Reflectie Herfst 2013.vp

Velen slaan op de vlucht naar Syrië, Egypte en Arabië. Alles wat nog met de Moedergodin te maken heeft, met engelen en met de aanwezigheid van een visionaire traditie wordt vernie- tigd en kapotgeslagen. Te vergelijken met de Beeldenstorm in de Lage Landen. Uiteindelijk werden alle Tempels vernietigd. Ook vele geschriften die te maken hadden met de oudste tradi- tie van Israël werden of vernietigd of veranderd. Het gewone volk blijft achter zonder Tempel en zonder priesters. Dit speelde zich af in een periode waarin de meer- derheid van het volk kan lezen noch schrijven; dus zij die dat wel konden hadden veel invloed. Een aantal schrijvers krijgt de opdracht om de heilige teksten zo te veranderen dat ze in overeenstemming raakten met de teksten uit het door koning Josia gevonden boek over de Wet van Mozes in de Tempel van Jeruzalem. Margaret vertelt hoe door de schriftgeleerden (Scribes) alle woorden welke maar enigszins verwijzen naar Vrouwe Wijs- heid, naar de eerste Tempel en naar christelijke opvattingen doelbewust zijn verwijderd of hoe bepaalde letters van volgorde werden veranderd en weggeschreven, waardoor betekenissen eenduidig werden. In bestaande teksten werd de naam van Jah- weh en zijn wet ingelast (Ben Sirach 24:23; Baruch 4:1, 3:9; 3: 12). Dit werd allemaal gedaan om er voor te zorgen dat er in de heilige teksten geen sporen meer van de oudste traditie achter- blijven .Uiteindelijk is dan overgebleven het Oude Testament zoals wij deze kennen, de uniforme Masoretische tekst. Zo kwam de interpretatie te liggen met de nadruk op de Wet, de Tien Geboden. De Wet werd een substituut van Vrouwe Wijs- heid. Van Vrouwe Wijsheid en alle verwijzingen naar haar is pas dan iets te vermoeden als je weet waarnaar je moet zoeken. Zeventig jaar na de zuivering door koning Josia vallen de Babyloniërs het land binnen. Deze nemen de notabelen mee in ballingschap. Voor de aanhangers van de oudste traditie, van de Eerste Tempel, was deze rampspoed iets vanzelfsprekends; im- mers, de Vrouwe was de Tempel uitgejaagd. Het Verbond was daardoor verbroken. En de Vrouwe weent. Zij weent omdat er niet meer naar haar geluisterd wordt en omdat dit onheil brengt. Omstreeks 538 v.Chr. krijgen de Judese ballingen toestem- ming om terug te keren van koning Cyrus van Perzië, die Ba- bylonië heeft veroverd. De Tweede Tempel wordt gebouwd. De Tempel is verwoest Een wereld is ineengestort. Een nieuwe wereld is ontstaan, waarin van de wereld voordien slechts brokstukken en frag- menten her en der verspreid liggen en een vage herinnering resteert. De Vrouwe leeft in deze nieuwe wereld als een onbe- wust, een niet logisch motiveerbaar, gevoel, als een zich ver- liezend weten in een donkere diepte. Jeruzalem is het machtscentrum; daar bevindt zich een be- perkte groep die de dienst uitmaakt. De heersende klasse was tegenstander van de oude traditie, van die eerste Tempeltradi- tie, de Tempel van Salomo, de Tempel van Vrede. In buiten- gewesten als Galilea blijft de invloed van de oudste traditie gelukkig nog zeer groot. De eerste christenen gebruikten een eerdere ‘ongepunte’ editie van het Oude Testament. Jezus staat in een oude Hebreeuwse Tempeltraditie van voor de Tweede Tempel. Daar waar in christelijke teksten ‘Heilige Geest’ staat wordt ‘Moeder van de Heer’, de ‘Moeder van Jezus de Christus’ bedoeld. Hiermee besluit ik deze sa- menvatting van Margaret Barker’s bijdrage op zaterdag (2). Zij heeft op een pakkende manier, helder, gedegen, en met hu- mor verteld . Zij maakte duidelijk hoe het christendom in we- zen de voortzetting is van de oudste Tempeltraditie (3). Wat mij inspireert in het werk van dr. Margaret Barker Haar naam was mij bekend doordat godsdienstfilosoof dr. Da- niël van Egmond deze tijdens enkele van zijn lezingenseries noemde. Hij roemde haar om het baanbrekende werk wat ze heeft verricht in haar onderzoek naar de traditie van de Eerste Tempel, als zijnde de wortels van de christelijke liturgie. Enkele weken geleden vond ik van Margaret Barker o.m. het boek ‘The Great High Priest’. Tijdgebrek noodzaakte mij tot een voorlopig selectief lezen. Ik heb mij beperkt tot o.a. het hoofdstuk: ‘The Angel Priesthood’. De strekking daarvan was voor mij van een duizelingwekkende diepte; haast niet te be- vatten als je dit hoofdstuk op een louter rationele wijze zou benaderen. Het visionaire karakter van de Eerste Tempel wordt mijns inziens in dit hoofdstuk heel duidelijk. Studie van de boeken van Margaret Barker wil ik graag aanbevelen. Bij- voorbeeld voor ons als geestelijkheid zou haar werk kunnen leiden tot een nog dieper inzicht en een intens levende erva- ring van onze liturgische vieringen. Hoe kunnen wij de Tempel herstellen? Tempels komen in bijna alle culturen en religies voor. In onze liturgie van de VKK komt de Tempel op meerdere plaatsen voor. De officiant roept elke zondag de gemeente op met de woorden: ‘Laat ons nu samen de Tempel grondvesten’. Het grondvesten van de Tempel betekent wezenlijk dat het ge- bouw in het centrum van de wereld geplaatst wordt, een waar- achtige ontmoetingsplaats wordt voor God en mens. En daar- mee betreden we heilige grond, gewijde grond. De traditie leert namelijk dat gewijde plaatsen zich in het centrum van de wereld bevinden. Hemel en aarde komen daar samen. De aarde wordt getransformeerd tot een stukje hemel. En de hemel wordt gematerialiseerd in een stukje aarde. De Chaos is daardoor begrensd en de Kosmos weer geordend. De vorm van zo’n heilige plaats was bedoeld als een af- beelding van een universele, hemelse structuur die haar uit- drukking vindt in God, mens en wereld. In de Tempelbouw herkennen we deze structuur als het Heilige der Heiligen, de Heilige Plaats en de Voorhof. Bij de bouw en het inrichten van onze Vrij-Katholieke Kerken is zoveel mogelijk rekening gehouden met deze struc- tuur. In onze Sint Gabriël Kerk te Amsterdam is deze structuur duidelijk zichtbaar. Ook attributen helpen ons de symbolische betekenis van de structuur te ervaren. Wij beschikken zelfs over een bijzondere zevenarmige kandelaar! De Tempel is met haar specifieke beeldentaal en mythische verhalen een wereld op zich. Ze kreeg haar vorm in een cultuur- periode van de mensheid waarin de wereld van de ziel makkelij- ker toegankelijk was en de mens meer transparant. De mens van toen dacht in mythisch-poëtische beelden. Hoe anders is dan onze wereld van vandaag, waarin ons bewustzijn door de Ver- lichting min of meer beperkt wordt tot het rationele vlak. Herstel van de Eerste Tempel als symbool is een belangrijk begrip in vele mystieke tradities. In de Nag Hammadi ge- schriften, o.m. het Evangelie van Philippus, vinden we heel veel van de Eerste Tempel terug. Hierin wordt gesproken over 9 Reflectie 10(3), herfst 2013

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=