13(4)16

Reflectie jaargang 13nummer 3, herfst 2016 8 Refl ctie jaargang 13num er 4, winter 2016 Over de auteur Lydia Schaap (1957) vertelt over zichzelf: na jarenwerkzaamte zijn geweest inhetmiddel- baar onderwijs, ontdekte ik dat mijn leven steeds meer geleid werd naar creativiteit. Nu werk ikmet kinderen in de peuterleef- tijd, die mijn ‘meesters’ zijn. Zang , dans en poëzie zijn voor mij poorten naar het hart. Na het lezen van talloze boeken, volgen van studies op het gebied van spiritualiteit en religie en reizen naar krachtplekken opMoeder Aarde, begon ik geleidelijk aan te schrijven over wat mij innerlijk beroerde en wat ik zelf beleefde inmystieke ervaringen, beseffend dat alles te vinden is in de Stilte van het eigen Hart. En wij openen de poorten is het laatste schilderij, als inspira- tiebron voor een bijdrage aan Reflectie , uit de Sancta -serie van Nicholas Roerich. Het voelt als een apotheose van alle schilderijen die Roerich schilderde. Een allesomvattend, actueel thema: openen wij de deur naar ons hart, ons gevoel, onze compassie zodat wij in een staat komen van het ‘niet meer wetenmet ons verstand’? Hebben wij dan de moed door de ‘heilige’ poort te gaan en over de drempel van de leegte, die alle potentie in zich draagt, te stappen en het onbekende te omarmen? Of blijven we vasthouden aan het bekende, vertrouwde leven waar we zo gewend en misschien wel vast aan gehecht zijn? Het beeld van Roerichmaakt mij heel stil. Het voelt alsof alles is verwoord en nu slechts het niets, de stilte, rest in het beeld van de poort: op de voorgrond de wereld van alledag verbeeldend, gehuld in het donker en kijkend door de poort, op de achtergrond het lichtende vergezicht.. Het is aan ons, door bewustzijn, gewaar te zijn van de mogelijkheid ‘een andere werkelijkheid’ te kunnen betre- den, midden in de realiteit van het duister. Dat het duister lijkt, daar zijn we allen dagelijks getuigen van. De media wil niets liever ons daar éénzijdig van op de hoogte bren- gen. Door dagelijks ogenschijnlijke macht, geweld, leugen en bedrog de huiskamers in te braken. Omde angstpsycho- se, die er heerst, blijvend van voedsel te voorzien. Laten wij daaromwaakzaam zijn! ‘ Wie oren heeft om te horen, die hore. Wie ogen heeft om te zien, die ziet. ’ Alleen wijzelf kunnen onze voeten over die ‘heilige’ drem- pel zetten. Wat erachter de poort is? We weten het niet. Het is niet in woorden te vatten. Zoals Lao Tse het 2500 jaar geleden verwoordde: ‘ De Tao die je kunt vatten, is de Tao niet. ’ Zelfs beelden zijn vage afspiegelingen van wat zich ‘achter de poort’ zal voltrekken. Het speelt zich allemaal af in de subtiele, stille, zachte, intieme relatie die wij allen, als individu, kunnen hebbenmet ons innerlijk levende Ene Zelf, de soevereine Schepperbron. Daarom vraagt het grote moed alles los te laten wat bekend is en in de leegte, die onherroepelijk daarop volgt, toch te blijven vertrouwen. De kansberekening van het verstand, dat een inschatting maakt omdit of dat te doen, analyseswat ermogelijk zal zijn of zal gebeuren, motivaties en een jagen naar geluk omhet ongeluk (‘leuk’ en ‘niet leuk’) te omzeilen: eenmaal over de drempel van de poort is dit alles zinloos geworden en de mind , die hieraan vasthoudt, zal ons slechts terugwerpen door de poort, weer terug het donker in. Door levendig bewustzijn verblijvenwij ‘omniet’ in de ‘nieuwe’ open realiteit: naakt, niets, leeg, stil. Niet dat het dagelijkse er dan niet meer toe doet. Door de poort gaan vraagt juist omhet leven van alledag te omarmen. ‘De poort openen’ kan niet stiekemdoor de mind gebruikt worden om het dagelijkse te ontvluchten. Nee. Het vraagt omdiep af te dalen in de duisternis van de realiteit, maar wel kijkend van- uit die andere invalshoek. Vanuit het lichte, harmonische, vredige, stille, schone, heldere landschap, als wij vanaf de andere kant van de poort bewust de werkelijkheid waarne- men. Dan en alleen dan is onze poort open en stralenwij die vrede, harmonie en helderheid de wereld in. Niet dat wij iets ‘doen’. Het voltrekt zich aan ons. Moge dit heldere bewustzijn door ons heen klinken. Het UniVersum zingen vanuit onze lichaamscellen, als instru- ment, volmaakt (af)gestemd op dit Ene stille Lied. Enwij openen de poorten. n Enwij openen de poorten Lydia Schaap Illustratie: And we are opening the Gates van Nicholas Roerich (1922)

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=