Reflectie 3(4).vp

Boekeninfo Lambèrt de Kwant Gijs Dingemans: Ietsisme. Een basis voor christelijke spiritualiteit . Kok, 2005 Alle volken op aarde hebben het besef gehad dat er achter of diep binnen in onze werkelijkheid een huiveringwekkende, overweldigende, ondoorgrondelijke en alles bepalende macht bestaat, die wij - in de terminologie van Karl Rudolf Otto ervaren als het mysterium fasci- nosum- het ‘gans andere’, het ‘bevreemdende’ dat ons tot op het bot fascineert en bezighoudt. Maar tegelijk beleven wij die macht als mys- terium tremendum – het is een ervaring van ‘Unheimlichkeit’ die ons doet huiveren, omdat we die macht niet kunnen doorzien. En zeker niet in onze macht kunnen krijgen . [Gijs Dingemans: Ietsisme, blz. 14] Hoewel dit boeiende boek vorig jaar verscheen, willen wij er in deze rubriek graag nog eens de aandacht op vestigen. Als V.K. Kerk hebben we immers vaak bezoek van “zwevende” bezoekers” die je eigenlijk ook tot “íetsisten” zou kunnen rekenen. Uit onderzoek van dagblad Trouw blijkt, dat bijna 40 procent van de Nederlanders zichzelf tot deze ‘ietsisten’ rekent. Daarmee bedoelen ze dan dat ze een geloof aanhangen met een vaag godsbegrip. Hebben we het hier over een marginaal, leeg geloof of is het slechts een nieuwe naam voor een gevoel dat de mens altijd heeft gehad? Het ietsisme, als term geïntroduceerd door de moleculair bioloog Ronald Plasterk, lijkt z’n tienduizenden te verslaan. Blijkens een on- langs gepubliceerd onderzoek is het de religie van de meerderheid der nu levende Nederlanders. Voor de atheïst is het ‘ietsisme’ een opnieuw de-kop-opsteken van een infantiel restverschijnsel van de premoderne culturen. Voor menig gelovige is het een nieuw religieus bewustzijn dat mijlenver afstaat van het eigen traditionele geloof. Gijs Dingemans laat in zijn boek “ Ietsisme ” zien wat de achter- gronden van dit ‘ietsisme’ zijn en hoe het kan aansluiten bij een christelijke spiritualiteit In zijn boek wijst Dingemans op de mythologische spreekwijze die ook veel ouder is en gaat over de totaliteit van het bestaan: over de grond en de zin van het leven en richt zich op het eeuwige en univer- sele, zoals dat tot uiting komt in het individuele en bijzondere. Men richt zich niet zozeer op de fenomenologische buitenkant van de feiten, maar meer op de diepere betekenis van de dingen, de factoren achter of binnenin de alledaagse werkelijkheid. De mythe is niet primair rationeel, maar meer intuïtief. In onze tijd doen zich echter twee grote problemen voor met de meer rationele spreekwijze. Sinds de opkomst van de kwantummechanica en de nanotechniek blijken eenvoudige mathematische modellen de werkelijkheid niet meer adequaat te kunnen omschrijven. Toch is er ook met de mythos een probleem. Volgens Dingemans is het probleem van de mythos zowel de vaagheid van de terminologie en de verklaringsgronden als de beperkte geldigheid. Wat de een voelt, hoeft de ander niet te beleven. In onze postmoderne tijd zijn grote zingevingskaders weggevallen en komt de mythe in het individuele leven van de burgers weer terug als reactie op de overaccentuering van de Logos. Men zoekt de mythos in oosterse godsdiensten, New Age en nieuwe rituelen rondom dood en begrafenis, etc. Elders in zijn boek wijst hij erop dat mensen die zeg- gen dat er wel “íets” moet zijn boven of achter onze werkelijkheid, over het algemeen geen grote filosofische belangstelling hebben – ze willen weten of er ‘érgens’ een instantie is die onze wereld in de gaten houdt. “Is er ‘iets’ of ‘iemand’ die de regie voert?” Is God opgewassen tegen het onheil in de natuur en tegen het morele kwaad?” Volgens Dingemans is het echter niet vanzelfsprekend dat God de absolute regie over het leven heeft. God grijpt niet in door kracht of geweld, maar door overtuigingskracht van zijn inzet en liefde. Er is geen supernatuurlijk stuurmechanisme, dat onze wereld in het goede spoor houdt. Er is alleen een stem die ons de weg wijst - vermanend, troostend en bemoedigend. Dit gaan steeds meer mensen beseffen. We moeten er dan ook rekening mee houden, dat veel mensen in de toekomst hun eigen vormen van spiritualiteit zullen vinden. Naast het functioneren van centra van spiritualiteit zal in de toekomst de nadruk steeds meer gelegd worden op allerlei individuele vormen van betrok- kenheid op het Heilige. Veel religieuze mensen zullen hun leven er- varen als een soort pelgrimage door de tijd. Dat zal zich bij sommigen uiten in een concentratie op de plaatsen waar de Eeuwige zich laat vinden in centra van spiritualiteit . Men zal af en toe bijeenkomsten bezoeken, televisieprogramma’s