14(4)17

5 De rivier de Styx was in de klassieke Griekse mytholo- gie de grens tussen de wereld van de levenden en de wereld van de doden. Wie erin werd gedompeld die was onkwetsbaar voor de dood, zo vertelt het verhaal over Achilles. En wie eenmaal gestorven was die werd door de geheimzinnige veerman Charon naar Eros en Thanatos naar de overkant gebracht. Jansen schreef erover in zijn mooie en ontroerende boekje ‘ Zingen aan de Styx ’. Zijn gedichten hierin hebben mij diep geraakt. Hij verwoordt het leven in al zijn facetten, waarbij hij ook zichtbaar maakt hoe ziekte, sterven en dood onlosmakelijk met elkaar verweven zijn. De gedichten zijn van een mystieke schoonheid. Wim Jansen is een theoloog, schrijver en pastor, die mensen wil gidsen door de vaak verwarrende gevoe- lens in de hoogtepunten en dieptepunten van het leven. Ook en vooral in zijn persoonlijke leven is hem het nodige overkomen, om te beginnen een bijzondere liefde, maar ook ziektes, van depressie tot hartinfarct (dit laatste twee keer) ¹ en hij schreef hierover treffende gedichten. Voor de Amerikaanse dichter Christian Wiman was het leven na zijn ziekte eveneens nooit meer zoals het was. Zijn ziekte en zware behandelingen brachten allerlei oude zekerheden aan het wankelen. ‘ Ik ben door pijnen heengegaan die ik me nooit heb kunnen voorstellen, pijnen die al mijn gedachten over God in de as leken te leggen en die me daar lieten liggen. In de as; alleen. Ik ben zelfs van mijn vrouw geïsoleerd geraakt, ook al was haar liefde constant, net als de mijne. Ik ben teruggekomen, zo lang als het duurt, hongeriger zelfs naar God, naar Christus, naar alle moeilijke zegeningen van dit leven. ’ Zijn ziekte bracht allerlei oude zekerheden aan het wankelen. Nieuwe inzichten werden geboren. Zoals: ‘ God is niet de uitkomst van leven en denken, het leven is de uitkomst van God .’ En: ‘ Christus spreekt in verhalen omdat het bestaan niet een puzzel is om op te lossen, maar een vertelling die we erven .’ Geregeld lag Wiman op het randje van de dood. Een bijna-doodervaring, compleet met lichttunnels, heeft hij echter nooit gehad. Wel iets anders. Als hij terug- keert uit de narcose, morfineverdoving, de totale uit- putting na een chemokuur, wordt hij steeds weer over- vallen door een ‘bijna afgrondelijk levensbesef’. Wiman schrijft: ‘ God manifesteert zich onophoudelijk als leven. Maar er is ook een grote moeheid. En angst en woede .’ ² Plaatsvervangers voor de echte ervaring Mijn goede vriend en buurman Karel Wellinghoff (79) onderging een zware hartoperatie en lijkt hetzelfde er- varen te hebben als Christian Wiman en Wim Jansen: ‘ Ik werd wakker in een antracietgrijze sfeer in een geradbraakt lichaam dat met allerlei apparaten verbonden was: een zuur- stofmasker, een katheter, bedradingen met zuignappen op mijn lichaam, een hartslagmeter, enz. Er stonden stellages, monitors, een computer, etc. rond mijn bed. Ik was volstrekt alleen en staarde in die grijszwarte achtergrond. Dan weer doemde er een muur op, die veranderde in donker water. Gezichten verschenen daarin. Er was een beweging die me wilde meevoeren, maar daar gaf ik niet aan toe en ik probeer- de op één punt gericht te blijven. Er was veel pijn; ik kon niet bewegen, het was een nachtmerrie .’ Reflectie jaargang ı4 nummer 4, winter 20ı7 In deze donkere dagen met het uitzicht op de lengende tijd staan we tijdens de kerstvieringen stil bij het Licht dat de wereld kwam verlichten, maar vooral ook bij onze innerlijke verlichting na een periode van donkerte (en soms ook leegte). Voor een ervaringskerk is dat een belangrijk gegeven en in deze Reflectie wijzen we dan ook op boeken waarin mensen na zware ziektes door die leegte heen gingen, waardoor ze als het ware ge- reset werden. Hoe is het om te vertoeven ‘aan de oever van de Styx’, de mystieke rivier die de grens vormde tussen leven en dood in de Griekse mythologie? Bijvoorbeeld door ziekte, en hoe voel je je daarna? Het overkwam onder anderen Wim Jansen; hij ontdekte dat je juist in het grensgebied van dood en leven een intense godsbeleving kunt ondergaan, vol troost, rust, schoonheid en liefde. Het inspireerde hem tot mystieke poëzie waarin God, de natuur, dood en leven volop worden bezongen. Afdalen in nacht en leegte... een niet herkende inwijding? Aat-Lambèrt de Kwant

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=