7(1)10

23 Proloog “Reis naar het licht” van Jaap Hiddinga Het boekje “Reis naar het licht” is de voorloper van de serie die de afgelopen zeven jaar is uitgegeven. Het verschil is echter dat in dit boek alleen de gesprekken aan de orde komen en niet de ervaringen die een integraal onderdeel zijn van wat Jaap Hid- dinga meemaakte. Het zijn volgens hem openbaringen en profetieën en inzichten, vaak van een orde die niet gemakkelijk te bevat- ten is. De tekst is een letterlijke weergave van wat door de begeleiders van de Aarde en de mensheid aan hem is door gegeven. “Toen ik dit boekje schreef was ik nog jong en vol idealen. Het was een tijd waarin er voor mij veel veranderde en ik ging vol verwachting, maar ook onervaren, het leven in. Deze oner- varenheid kan ik ook terugvinden in de schrijfstijl en het woordgebruik van toen. Wat ik schreef was best wel nieuw in die periode en veel mensen hebben het toen dankbaar ontvan- gen. Ondanks de vele vragen is er helaas nooit een herdruk verschenen en nu, na zo’n zevenentwintig jaar, heb ik het ge- voel dat het goed is om dit boekje opnieuw uit te geven. Na een grondige herziening van de gebruikte taal – zonder de es- sentie te verliezen – is het nu gereed. Deze herziening was no- dig omdat ik in dit boekje ook mijn eigen groeifasen kon ont- dekken. Nu is het een welkome aanvulling op de overige boe- ken die ik in de afgelopen jaren schreef.” Proloog, een sprookje; zo zou het kunnen zijn Heel lang geleden leefde er een koning die heerste over een zeer uitgestrekt rijk. Het rijk was verdeeld in twaalf provin- cies. En elke provincie werd geregeerd door een prins. Elke provincie had in dit rijk zijn eigen specifieke eigenschappen en taken, en de bewoners van iedere provincie hadden ver- schillende eigenschappen en gewoonten. In niveau verschilden ze niet. Ze hadden elkaar nodig om een geheel te vormen en werkten samen om het grote rijk goed te laten functioneren. Vanaf het begin van de tijd tot op een zeker moment func- tioneerden de twaalf provincies uitstekend, maar op een dag vroeg de prins van de vijfde provincie audiëntie aan bij de ko- ning. De koning stond zijn verzoek toe en vroeg aan de prins hoe het met hem ging en wat hij te vertellen had. De prins vertelde hem dat hij vond dat de koning wat te oud werd om het rijk nog langer te besturen en vroeg of de ko- ning aan een eventuele opvolger had gedacht. Hijzelf vond dat hij in zijn provincie vele goede dingen had gedaan en dat het niet meer dan reëel was dat hij de opvolger van de koning van het grote rijk met de twaalf provincies werd. De koning sprak hem daarop vriendelijk toe en zei: ‘Als je met dit verzoek naar mij toe komt, heb je nog niet begrepen waar het om gaat. Jullie zijn mijn plaatsvervangers in jullie ei- gen landen, maar niemand van jullie zal mijn opvolger wor- den, om de eenvoudige reden dat ik geen tijd ken en jullie zelf geschapen heb. Hoe kun je denken dat je ooit mijn plaats zou kunnen innemen. Ik ga immers niet weg of over naar een an- dere vorm van bestaan, ik besta.’ De prins werd daarop heel kwaad en zei: ‘Als U mij niet meer macht geeft, dan zal ik deze zelf wel nemen. Mijn pro- vincie is groot genoeg om voor zichzelf te zorgen. Ik zal er voor zorgen dat mijn land gelijk wordt aan Uw rijk en ik zal de beste zijn.’ De prins verliet daarop de troonzaal, ging naar zijn gebied en kwam nooit meer terug. Op dat moment werd alles anders. De prins had zich open- lijk verzet tegen de wetten die er voor zorgden dat alles in per- fecte harmonie functioneerde en dit betekende dat het vijfde ge- bied heel snel verwijderd raakte van het oorspronkelijke geluk dat het gehele rijk kende. Het heelal van het vijfde gebied, waarin vele planeten aanwezig waren, werd donker en op de planeten hoorde men geweeklaag en ellende van de mensen die er woonden. Er was honger, verdriet, haat, liefdeloosheid, on- derdrukking, hebzucht, machtswellust, kortom alles wat zich te- gen de wetten van de koning kon verzetten, verzettezich. Na een korte periode was de vijfde provincie helemaal afge- sloten van de rest. De koning verbood de overige provincies verdere omgang met de vijfde en de grenzen werden zwaar be- waakt. Toch had het verdwijnen van het vijfde stelsel een zeke- re invloed op de overige elf. Oorspronkelijk waren alle twaalf in balans en dat waren ze nu niet meer. De specifieke functie van het vijfde gebied was verloren gegaan en moest voor een ge- deelte worden opgevangen door de overige elf. Het ging wel, maar het was duidelijk dat er minder vreugde was dan vroeger. In alle elf provincies hoopte men vurig dat de prins van het vijf- de zijn fout zou inzien en terug zou keren naar het grote rijk. Men was bereid hem zijn zonde te vergeven mits hij inzag dat hij verkeerd had gehandeld en berouw toonde. Maar in werke- Reflectie 7(1) voorjaar 2010

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=