13(3)16

Reflectie jaargang 13nummer 3, herfst 2016 18 belangrijk ook altijd van elk iets in ons voedsel aanwezig te laten zijn. Dat betekent dat we elke smaak in ons voedsel aanwezig laten zijn omdat zij die dosha’s vertegenwoordi- gen. Dus in elkemaaltijd altijd zoet, zout, zuur, bitter, scherp enwrang. In de antroposofische voeding wordt er gewerkt met de mens in een driedeling: hoofd, ledematen en romp. Alle drie de delen horen in elke maaltijd te worden gevoed. En als je kijkt naar de voeding dan krijg je een plaatje dat omgekeerd op de mens wordt gelegd. Namelijk zo: wortels en knollen voeden het hoofd. Het hoofd staat voor voelen waar je bent, je positie bepalen, gebruiken wat je nodig hebt, checken of je op koers ligt, waar ben je op je eigen pad, e.d. En de wortels van de plant doen hetzelfde in de aarde. Hebben ze voldoende voeding, is de plaats goed, kan ze zichzelf volledig ontplooien of moet ze zich aanpassen aan tekorten. Ledematen staan voor de verbinding tussen de aarde en de kosmos. Als mens zoeken we altijd het licht. Ledematen staan voor beweging, het meebewegenmet wat er gebeurt, het omhoog groeien. Voedingmet blad- en stengeldelen ondersteunen hier onze rechtopstaande gang in de wereld. De romp staat voor de voortplanting en regeneratie, die wordt gevoedmet de voortplantingorganen van planten: de vruchten en de zaden. De antroposofie heeft aandacht voor de samenhang van de bestanddelen, veel aandacht voor de relatie met de omge- ving en stelt: dat wat jou voedt moet zelf goed gevoed zijn. Centraal staat bij antroposofische voeding: je ontwikkelt je aan je voeding . En centraal staat bij ayurvedische voeding: je voedt je met je voeding . Dat komt bijvoorbeeld ook naar voren door de nadruk op respect, vriendelijkheid, mildheid in het hier en nu. Paula-Willemijn: Hoe kwam je hiertoe? Ilse : Ooit was ik heel erg ziek en na best wel wat verbete- ring was het steeds alsof ik niet boven een bepaalde drem- pel uitkwam. Ik ging op een gegevenmoment aan de slag met voeding, daar had ik bet goede verhalen over gehoord. En ik ging vervolgens aan het werkmet een orthomolecu- lair arts, die me een eliminatie–provocatiedieet voorschreef. Toenmerkte ik hoeveel invloed voeding had. Niet alleen fysiekmaar zeker ookmentaal. Daar wilde ikmeer over weten. Toen ben ik de opleiding tot natuurvoedingskun- dige gaan volgen op de Kraaybeekerhof in Driebergen. De basis was antroposofische voeding. En daarnaast leerde ik over andere invloeden, zoals de ayurvedische leer. En tijdens de opleiding vond ik het: ik ga koken! Ik word geen diëtiste, ik word kok! Op de Groene Kookacademie in Utrecht ben ik opgeleid tot kok. Ik gebruik de Vegachecklist * ontwikkeld door Marion Pluimes en kook altijd combinaties en ik gebruik heel veel kruiden. Kruiden horen zo’n 5%van jemaaltijd te zijn. Je kan zeggen dat de groenten je basis verzorgenmet kool- hydraten, eiwitten en vetten, en dat de kruiden zorgen voor demineralenkant met hun concentraties aan vitamines en zonnekracht. De eerste keer dat ik ging kokenwas voor een yogaschool en ik vroeg: Willen jullie dat ik ayurvedisch kook? Het antwoord: Nou! Als dat zou kunnen! Ik benme zelfstandigmeer hierin gaan verdiepen en gaan- dedeweg is het echt ‘mijn’ mix geworden tussen antroposo- fische voeding en ayurvedische voeding. En eigenlijk ismijn vak onwijs leuk! Het is een ontdekkings- reis die nooit ophoudt! Paula-Willemijn: Heb je misschien een voorbeeld van hoe je een maaltijd samenstelt? Ilse : Ja, dat heb ik wel. Een voorbeeld van het samenstellen van de drie plantdelen doe je bijvoorbeeld zo: • als stengeldeel: bijvoorbeeld een ui; • voor het wortel- of knolbestanddeel: bijvoorbeeld aard- appel (die telt bij mij dus als groente), of peen of raapjes; • voor het blad: bijvoorbeeld groene bladsla, of bieslook of peterselie, of andijvie (nu verkrijgbaar), of witlof (wordt verkrijgbaar); • enals zaadvruchtenhierbij bijvoorbeeldkarwij, of komijn, of koriander. Dit is de essentie van de opbouw. Als je deze driegeleding gebruikt is het eigenlijk altijd lekker! Het is zo belangrijk: voeding is geen vulling! Paula-Willemijn: Dank je wel voor je mooie verhaal! Is er nog iets dat je wilt vertellen? Of toevoegen? Ilse : Het is zomooi, zo’n oeroude leer als bijvoorbeeld de ayurveda. Zo’n oeroude leer is zo’n goede basis omop terug te vallen als je het even niet meer weet. O ja, ik geef ook workshops en ik geef ook workshops aan basisschoolkinderen. Ik ben een kok op locatie. Dat bete- kent dat ik op locatie alle maaltijden kan bereiden, zoals ik in Naarden deed. En dat doe ik in heel Nederland. Paula-Willemijn: Hoe kunnen mensen je bereiken? Ilse : Ik ben het beste te bereiken via de e-mail van Lekker voor elkaar : lekkervoorelkaar@gmail.com . Bellen kan ook: 0651–633 270. Ilse Bonder, natuurvoedingskundige en kok . n De vegachecklist is te bestellen via: www.vegachecklist.nl . Paula-Willemijn van Rooijen Paula-Willemijn van Rooijen (1963) is zingevingstherapeut, auteur van ‘ Vragen omde dood ’ (2010), diaken in de Vrij-Katholieke Kerk, elektronicus, spreker van hondentaal, culinair thuis- chef, kunstenares, en onophoudelijk mateloos gefascineerd door de grond­ slagen van dit universum.

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=