13(3)16
Reflectie jaargang 13nummer 3, herfst 2016 7 dat woord al veel te beperkend is voor wat het is. We zouden de invulling van het woord Zoonmoeten beperken tot de betekenis van ‘voortgekomen uit’ en/of ‘openbaring van’, meer niet. Of: zichtbaar geworden van. God wordt zichtbaar, kenbaar, door de Zoon. De geliefde Zoon, de uit het Al voorgekomene draagt Zijn Naam. De Zoon draagt de Vader in zich. En het woordje Vader mag aangeven hoe innig de band is, namelijk: onlosmakelijk. En de Zoon, voor ons zichtbaar in Jezus Christus, is zich ten volle bewust van Zijn afkomst, is zich ten volle bewust van Zijn goddelijkheid en spreekt met ons daarover. Christus’ lering gaat louter overwiewewerkelijk zijn, kinde- ren van de Vader, die allemaal het Zoonschap als een kiem in zich dragen. En het zijn allemaal woorden, allemaal beelden die ons kunnen brengen bij wat eigenlijk niet te zeggen is. Alles wat Christus ons zegt in de woorden die van Hem zijn opgeschreven kan ons brengen naar de plaats waar we van- daan zijn gekomen; kan ons brengen naar het gebied, naar het bewustzijn waar we allen ons ware wezen ontvangen hebben... Soms sluiten lezingen werkelijk naadloos op elkaar aan. De tweede lezing begint nl. met de woorden ‘alle naturen, alle vormen en alle schepselen bestaan in enmet elkaar en ze zullenweer terug gevoerdworden tot hun eigenwortel...’ Anders gezegd: alles zal teruggevoerd worden tot daar waar het vandaan komt . En dan zegt Jezus de woorden: ‘ Zonde bestaat niet, maar het zijn jullie die de zonde maken. ’ En Petrus voelt aan dat we ergens iets niet begrijpen. Het lijkt of hij wil wetenhoehet komt datwe ons onze oorsprong niet bewust zijn, dat we geenweetmeer hebben vanwaarwe vandaan komen, dat we niet meer weten dat we in wezen goddelijk van geboorte zijn. En dan vraagt hij wat de zonde is. En in deze context mag je lezen dat zonde niets anders is dan vergeten wie je werkelijk bent, vergeten waar je van- daan komt en doen alsof je ergens anders hoort, alsof een andere, een door jou zelf geschapen wereld je werkelijke thuis is. En dat is wat we collectief doen. We leven in een door onszelf geschapen wereld waarin de dingen zijn zoals we denken dat ze zijn. En dat, lieve mensen, is een vaak mooie, lieve, aangename, ook verdrietige, onplezierige, agressieve maar ook gevaarlijke wereld, in die zin dat de misleiding voortdurend aanwezig is. En ook één, waar we vaak geen uitweg in vinden. Een wereld die ons maar al te echt en werkelijk voorkomt. En toch zegt Jezus: je houdt van wat je misleidt . En hij bedoelt, denk ik, je gelooft te veel in de werkelijkheid van wat eigenlijk de grote misleiding is . En daaromword je ziek, daaromga je dood. En Hij zou er zomaar aan toegevoegd kunnen hebben... je wordt ziek, omdat je in ziekte gelooft, je gaat dood omdat je in iets als dood gelooft... Ik weet het... ik begeef me op gevaarlijk terrein... En wat is dan het belangrijkste wat ons te doen staat? Leren inzien hoe we onszelf onze wereld scheppen. Ommet de woorden vanEckhart Tolle te spreken. Things are just stories. Everything around you is just a story. We geloven in de verha- len die we over onszelf vertellen. Zelfs zozeer dat we ons er volledigmee identificeren. We denken te zijn wat we over onszelf vertellen, we denken te zijn wat we hebbenmeege- maakt, we zijn onze ziektes, we zijn onze successen, we denkenmensen waar we van houden te verliezen door de dood. En ga zomaar door. We creëren onze eigen illusies en we zien het niet. Misschien is dat wel de grootste boodschap uit dit stukje Evangelie vanMariaMagdalena . Enmisschien is dat wel de grootste boodschap die we kunnen krijgen in dit leven. Dat we leven in een illusie en het niet zien. Een verhaaltje Er was eens een jonge man die door zijn vader naar een klooster werd gestuurd om er over God, de mens en de wereld te leren. Hij studeerde vele, vele jaren en nadat hij zijn studie had afgerond kwamhij weer naar huis. Zijn vader, een wijs man, vroeg hemwat hij allemaal geleerd had en de jonge man vertelde honderduit. Maar het leek of zijn vader niet heel erg blij was met wat zijn zoon allemaal vertelde. Hij zei hem evenmee te gaan naar buiten, de tuin in en hem te vertellen wat hij daar zag. Een appelboom... wat is er in die appelboom ... appels. Wil je voor mij een appel pluk- ken? De jonge man plukte een appel, niet begrijpend wat zijn vader daar numee wilde.‘ Hier is eenmes, ’ zei de vader ‘ Snij hem eens door... ’ De jonge man sneed de appel door en de vader vroeg weer: ‘ Wat zie je nu? ’ En de jonge man gaf een heel verhaal over, schillen, vruchtvlees en zaadjes. ‘ Snij dat zaadje eens door, ’ zei de vader. En het zaadje werd doorgesneden. ‘ Wat zie je nu? ’ En de zoon vertelde over een kiem en wat hij nogmeer zag. En de vader vroeg hem: ‘ En wat zie je nog meer? ’ De zoon keek hem vragend aan en zei: ‘ Niets... ik zie niets... ’ ‘ Wel, zoon, ’ zei de vader, ‘ Ga op zoek naar het niets en komme dan vertellen wat je hebt gevonden... ’ Eenmooi verhaal over hoe het ware, het werkelijke, het meest waarachtige in alle dingen verborgen is. Ook in onze wereld van illusie is het goddelijke voortdurend werkzaam aanwezig. En je kunt je afvragen: hoe dan? Hoe kunnen we vrede, liefde, harmonie, vreugde, waarheid en al die prach- tige eigenschappen die we goddelijk noemen nu werkzaam zien in deze wereld? Een wereld die er vaak zo anders uitziet. En hoe kunnen we weten dat al die mooie dingen ook in ons leven, dat we eruit gemaakt zijn? En het antwoord is heel simpel: door het zelf weg te geven... Hoe kunnen we ervaren dat we uit liefde gemaakt zijn? Door liefde te geven. Hoe kunnen we ervaren dat we uit vrede geboren zijn? Door de wereld vrede te geven. Hoe kunnen we ervaren dat we waarheid zijn? Door integer te zijn en voortdurend te zoeken naar de hoog- ste waarheid en kennis die we maar kunnen vinden in onszelf. Hoe leren we ons mededogen kennen? Door mededogend te zijn... Hoe kunnenwe ervaren dat we ten diepste wezen goddelijk zijn? Door onze goddelijkheid naar buiten te brengen... Laten we daarombidden dat we mogen opstaan uit onze wereld van illusie, leven naar onze hoogste principes en beetje bij beetje mogen ervaren wat ons werkelijke thuis is en wie we werkelijk zijn en aldoende onze diepste Naam mogen leren kennen. Moge het zo zijn voor alle wezens! Amen. n
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=