15(1)18

Reflectie jaargang ı5 nummer 1, voorjaar 20ı8 30 de stijl kan deze psychologische roman, waarin behalve psychologische, filosofi- sche en soms ook spirituele thema’s ter sprake komen, een breed lezerspubliek zeker boeien. Mooi is ook hoe De La Porte ook kunst in zijn boek verwerkt, zoals blijkt uit navolgend citaat. ‘ Dit vind ik een mooi moment. ’ Ik opende mijn handen en wees om me heen. Haar ronde ogen straalden en ik was blij dat ik op Jaspers aandringen was ingegaan. ‘Mooie momenten zijn de belangrijkste momenten. Mooie momenten bieden emotie en emoties laten je voelen dat je bestaat. Misschien was het wel dáárom dat de impressionisten probeerden om het enkele moment uit de tijd te isoleren. Hoewel dat natuurlijk onmogelijk is, want tijd op zichzelf is een abstract gegeven. Je kunt er niet een stukje van pakken, dat in je handen houden en het vervolgens beschouwen .’ Ik keek het restaurant rond en stelde me voor dat ik een greep zou doen uit die werkelijkheid, een fragment door m’n handen zou laten gaan, zoals je een steen door je handen kon laten rollen. Een brokstuk van een prachtig ogenblik, een seconde uit de geschiedenis, de blik van het kaasmeisje, het uitzicht op de Dents of de bocht in ‘ La Corniche ’. Maar gelukkig kon zij daar niets van weten. ‘ En dat is jammer ’, ging ik verder. ‘ De tijd glijdt in één stuk aan ons voorbij, waardoor die mooie momen- ten veel te snel worden overgenomen door het ontoegankelijke schimmenrijk van het verleden. De impressionisten hadden een manier gevonden om die stukjes los te weken uit de realiteit. Ze wachtten op het juiste moment en wanneer dat zich eindelijk aandiende, wisten ze het te vangen in een beeld. Claude Monet was daar een meester in .’ Maar in een moment mag je niet blijven leven. De werkelijkheid stopt niet, de werkelijkheid gaat altijd maar door. De titel van de roman verwijst naar het Bijbelse verhaal in het Oude Testament (Daniël 5). ‘ Mené, mené tekèl ufarsin ’ is de boodschap die een zwevende hand op de muur schrijft, bestemd voor Bel- sazar, de gewaande koning van Babylon. Overigens een scene die treffend is weer- gegeven door Rembrandt. Geteld, gewogen, gebroken Auteur: Erik de la Porte Uitgever: Erik de la Porte, 2017 ‘ Alles waaruit ik bestond, was gebroken. In miljoenen stukjes uiteengevallen hing ik in de ruimte. Zowel de uiterlijke als de innerlijke wereld bestond uit niets anders dan een zwarte leegte. En toch ontwaar- de ik nog iets van een Zijn . Een gegeven natuur die ik nog niet kon begrijpen .’ Enkele pakkende zinnen uit het slot van de recent verschenen, geslaagde debuut- roman ‘ Geteld, gewogen, gebroken ’ van schrijver, kunsthistoricus en blogger Erik de la Porte. Op een onwereldse plek wordt de hoofd- persoon gewekt door een vrouw die zich voorstelt als zijn psychiater. Haar diagno- se luidt geheugenverlies . Geïsoleerd van de buitenwereld moet hij, aan de hand vanzijndagboek, zijnverlorengeschiede- nis samen met haar zien te heroveren. Het verleden keert langzaam terug. Een wandeltocht door de bergen en een uit- zonderlijke liefde vormen de spil, maar de aard van het sprookje, dat uit het duister opduikt, contrasteert met de onafwendbare catastrofe die over de schouder van die geschiedenis meekijkt. De la Porte beschrijft indringend een zoektocht naar antwoorden die alles in perspectief zet. Vriendschap, liefde en opvoeding, niets is wat het lijkt. De drei- gende wolk, die aan de horizon van het verhaal onafwendbaar naderbij komt, maskeert misschien wel een andere ramp dan je zou vermoeden. De hoofdpersoon leidt een rijk bestaan met een lieve maar wat aparte moeder, maar wel eentje die hem wel steeds wezenlijke vragen stelt. Een even eigenwijze vriendin en een vriend nemen hem mee voor een berg- wandeling door de Lechtaler Alpen. Op zoek naar stilte, natuur en mooie uitzichten komen diepgaande gesprek- ken op gang. De bergen zijn schitterend maar de natuur is meedogenloos, zo blijkt. Vluchten kan niet meer; het pad dat ze hebben gekozen moet worden gelopen, maar is het is de vraag of de ik -persoon daar wel toe in staat is. En daar gaat het in deze debuutroman om: de weg moet worden afgelegd . Door de toegankelijke, uitstekend uitgepuur- vragen en problemen. Zelf kreeg ik ook geen antwoorden op mijn vragen, en ik worstelde ook met problematiek in mijn hoofd waartegen ik totaal niet was op- gewassen. Vestdijk schreef terecht over de naweeën en de schok van de oorlog en de gevolgen van het wegvallen van de religie. Dat was een heel dramatisch gebeuren en zeker in de omgeving waarin ik zat .’ Mondiale ommekeer Na de dood van God en de teloorgang van de grote verhalen zag de wereld op- eens de terugkeer van God in zijn meest radicale gedaante, als het islamitisch terrorisme , die leidde tot de mondiale ommekeer die eigen is aan deze tijd. ‘ Het is misschien ook wel het drama van mijn generatie, die na de oorlog opgroei- de in het perspectief van alsmaar groei- ende welvaart en gestaag groeiende secularisering. Wat heeft dit alles bete- kend voor de psyche van de mens? ’ Dat vraagt Mous zich af, die in het ver- leden teksten schreef over de rol van religie en secularisering... Onder meer naar aanleiding van zijn eigen plotselin­ ge psychose, waardoor hij in 1966 werd getroffen, vlak voor zijn adolescentie. En die had alles te maken met het snelle afscheid van het katholieke wereldbeeld van zijn jeugd. Zijn boek richt zich dan ook op een wellicht vergelijkbare crisis waar- mee jonge adolescenten geconfronteerd worden als ze zich op het breukvlak van twee culturen bevinden. Hoe divers de processen van radicalise- ring ook kunnen verlopen, telkens weer lijkt er sprake te zijn van intense vervreem- ding, waarmee jonge adolescenten te kampen hebben. Die vervreemding hoeft niet alleen betrekking te hebben op een psychische problematiek, zoals onzeker- heid over de eigen identiteit of de plaats in de samenleving, maar kan ook dieper grijpen naar problemen die eigen zijn aan het bestaan zelf. Tot slot geeft Mous een aantal praktische aanbevelingen voor mensen die werken in de geestelijke gezondheidszorg of die op ander wijze beroepsmatig met deze problematiek worden geconfronteerd. Jihad of verstandsverbijstering is een boeiend, confronterend maar ook veront- rustend boek, waarin Huub Mous wezen- lijke thema’s aansnijdt. ‘ We beleven een tijd van het grote heimwee naar geborgenheid, maar alle wegen die daarnaar terugleiden lijken voorgoed versperd. Ook voor mijzelf. Religie is uit mijn leven verdwenen, maar het verlangen ernaar is blijven bestaan. Van dat gemis werd ik mij eens te meer bewust bij het schrijven van dit boek .’

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=