds de publicatie in 1975 van Life after Life van Raymond Moody, het boek waarmee alles begon. Volgens Fox klopt deze bewering echter niet helemaal. Life after Life past in een twintigste-eeuws ontwikkelingsproces dat erop gericht was empirische bewijzen te vinden voor het bestaan van de ziel los van het lichaam en voor de mogelijkheid dat de ziel de dood van het lichaam overleeft. Dualisme — Bewijzen voor het dualisme – het apart bestaan van lichaam en ziel – zou toch een thema moeten zijn dat theo- logen en filosofen aanspreekt. Blijkbaar is dat niet het geval want theologen mijden het onderwerp zoals de priester en de leviet de beroofde man meden die uiteindelijk werd geholpen door de barmhartige Samaritaan (Luc. 10; 30-37) . Slechts een beperkt aantal theologen heeft zich over de BDE gebogen, zo stelt Mark Fox vast. De argumenten die hij uit de door hem geraadpleegde auteurs haalt, dienen om zijn eigen twijfels rond het dualisme te illustreren. Zo verwijst hij naar de Duitser Hans Kung die stelt dat de BDE geen bewijs is voor onsterfelijkheid omdat geen enkele gereanimeerde BDE’r echt dood was. BDE’rs stonden op de drempel van de dood maar hebben die nooit overschreden, zo oordeelt Kung. De BDE levert bijgevolg geen gegevens op die door de theologie beschouwd moeten worden als een bewijs voor leven na de dood. De Britse theologen Paul en Linda Badham nemen het te- genovergestelde standpunt in. Zij zijn sterk geïnteresseerd in de steeds weer terugkerende kenmerken van de BDE zoals bij- voorbeeld de overgang van duisternis naar licht. Ze koppelen hun speurtocht naar een gemeenschappelijke kern van bijna- doodervaringen aan historische verslagen van hiernamaals- reizen en overeenkomstige getuigenissen uit andere culturen. Mark Fox haalt vervolgens twee andere onderzoekers aan om ervoor te waarschuwen dat getuigenissen van hiernamaalsrei- zen slechts verhalen zijn. Hij wijst erop dat er verschillende factoren in het spel zijn vooraleer de oorspronkelijke ervaring wordt gecommuniceerd als mondelinge getuigenis of als uitge- schreven tekst. Tijdens dat proces vindt er al een interpretatie plaats die beïnvloed wordt door de cultuur waarin men is op- gegroeid. In zijn meest extreme vorm leidt dit tot een variante op de vraag “Wat komt er eerst: de kip of het ei?”. Wat is er eerst de ervaring of de interpretatie? Het heeft niet veel zin de erg technische argumenten die Fox op dit punt aanhaalt bier weer te geven. De waag rond de scheiding van lichaam en ziel blijft onbeantwoord. Om een antwoord te krijgen onder meer op de vraag naar de kernaspecten van de BDE gaat Fox ver- volgens zijn licht opsteken bij de neurowetenschap. Fox houdt alle verklaringsmodellen voor de BDE tegen het licht maar vindt geen bevredigend antwoord. Het recente on- derzoek van de Amerikaanse BDE-onderzoeker Kenneth Ring naar de BDE’s van blinde personen is voor hem evenmin een doorslaggevend bewijs voor de hypothese van het dualisme. Verrijzenis — Terloops geeft hij enkele argumenten waarom het christendom zelf moeite heeft met de bewering dat BDE’rs kun- nen getuigen over een leven na de dood. Volgens de strengste in- terpretatie kan er pas sprake zijn van leven na de dood wanneer de tijd van de verrijzenis en het Laatste Oordeel is aangebroken. In het beste geval krijgen BDE’rs een glimp te zien van een soort tussenbestaan tussen de dood en het laatste oordeel maar zeker niet van het uiteindelijke leven na de verrijzenis. Wie hier rond in het boek argumenten pro en contra had verwacht, is eraan voor de moeite. Wel gaat Fox in het laatste hoofdstuk dieper in op de `godsdienstoorlog’ tussen de zwaargewichten van het BDE- onderzoek. Hierin beschrijft hij hoe christelijke fundamentalisten lijnrecht staan tegenover de anderen en hoe ze elkaar zwart ma- ken en dit vaak op een platvloerse manier. RERC-studie —Wat is dan de verdienste van het boek buiten het feit dat Fox een soort stand van zaken van het BDE-onder- zoek geeft? Het lijkt erop dat alle hoofdstukken over de BDE een omkadering zijn voor de resultaten van Fox’s eigen onder- zoek. Fox doorzocht de archieven van het Religious Experience Research Centre (RERC) op zoek naar BDE-achtige ervaringen. Het RERC is een onderdeel van de faculteit theologie en reli- gieus onderzoek van de universiteit van Wales. Het centrum werd geopend in 1969 en was een initiatief van Sir Alister Har- dy. Het centrum beschikt over meer dan 6.000 getuigenissen over religieuze ervaringen: bekeringen, verhoorde gebeden, ont- moetingen met ongewone lichten enz. Het archief van het RERC werd uitgeplozen op zoek naar BDE-getuigenissen. Op basis van de brieven die naar het RERC werden gestuurd kon echter niet steeds met zekerheid gesteld worden of een getuige- nis als een BDE kon worden bestempeld. (Zie de tabel op de volgende pagina) 29 Reflectie 1(3), december 2004
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=