Reflectie3(1).vp
zondag, 18 december, werd Carin van Midloo namelijk toege- laten als altaardienaar, werd Agneta Ljungberg door bisschop Frank tot acoliet gewijd en Ben Fisser, eveneens door bis- schop Frank, tot exorcist en acoliet gewijd. Het Arnhemse kerkblad gaat nader in op de betekenis van de drie voornoem- de functies. * De taak van de altaardienaar beperkt zich niet tot het aansteken en doven van de kaarsen, het wieroken en het verd- ere assisteren van de celebrant. Hij/zij bevindt zich immers met name in de onmiddellijke nabijheid van het altaar: Gods troon en het middelpunt van de geestelijke invloeden. Hij/zij vormt dan ook een kanaal waardoor de geestelijke invloed vanuit het priesterkoor wordt uitgestort of overgedragen op de aanwezigen’. * Vroeger diende de exorcist onder meer duivels uit te drij- ven. Nu richt deze functie zich op het beheersen van slechte gewoonten, het geven van leringen, de gave van genezingen en het verzachten van lijden. * Oorspronkelijk was de taak van de acoliet het dragen van de kandelaar, het ontsteken van de lichten in de kerk en het aanreiken van water en wijn tijdens de eucharistieviering. De brandende kaars en het water- en het wijnkannetje die de aan- staande acoliet tijdens zijn/haar wijding ontvangt, vormen daarvan nog de uiterlijke erfenis. Nu ligt het accent bij de aco- liet onder meer op het laten schijnen van zijn/haar eigen innerlijke Godheid op anderen. A’dam in goede geur * De december-januari-editie van het Mededelingenblad der Sint-Gabriëlgemeente te Amsterdam opent op het voor- blad met een toepasselijk en gevoelvol citaat uit een van de vele gnostische leringen die in de Nag-Hammadi-geschriften zijn opgenomen, wellicht een leerbrief van Petrus aan Filip- pus. Het is het verhaal van een verschijning van Jezus aan de twijfelende apostelen: “Vader, Vader, Vader van het Licht, die al het vergankelijke bezit, verhoor ons, zoals U ook welbeha- gen hebt gehad in Uw heilig kind Jezus Christus. Want Hij werd ons een lichtbrenger in de duisternis. Waarlijk, verhoor ons”, * In het pastorale kerstartikel, waarin veel aandacht aan de Gnosis wordt geschonken, lezen we, dat niet de rede alles zal overwinnen, maar de Liefde, de stille Kracht, die maakt dat wij uit de zorgen van de wereld van het kennen worden opge- heven tot de onmetelijke vreugde van het bewuste aanschou- wen van Hem in Wie ons hart rust vindt. * In een ander artikel wijst priester Piet Standaar ons op de symboliek van de mythische geschenken der Drie Koningen (Wijzen), wier relieken sinds 1164 in de Dom van Keulen wor- den bewaard: Melchior schonk het Jezuskind een gouden beker, die Maria bewaard zou hebben voor het Heilig Avondmaal, Balthasar offerde een gouden doos met wierook, waarbij het goud erop duidde dat het Kind een Koning was, terwijl de wie- rook wees op zijn Goddelijkheid; en Caspar bracht een fles met mirre mee – een stof die bij het balsemen van overledenen werd gebruikt – als voorspelling van het lijden en de dood van de Heer. * Het februari-maartnummer is mede gewijd aan Sint Ga- briël, de beschermheilige van de Amsterdamse gemeente, wiens feestdag op 24 maart viel. Volgens het kerkblad is hij de aartsengel van genade, aankondiging, dromen, boodschap- per, maker van veranderingen, verrijzenis, wraak (overigens niet zo’n bijster hemelse deugd! hsdb ), dood en opstanding. * Ten slotte nog dit: Caroline Kouwe is bevestigd als nieu- we altaarmedewerkster en Lodewijk de Weerd is de nieuwe organist. Last but not least: het artikel over wierook in de ere- dienst etc. (deel 5) van de hand van de e.a. priester, is dermate informatief, dat de gehele artikelenreeks over dit welriekende onderdeel van onze liturgie een plaats in ‘Reflectie’ verdient! ( Noot red.: inzenden dan maar!) In de Hofstad vindt men geen hond in de pot… * Ook het december-januarinummer van het Maandbericht van de kerkgemeente Sint Albaan te ’s-Gravenhage staat in het teken van de Geboorte des Heren. In een aan dat Mysterie ge- wijd artikel wijst Charles Eysbach op een oude traditie uit het voormalige Nederlandsch Indië. Deze hield in, dat iedere Isla- miet in zijn/haar mooiste kleren na afloop van de Ramadan naar zijn familieleden toog om dezen vergiffenis te vragen voor alle harde of ruwe woorden en gedachten die zij in de af- gelopen jaren tegen elkaar hadden geuit of gedacht, en voor alle begane daden die onbehoorlijk waren geweest. Eysbach koppelt de inhoud van deze traditie aan het eerste en het tiende gebod uit de Tien Geboden: “Eert uw vader en uw moeder” en “Hebt uw naaste lief”. “Het eerste gebod gaat terug naar God de Schepper, want via onze ouders, grootou- ders en overgrootouders (en trek de lijn door) komen wij ui- teindelijk bij onze oerouder God de Vader. Het tweede gebod: Als God onze vader en moeder is, dan zijn onze naasten onze broeders en zusters. Het is misschien een simpele gedachte, maar het geloof is ook voor simpele mensen. De eerste disci- pelen en gelovigen waren simpele vissers en ambachtslieden en geen schriftgeleerden. Daarom, denk ik, nam Christus deze mensen aan om het geloof aan de mensen te verkondigen, en geen schriftgeleerden,” aldus de auteur. * In het kader van de dag van Sint Franciscus, de Wereld- dierendag op 4 oktober, wordt in dit nummer ook veel aan- dacht besteed aan het respect en de liefde voor het dier. * De februari-maart-editie vermeldt de klerkwijding van Imelde Marchesini (15 januari), en het overlijden van kerklid Jo de Kler. Met een boekske in een hoekske in het Sticht… * Op zondag 11 september nam de Utrechtse kerkgemeente ‘St. Maarten’ afscheid van priester Adelbert en diens vrouw Ronnie, aangezien hij de kerkgemeente van Arnhem is gaan versterken, zo lezen we in het St. Maartenskerkblad van no- vember-december. Verder komen we aan de weet, dat de kerk- bibliotheek met een aantal boeken is verrijkt. * Priester Theo Mensink wijst ons in zijn artikel over de Heilige Geest op het feit, dat de ziel van de mens wordt ge- ïnspireerd door de Heilige Geest, die de ziel aanspoort tenein- de ons voort te helpen op het pad van de evolutie. Via de ziel zijn we op weg naar volmaaktheid, en de ziel zorgt ervoor, dat we situaties tegenkomen die we voor onze ontwikkeling nodig hebben. Daarbij horen ook minder plezierige ervaringen, want daar leren we het meeste van. * In het artikel ‘Toekomst’ haalt priester Frank Kouwe een veelzeggende visionaire verhandeling uit ‘De Machten achter het Kerkelijk Jaar’ van priester Van der Stok z.g. aan: “En dan is er het visioen van de Ene, die op de troon zit. Als wij trach- 40 Reflectie 3(1) voorjaar 2006
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=