Reflectie 6(3) herfst 09.vp

Inleiding in de Vedische Wetenschap De holistische benadering van bestaan en bewustzijn Kush Visser De Indiase traditie van wijsheid kent een aantal geschriften dat de Veda’s wordt genoemd. In moderne commentaren worden ze meestal simpelweg gekenmerkt als lofzangen voor de goden. Ze worden dan opgevat als een soort primitieve, weliswaar heili- ge geschriften, die ooit als gebedsboek hebben dienst gedaan (en wellicht nog doen) en die weinig of geen aansluiting meer heb- ben bij deze tijd. Bovendien lijken de in de Veda’s beschreven rituele handelingen al helemaal niet meer te passen in het snelle, moderne leven van alledag. Zelfs in India, de bakermat van de Vedische wijsheid, gunnen veel mensen zich er geen tijd meer voor. Dat heeft alles te maken met het feit dat de oorspronkelijke, diepere betekenis van de Veda’s al lang geleden voor de mens- heid verloren is gegaan. Veda als goddelijke openbaring Het woord Veda komt van de wortel Vida en betekent eenvou- dig: kennis, weten. Woorden in onze eigen taal, zoals wet, we- ten, visie en video zijn ervan afgeleid. De Veda is de kennis van het leven die alles omvat en in perfect gestructureerde, op- eenvolgende stappen wordt uiteengezet. Alle zorg werd eraan besteed de oude Vedische geschriften in hun oorspronkelijke opzet, structuur en indeling te handhaven en het is heel fortuin- lijk dat wij nu nog steeds over een belangrijk deel van de tek- sten kunnen beschikken. Door de eeuwen heen is het de taak van de Brahmaanse priesters geweest de Vedische kennis te bewaren. Door de man- tra´s of verzen dagelijks te reciteren werden ze in alle zuiver- heid doorgegeven aan het nageslacht. Nadat enkele duizenden jaren geleden de Veda´s aan het papier werden toevertrouwd, konden ook anderen van haar kennis nemen en ze, meestal op een intellectuele wijze, interpreteren. Los van het soms autori- taire of anderszins ongepaste gedrag van Brahmanen, heeft dat de zuiverheid van de interpretatie van de Vedische wijsheid geen goed gedaan. Sindsdien is ze in het menselijk bewustzijn steeds meer vervaagd en is haar ware, diepere betekenis tenslot- te volledig naar de achtergrond gedrongen. Hoewel de Veda´s meer kennis bevatten dan de hele moder- ne wetenschap bij elkaar, komt het maar zelden voor dat een wetenschapper belang stelt in hun werkelijke inhoud. Dat komt omdat de Veda bij lange na niet voldoet aan het referentiekader van de moderne wetenschapper. Haar taal- en woordgebruik is ontoegankelijk voor buitenstaanders en haar wijze van onder- zoek is holistisch, dat wil zeggen dat ze compleet is in zichzelf. Sterker nog: al haar onderdelen zijn compleet in zichzelf. Hier- mee onderscheidt ze zich van de moderne benaderingen van on- derzoek. In de moderne wetenschap voert het intellect de boventoon. Men noemt dit de objectieve benadering van onder- zoek, maar hoe objectief is ons intellect? Verder bemoeit de moderne wetenschap zich alleen met onderzoek van zaken die de buitenwereld betreffen en is ze per definitie fragmentarisch. Fragmentarisch wil zeggen dat ze een klein stukje van een grote puzzel in beeld probeert te brengen zonder de hele puzzel daar- bij te betrekken. Niemand die zich druk maakt over wat al die stukjes in het kader van de totaliteit van kennis te betekenen hebben. Studie van de takken van moderne wetenschap en de oneindige hoeveelheid geïsoleerde takjes van die takken kun- nen vrijwel geen enkele student echte bevrediging geven. Ze geven hem of haar immers helemaal geen inzicht in de totaliteit van het bestaan, wat de relaties onderling zijn van de vakgebie- den of wat de connectie met de onderzoeker zelf is. De Vedische geschriften verklaren het ontstaan, verloop en weer teniet gaan van de hele schepping – een proces dat zich oneindig vele keren herhaalt. De Rig Veda , de oudste opteke- ning van de mensheid en het belangrijkste geschrift van alle Vedische literatuur, zegt: ‘Eerst is er Brahman, de Heer van allen, samen met het Woord, en waarlijk het Woord is Brahman.’ Het Woord is Veda en Veda is het Woord (vergelijk het begin van het Johannes Evangelie). De volmaakte kennis van het be- staan blijkt beschikbaar in de klanken, structuur en opeenvolging van de Vedische hymnen. Ze wordt zichtbaar door de volmaakte volgorde waarin deze klanken zijn geplaatst en de wijze waarop de Vedische hymnen zijn ingedeeld in verzen, paragrafen en hoofdstukken. Deze structuur van de Veda is onverwoestbaar en dat heeft het mogelijk gemaakt dat haar essentie door alle tijden heen en voor alle generaties bewaard is gebleven. Begeeft de moderne wetenschapper zich bij voorkeur in de on- overzichtelijke gebieden van fragmentarische kennis, de Veda overziet het geheel en er is niets dat buiten haar bestaat of kan bestaan. Alles wat de moderne wetenschapper voor onoplosba- re raadsels plaatst en alles wat hij nog meer zou willen onder- zoeken, is al in de Veda – miljoenen jaren voor zijn bestaan –

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=