13(3)16

BOEK bespreking Reflectie jaargang 13nummer 3, herfst 2016 29 Alle boekbesprekingen zijn geschreven door Aat-Lambèrt de Kwant, tenzij anders vermeld Adam, Eva en de duivel Kanaänitische mythen en de Bijbel Auteur: Marjo Korpel/Johannes de Moor Uitgever: Skandalon, 2016 In 1926 was gereformeerd Nederland in rep en roer, doordat dr. J.C. Geelkerken het historische karakter van Genesis ter discussie stelde, zo niet ontkende. Reden voor de synode van 1926 hem de kerk uit te gooien, zoals eerder al een dominee overkwam doordat die openlijk zei te twijfelen aan de sprekende slang in het paradijs. Ook later waren er felle polemieken en ruzies over de uitleg van de eerste hoofd- stukken van Genesis . Inmiddels is bij veel christenen het besef doorgedrongen dat een letterlijke opvatting van de eerste hoofdstukken van de Bijbel onhoudbaar is geworden. Verscheidene pausen hebben duidelijk gemaakt dat schepping en evolutie niet op gespannen voet hoeven te staan. En nu komt het fundament van het christelijk geloof op losse schroeven te staan door een Nederlandse ontdekking. Syrische kleitabletten uit de 13e eeuw voor Christus blijken de oerversie van het verhaal over Adam en Eva te bevat- ten en verschillen pijnlijk van de Bijbel. Hedendaagse christenen geloven (tot nu toe) dat er maar één god is en dat het scheppingsverhaal zoals het in de Bijbel staat de waarheid is. De kleitabletten zijn echter 800 jaar ouder dan het Oude Tes- tament in de Bijbel en stellen dat de eer- ste mens Adam één van vele goden was. Oudtestamenticus Korpel en emeritus hoogleraar semitische talen De Moor van de Protestantse Theologische Universiteit , ontdekten op twee kleitabletten een oerversie van het verhaal van Adam en Eva en schreven daar een meeslepend boek over: Adam, Eva en de Duivel ; Kanaänitische mythen en de Bijbel . Het noemen van de duivel in de titel zal niet bij iedereen goed vallen. De ‘duivel’, zeggen de schrijvers in hun voorwoord, is immers vrijwel verdwenen uit de moderne theologie, waarbij als argument vaak wordt aangehaald dat een dergelijke tegenspeler van God pas in een zeer laat stadium ingang gevonden zou hebben in niet-orthodoxe Joodse bronnen. Hij zou dus nog niet voorkomen in het oude verhaal over Adam en Eva. Er zou in de tijd van de bijbelschrijvers nog onder- scheid zijn geweest tussen de slang en de duivel. Korpel en de Moor daarente- gen denken dat de slangachtige tegen- speler van God en mens in het paradijs al omstreeks 1300 voor Chr. voorkomt in Ugaritische teksten. Woorden van Christus Auteur: Michel Henry Uitgever: Uitgeverij Van Warven, 2016 Collega Rinus van Warven startte onlangs met een eigen uitgeverij en kreeg een positieve bespreking in Trouw van het boek De woorden van Christus . Een boek dat mij antwoorden gaf over het waarom van de soms harde taal die Christus in de evangeliën bezigt. In dit toegankelijk en helder geschreven boek legt Henry dit uit. De Franse filosoof onderzoekt de woorden van Christus op fenomenologi- sche wijze, waardoor ze in een oorspron- kelijk licht komen te staan en in een verrassend perspectief verschijnen. Trouw schreef erover: ‘ Sceptische vragen en de stem van het gezond verstand krijgen genoeg ruimte: de kracht van het boek is dat de theologie het nooit van de filosofie overneemt. Het is toegankelijk geschreven en zelfs wie niet bijzonder geïnteresseerd is in religieuze vraagstuk- ken kan het lezen als een origineel filosofisch werk. Voor de woorden van Christus kun je misschien beter de Bijbel lezen dan een filosofisch werk, zou je denken. Maar wie de Bijbelteksten ernstig opneemt, kan ze volgens mij niet anders dan ontzettend ingewikkeld vinden. Michel Henry laat de schokkende kracht van Christus’ woorden verschijnen alsof het iets volledig nieuws betreft, en juist doordat hij de filosofische implica- ties ervan bespreekt, kan ik me niet anders voorstellen dan dat het voor zowel christenen als niet-christenen ongekend dichtbij komt. ’ Ik ben het met deze conclusie eens. In zijn voorwoord wijst Ruud Welten er terecht op dat de ongemakkelijke passa- ges waarin Jezus stelt dat hij een wig drijft tussen de intieme menselijke relaties, cruciaal is in de visie van Henry. Teksten als in Matteus 10:34-36, zijn passages die het geseculariseerde christendom van het ‘gezin als hoek- steen van de samenleving’ in verlegen- heid brengen. ‘ Bij Henry vind je geen gepolijste, in onze samenleving inte- greerbare woorden van Jezus! Jezus is een recalcitrant, een mens die de orde komt verstoren en verontrusten in plaats van snelle troost bieden. Jezus is in de wereld gekomen om woedend de markt- kramen omver te gooien. En opnieuw zijn we niet zo ver van Marx verwijderd. En evenmin als bij Marx is het doel van Jezus geen politiek gemotiveerde recalcitran- tie, maar het openbaren dat we in het leven geboren zijn, dat we in de woorden van het christendom allen zonen en dochters van God zijn. ’ Ook wijst Welten op de paradox dat Jezus de wereldse woorden nodig heeft om het woord van God te laten spreken. Henry laat zien hoe Jezus, in de traditie van hoe de oude profeten dat in hun tijd deden, de mensen van zijn tijd wakker wilde schudden. Het boek Woorden van Christus geeft mij antwoorden op tal van vragen over sommige uitspraken. Het nodigt uit tot het aandachtig lezen en herlezen. Henry was één van de grote Franse filo- sofen uit de school van de fenomenolo- gie. Samen met enkele anderen (Ricoeur, Levinas, Derrida, Marion) was hij een voortrekker van ‘God in Frankrijk’, de wending in de filosofie waarin wordt geprobeerd de werkelijkheid van ‘God’ opnieuw te doordenken. Dit laatste boek van hem verscheen kort na zijn overlijden in 2002 en is voor een breder publiek in een toegankelijke stijl geschreven.

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=