Reflectie 10(4) 2013 winter.vp

De Heilige Mis in kosmologisch perspectief, hoe vrouwelijke en mannelijke symbolen daarin werken X Gert Jan van der Steen Deze lezing is gehouden tijdens de Conferentie “Het eeuwig vrouwelijke” op 6 juli 2013. Deze lezing wordt, vanwege de omvang, gepubliceerd in twee delen. Dit is deel 2 van de le- zing. De presentatie met illustraties staat op ‘www.vkk.nl/download/GJvdS_Heilige Mis.pdf’ Wat vooraf ging In deel 1 van dit artikel werden negen begrippen uit de kosmo- logie geïntroduceerd waarmee vrouwelijke en mannelijke symboolwerkingen in de Heilige Mis (Heilige Mis) zijn te dui- den, met een benoeming volgens Kosmos – Heilige Mis – mannelijk/vrouwelijk: Schepping, emanatie - Uitgaan, Uitstromen - Mannelijk Nesting - Afzondering - Mannelijk Geheugen, Patronen – Wijsheid - Vrouwelijk Ontwikkeling - Bewustwording – Mannelijk In dit deel 2 worden de overige begrippen besproken. Reflectie - Spiegel worden - Vrouwelijk Kosmos Het Universum van de Logos is een reflectie van de Kosmos. De Logos is Kosmisch volmaakt, in elk opzicht, en daarmee kan het Universum tot een volmaakte spiegel worden. Op dezelfde manier kunnen geneste organismen een reflec- tie van elkaar worden, elk met een eigen niveau van werking. Zo kan de mens gezien worden als een reflectie van de Logos, en daarmee van de Kosmos. Ontwikkeling wordt versneld door een betere reflectie. Binnen het Universum wordt de essentie van de 7 gebieden gerepresenteerd door de “zeven geesten voor de troon”. Heilige Mis In de Heilige Mis komen vele symbolen voor die reflecterend werken. Door de nesting kunnen de symbolen op meerdere ni- veaus geduid worden. Allereerst is er de inrichting van het kerkgebouw. De “ze- ven geesten voor de troon” worden weerspiegeld in de half- edelstenen van de altaarkaarsen, de altaarsteen, de straalkrui- sen en het borstkruis van de celebrant. De kruisen zelf kunnen gezien worden als reflectie van het kosmisch proces van ont- wikkeling, verticaal mannelijk en horizontaal vrouwelijk, met op het kruispunt het zich ontwikkelend bewustzijn. Een kerk met zijbeuken heeft de kruisvorm. De pelgrimstocht van de mens wordt gereflecteerd in het labyrint (als aanwezig), de in- wijdingsweg als een gaan door het kerkgebouw, te beginnen bij de doopkapel. Bij de Invocatie (“In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest”) wordt de Logos gespiegeld. Het kosmisch wordingsproces kan daarna beginnen. In het Confiteor wordt gezegd: “Gij hebt de mens onsterfe- lijk geschapen en tot een beeld gemaakt van Uw eigen eeu- wigheid” en “opdat wij, vervuld van de glans van het eeuwige licht, een vlekkeloze spiegel mogen worden van Uw macht en het beeld van Uw goedertierenheid”. Bij de wierokingen van het altaar wordt elk van de altaarkaar- sen gewierookt en wordt de essentiële werking genoemd. Daarmee wordt de reflectie van de zeven geesten voor de troon, die begon bij het aansteken van de kaarsen, intenser. Beeldsymbolen op het altaar zijn bijvoorbeeld het brood, de wijn, het water, de kelk en de pateen. Het brood staat in het algemeen voor een organisme, dat zich gaandeweg steeds ho- ger ontwikkelt. Eerst is het, in de vorm van de hostie, een re- flectie van ons eigen lichaam, dan van onze ziel, daarna van onze geestvonk, de monade, en uiteindelijk van het totale Uni- versum, het Lichaam van Christus. De wijn (in de VKK is dit druivensap) is een symbool van levensbloed. Het laat het le- ven overal in het lichaam doordringen. De wijn is een reflectie van de Heilige Geest. In de kelk, als vrouwelijke vorm, wordt eerst de wijn gego- ten (de Geest emaneert zich in de kosmische materie). Daarna volgt de tweede emanatie van de Zoon die in ruimte en tijd gaat werken: er worden twee druppels water in de wijn gego- ten. Het geheel wordt aangeboden aan de Vader zodat deze de derde emanatie kan laten instromen tijdens de consecratie. Merk op dat de eerste twee emanaties ook een historisch aspect hebben. De derde emanatie niet: zij vindt daadwerkelijk nú plaats, ín onze ziel, omdat wij ons verbonden hebben met de offeranden. De Heilige Mis, zoals alle sacramenten, bevor- dert de derde emanatie. De pateen draagt de hostie. De pateen is de reflectie van de Moeder die de schepping met al haar organismen draagt. Na het eerste opdragen van de hostie wordt zij verborgen onder het corporale. Na de tweede offerande komt de pateen weer tevoor- schijn, als reflectie van de Moeder op het hoogste niveau, nu haar organismen het evenbeeld zijn geworden van de Vader. Bij het breken van het brood (mannelijk) wordt geestelijke energie verspreid over de aarde. Het organisme wordt opgebro- ken en als zaad uitgestrooid. In de kosmologie is het Universum volledig geworden en kan zich verspreiden in de Kosmos. Verge- lijk dit met de mythen over vroegere koningen die zich lieten of- feren voor het volk; hun as werd verspreid over het land. Bij wijdingen en de Dienst van Heling worden de heilige oliën gebruikt. Zij zijn reflecties en werkingen van de derde emanatie. Hiërarchieën – Engelen, heiligen – Vrouwelijk Kosmos De hiërarchieën zijn gevormd tijdens de emanatie van de Hei- lige Geest. In het Universum vervullen zij vaak een compense- rende taak. In de VKK bestaat veel aandacht voor de hiërarchieën. Zij worden in de Heilige Mis benoemd volgens Pseudo-Dyonisius: Engelen en Aartsengelen, Tronen, Heerschappijen, Overheden, Machten en Krachten, Cherubim en Serafim. Heilige Mis Ook tijdens de Heilige Mis hebben Engelen een compense- rende taak. De engelen worden genoemd in het Asperges, de Prefatie, het Graduale, het Sanctus en de Herdenking der Hei- 11 Reflectie 10(4), winter 2013

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=