14(4)17
Reflectie jaargang ı4 nummer 4, winter 20ı7 31 kerken, kathedralen, moskeeën, synago- gen, ashrams en andere Aardse vormen van bijeenkomst. Ware boodschappen werden echter niet gebracht. ’ Al met al één van de boeiendste boeken van Hiddinga, waaraan in de media helaas weinig aandacht wordt besteed. De boeken hebben een groot Aha Erleb- nis -gehalte, en soms leg je een boek even neer omde inhoud te latenbinnenkomen. Hopeloos hoopvol Belijdenissen van een postmoderne pelgrim Auteur: John D. Caputo Uitgever: Skandalon, 2017 ‘ Ik beveel dit werk bij u aan als één van de meest inspirerende en inzichtgevende teksten over de betekenis van geloven ,’ zegt Peter Rollins, schrijver van spraak- makende boeken als ‘ De orthodoxe ket- ter ’ en ‘ Verslaafd aan God ’ (zie de recen- sies van deze boeken in vorige nummers van Reflectie ). Een beoordeling die ik na lezing van dit boek volledig deel. John D. Caputo (1940) schrijft heel open over zijn spirituele reis van het katholie- ke jongetje in de jaren vijftig, dat graag naardesterrenstaarde,totdepostmoder- ne filosoof ‘ na de dood van God ’, die on- danks alles blijft hopen op het konink- rijk van God. ‘ Ik droom er niet van ,’ zegt hij, ‘ om religie af te schaffen. Ik probeer de religie te redden, niet alleen van haar critici, maar ook van haarzelf. Ik probeer iets bloot te leggen van wat er in religie gaande is, iets dat religie herbergt, zowel in de zin van “bewaakt” als in de zin van “verbergt”.’ Een religie zonder religie, Caputo is er al jaren naar op zoek, maar niet eerder be- schreef hij dit zopersoonlijk endoorleefd als in dit boek. Hij noemt het ‘de religie van de roos’. Het is een religie waarin hij met Meister Eckhart bidt of God ons ‘ wil bevrijden van God ’. Religie en beelden van God zijn al gauw obstakels; ze belem- meren ons om door te dringen tot het hart van religie. Hoop is een geest Het hoofdstuk ‘ Adieu God: bidden om ons te bevrijden van God ’ is veelzeggend voor hoe hij in het ‘geloof’ staat. Hij stelt in dit hoofdstuk de vraag: als God niet bestaat, hoe kan God dan God zijn? En: Wat voor zin heeft God dan? Wat kan God voor ons doen? Hoe kunnen we überhaupt spreken over God? En aan de andere kant: hoe kunnen we niet? Hoe kunnen wij niet- spreken over God? Spreken zonder te spreken? Als God niet bestaat, houdt het dan allemaal op? Is er niets in Gods naam? Godzijdank , stelt hij vast, is religie niet God . Religie bestaat, en behoort dus tot het domein van het voorwaardelijke en niet van het onvoorwaardelijke. God bestaat zoals we hebben gezien, met nogal veel aplomb en brengt een zee van voorwaarden met zich mee: codes, en dogma’s, instituties en protocollen en mensen met institutioneel gezag. Zijn conclusie is dat de God van de religie te groot is, te groots, een hemels Why- in-the-Sky voor alles hier op Aarde, om zonder ‘waarom’ te kunnen leven. ‘ God is zonder waarom, maar religie zit tjokvol waaroms en waartoes. De God van de religie is een veel te krachtige wervelwind voor de kwetsbare blaadjes van het geschenk. Een dergelijke God kan geen God zijn; we moeten af van zo’n God. Beter nog: omdat we zo’n taak nauwelijks aankunnen, hebben we God nodig om ons van [deze soort van] God te ontdoen .’ Caputo had het niet makkelijk met deze gedachtengang en ging op zoek naar troost voor deze beproeving. ‘ Het kan niet anders of anderen hebben ook in de- ze afgrond gekeken, in dit zwarte gat dat me zijn ingewanden inzuigt. Er móéten mensen zijn die dit eerder gesignaleerd hebben. Toen vond ik het, of liever gezegd: ik herinnerde het me uit de tijd van mijn kloosterleven en mijn fascinatie voor de mystici... ‘Laten we dus God bidden dat we vrij van God mogen zijn.’ [...] Ik ga zonder meer met Meister Eckhart mee als hij zegt dat het hoogste gebed, het Gebed der Gebeden, bestaat uit de vraag aan God of hij ons alsjeblieft wil bevrijden van God. God zij gedankt voor Meister Eckhart, wiens God alleen God is als Hij bevrijd is van God .’ Het zijn doordenkertjes, maar wel mooie, die het boek heel zinvol maken. Aan het eind van Hopeloos hoopvol spreekt Caputo over die hoop: ‘ Hoop is een geest, een adem, de ademhaling van Gods geest, van Gods oproep, die ernaar verlangt werkelijkheid te worden. Hoop durft te zeggen: ‘kom’, durft te bidden: ‘kom’, tegen wat het niet kan zien komen. Hoop is de hoop op de belofte van de wereld, die gegraveerd staat in de mate- rie, ergens in een uithoek van de kosmos, een roos die ongezien bloeit, die ‘bloeit omdat ze bloeit’, zonder waarom .’ ‘ Hopeloos hoopvol ’ is een humoristisch, toegankelijk èn diepgaand spiritueel werk van een toonaangevende filosoof. In de autobiografische stukken toont Caputo zich op zijn kwetsbaarst, in de theologische en filosofische fragmenten is hij op z’n scherpst. Het zou mooi zijn om dit boek tijdens VKK gemeente-avondenmet elkaar te bespre- ken; het raakt immers onze kerk en ons gelovig zijn? Vrede dichterbij Wijsheid voor verwarde tijden Auteur: Hein Stufkens Uitgever: Bres/Edicola, 2017 In 2002 verscheen bij Ankh-Hermes Stufkens’ boek ‘ In vrede leven , een gids voor gelijkmoedigheid ’, waarin hij laat zien zijn hoe ieder van ons een bron van vrede kan zijn in zijn of haar directe omgeving, en zo een unieke bijdrage kan leveren aan vrede in de wereld. Gelijkmoedigheid speelt daarbij een belangrijke rol. In dit nieuwe, recent bij uitgeverij Bres verschenen, boek ‘ Vrede dichterbij ’ wil Stufkens die vrede werkelijk dichterbij brengen. En handreikingen en oefeningen bieden om meer in vrede te leven met jezelf en anderen, en zo een bron van vrede te worden in deze woelige wereld. Als een rode draad loopt door dit boek de oproep tot gelijkmoedigheid, die kwaliteit die al sinds de Oudheid door filosofen en mystici wordt aanbevolen als de kortste weg naar vrede. ‘ De bron van de onvrede die op onze flat- screens dagelijks onze huiskamers binnen- komt, die ligt ,’ zo zegt Stufkens, ‘ in de innerlijke conflicten van ieder van ons. De onvrede in de wereld weerspiegelt onze eigen onvrede. En omgekeerd geldt: als we zelf tot vrede komen dan zal dat doorwerken in de wereld . We zijn niet machteloos... ieder van ons kan een bijdrage leveren aan de vrede door zèlf een bron van vrede, liefde, mede- dogen en gelijkmoedigheid te worden. Wie zichzelf heeft leren kennen en lief- hebben, die zal minder de neiging hebben te oordelen over anderen en zal zijn of haar innerlijke conflicten niet meer op de buitenwereld projecteren .’ Hein Stufkens wijst in dit inspirerende boek op het bestaan van zoiets als ‘ het
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=