Reflectie 11(1) voorjaar 2014.vp

Tabel II – negen ondeugden en deugden type 1. Woede Sereniteit type 2. Trots Nederigheid type 3. Bedrog Oprechtheid type 4. Nijd Evenwichtigheid type 5. Hebzucht Niet hechten type 6. Angst Moed type 7.Onmatigheid Soberheid type 8. Lust Onschuld type 9. Luiheid Daadkracht Richard Rohr bijvoorbeeld, Franciscaans pater en enneagram- deskundige, beschrijft dat ieder enneagramtype ook wordt ge- kenmerkt door een wortelzonde (ondeugden), die een schei- ding met God kan veroorzaken. Het Goddelijke wordt dan ge- zien als de negen deugden. Gelukkig is er een weg terug rich- ting het Goddelijke; de weg van persoonlijke ontwikkeling. Ondeugden houden ons af van onze essentie. Door bewuste aandacht te richten op deugden, wordt onze essentie krachtiger zichtbaar en voelbaar. Volgens Pjotr D. Ouspensky (leerling van Gurdjieff) is ons hoger zelf ons Christusbewustzijn. Ouspensky beschrijft in zijn werk de ontwikkeling van het kleine/lagere zelf naar een hoger/ heilig bewustzijn, onze vergeten essentie. Zelfrealisatie is het op- nieuw ‘her-inneren’ van onze essentie, de Goddelijke Kracht. Nadat de Vredegroet, ‘De vrede van de Heer zij altijd met u’ is gegeven, bidt de celebrant hardop verder: “…Dat wij … altijd indachtig mogen zijn aan Uw Tegenwoordigheid in ons..” (2). Het Goddelijke in onszelf zouden we kunnen zien en erva- ren als ons specifieke hogere zelf, onze essentie. De negen ge- noemde deugden zijn samen de Goddelijke Kracht in ons. Het zijn negen facetten van God. Door binnen het Goddelijke ne- gen deugden te onderscheiden, maken we een individueel leer- pad richting zelfrealisatie heel concreet. De Goddelijke aspec- ten leven in ons en dat kunnen we ervaren als we stilstaan en ons bewust ‘her-inneren’. De deugden zijn er altijd al geweest. Door hieraan meer aandacht te geven kan in ons zich helder gaan manifesteren wat altijd al was. De Vredegroet bevestigt dit krachtig met “levende herinne- ring” en “Uw wondere liefde voor de mensheid”. Zelfrealisatie is enerzijds het ontwikkelen vanuit het lager zelf richting het hoger zelf van ons eigen type. Anderzijds is zelfrealisatie het vermogen om je aandacht te verplaatsen naar één van de andere acht typespecifieke brillen. Wanneer we dat doen groeien we uit tot stabielere mensen die meer en meer de kracht in zichzelf hervinden. Het enneagram als proces Gurdjieff heeft, zoals gemeld, ooit het enneagram als proces- model naar het westen gebracht. Destijds had het nog niet de vorm van persoonlijkheidstypering maar als negen fasen bin- nen een proces. Een mooi voorbeeld van een raakvlak tussen de VKK en het enneagram vinden we terug in de Adventstijd. In de Advent behandelen we thema’s: ‘Onderscheidingsvermogen’, ‘Zelfvergetelheid’, ‘Liefde’ en ‘Juist handelen’. Dit zijn allemaal thema’s van type 9. We kunnen type negen zien als een samenvatting van alle andere 8 typen omdat ze zich zo goed kunnen afstemmen op alle voor- gaande typen. Bijzonder om te ontdekken dat deze Advents- thema’s oplopen van respectievelijk valkuil naar kwaliteit richting het hogere zelf van type 9. ‘Onderscheidingsvermogen’ en ‘Zelfvergetelheid’ zijn thema’s waarin we type negen kunnen zien wegzakken. Men- sen die zich herkennen in type 9, beschrijven dit zelf als te veel kanten willen belichten waardoor het een uitdaging wordt om een knoop door te hakken. Het kenmerkt zich door een wollige wijze van communiceren zonder confronterend en hel- der te zijn. Zelfvergetelheid maakt juist dat deze mensen er voor anderen kunnen zijn. Echter, de balans raakt zoek als be- wustzijn van eigen behoefte, mening en weerbaarheid te weinig aanwezig zijn. ‘Liefde’ en ‘Juist handelen’ zijn de groeistappen die type negen kan maken. Liefde en waardering voor zichzelf ervaren is voor hen een enorme uitdaging. Daadkrachtig leren zijn om zaken aan te gaan die confronterend of niet comfortabel kun- nen zijn, is voor hen een leerpad. Die daadkracht is het ‘Juist handelen’; in het moment doen wat er te doen valt zonder ver- leid te worden door handelingen met minder prioriteit. Deze korte beschouwing van het leerpad van type negen past als laatste fase van het procesmodel prachtig bij de Adventstijd. Een periode waarin we naar binnen keren en ons opmaken voor een nieuwe start. Compassie voor onszelf en anderen Een andere Theosofische doelstelling: “Het vormen van een kern van de universele broederschap der mensheid, zonder on- derscheid van ras, geloof, geslacht, kaste of huidskleur”, toont ons het belang van compassie voor eenieder. Het enneagram geeft begrip voor de verscheidenheid waar- mee de andere 8 typespecifieke brillen naar de wereld kijken. Meer begrip maakt dat we met meer compassie naar onszelf en anderen kunnen kijken. We kunnen met mildheid observeren en reflecteren. Ook al stappen we regelmatig in de valkuilen van ons type, het helpt niet om dat te bekijken vanuit een waardeoordeel. Wel kan het bewustzijn van je typemechanis- me brengen dat je eerder bij de valkuilen stil kan staan. Vanuit die stilte kunnen we kiezen welke bril we opzetten in onze communicatie. Het begrip voor andere typen brengt ons ook dat we met compassie naar hen kunnen kijken. We begrijpen beter wat er zich intern afspeelt. Door dit inzicht kunnen we onze wijze van communiceren beter afstemmen op mensen om ons heen. Het enneagram leert ons typespecifieke ‘triggers’ en vanzelf- sprekendheden in communicatie tussen negen verschillende typen. Hierdoor leren we ons aan te passen aan anderen zonder aan onszelf voorbij te gaan. In de Akte van Geloof bidden we o.m.: “Wij weten dat we Hem het beste dienen, door naar ons beste vermogens onze broeders te dienen”. Begrip en compassie voor anderen ma- ken het mogelijk onze naasten te dienen. Wijsheid is een werkwoord Naast ‘model’ is het enneagram ook juist een ‘methode’ waar- mee we ons kunnen ontwikkelen. Juist door ‘doen’, door con- creet handelen, ontstaat kennis en ontstaat wijsheid. In dit artikel zijn enkele oefeningen in zelfobservatie ge- noemd en zo zijn er nog meer praktische handvatten om in ons dagelijks leven te leren en groeien aan de hand van het enneagram. 23 Reflectie 11(1), voorjaar 2014

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=