bekijken, of boeken lezen die verder kunnen helpen bij de persoonlijke inkleuring van het leven. Veel men- sen zullen zich willen voegen in het Grote Energieveld van de Schep- per en zich concentreren op praktische vormen van christendom vol- gens de overgeleverde christelijke tradities van de navolging van Jezus. De auteur biedt in zijn boek ten slotte een boeiende analyse van ietsisme en ietsisten. Ietisten, die vermoeden dat er ‘iets’ moet zijn achter onze werkelijkheid, verwijzen dikwijls naar de energie en de groeiende kracht in en achter de natuur. Ze zijn gefascineerd door de scheppende orde in de chaos, waardoor alles is ontstaan wat ontstaan is. Ze zien overal om zich heen de tekenen van het Grote Mysterie, dat voortdurend zorgt voor nieuw leven. Voor veel mensen is het daarom maar een kleine stap om het Mysterie achter de evolutionaire ontwik- kelingen en de levenskrachten van de natuur “God” te noemen. Veel religieuze spiritualiteit wortelt in dit besef van een kracht, een energie- veld, dat onze werkelijkheid draagt. Veel mensen noemen die natuur- lijke levenskracht zelf ‘God’ of goddelijk. Zelf zou Dingemans er liever voor kiezen om de wetmatigheden van het fysische substraat en de groeikracht van de biologische natuur toe te schrijven aan Gods wijs- heid. Toch is zijn conclusie dat ietsisme een basis kan zijn voor chris- telijke spiritualiteit. In de visie van Dingemans krijgt het ietsisme een veel ‘dikkere’ betekenis. Grootser, mee-slepender. Hij schrijft aan het slot van zijn boek: ‘Ik geloof inderdaad dat er ‘Iets’ is wat ons op in- drukwekkende en overweldigende wijze omvat, aanspreekt, beïnvloedt en uitdaagt. Een onvoorstelbare kracht, een Energieveld. Voorzichtig heb ik geprobeerd dat mysterie een naam te geven: ‘de Onnoembare’, de ‘Ondoorgrondelijke’, de ‘Heilige’, de ‘Aanwezige’, of de goddelijke Geest. Een moedig en toegankelijk geschreven boek, dat ook de nodige vragen oproept. In zijn eerder verschenen boek “ De stem van de roepende doet Dingemans een poging om de oude geloofsformu- leringen die veelal achterhaald zijn door onze rationele, door weten- schap en economie beheerste manier van leven, om te zetten in de taal en voorstellingswereld van onze tijd. Deze recensie zou daarom een aanzet kunnen zijn tot een discussie c.q. reactie op ietsisme in het algemeen en op het boek van Dingemans in het bijzonder. Dingemans zelf blijft in de christelijke traditie staan, wel zoekend en vanuit die traditie in gesprek proberen te komen met mensen die zich ietsist noemen. Zie ook: Kune Biezeveld, Theo de Boer, Marjoleine de Vos, Gijs Dingemans e.a. In iets geloven. Ietsisme in het christelijk geloof. Een bundeling van de Leidse lezingen dit jaar over Ietsieme c.q. over het boek van Gijs Dingemans. Kok, Kampen 2006 Marcel Messing: Worden wij eindelijk wakker? Over de verborgen krachten achter het wereldtoneel. Ankh Hermes 2006. Soms zijn er van die boeken die mateloos boeien, die je niet los laten, maar waar je ook zo je vragen over hebt. Het genoemde boek is er zo een. Velen roemen het World Wide Web (internet) web, anderen kijken er kritisch naar. Weinigen beseffen echter welke macht hierachter staat: die van het apocalyptische Beest, verbonden met het getal 666. Deze tegenkracht probeert op alle mogelijke manieren de spirituele evolutie van de mens tegen te houden. Totale controle, implantatie van de micro- chip, Big Brothertechnieken en bewustzijnsmanipulatie behoren tot het scenario, waarin internet een centrale rol speelt. In plaats van een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, verbonden met de ascensie van onze planeet rond 2012, pogen de tegenkrachten een “Nieuwe wereld- orde” te vestigen, waarin de mens tot slaaf geworden is. In zijn boek wil Messing laten zien hoe de eens gevallen enge- len, bekend als “wachters”, de verborgen krachten zijn achter de hui- dige wereldsituatie. Door inzicht, bewustwording, licht en liefde kunnen we een tegenwicht vormen tegen deze duistere krachten en zo misschien een wereldcatastrofe voorkomen. De mens staat in het huidige stadium van evolutie voor een sprong in het bewustzijn, maar het lijkt alsof tegenkrachten proberen een andere wereldorde te vestigen, waarin de spirituele vrijheid van de mens juist wordt ondermijnd. Volgens Messing is er echter veel hulp. De mens wordt omgeven door het Licht zelf en door vele lichtwezens, die ons steeds ondersteunen, als we onze verantwoordelijkheid maar durven te nemen. Ondersteuning voor mensen die bereid zijn goed en kwaad te onderscheiden én daar bovenuit te stijgen Het boek biedt een op zich prima overzicht van de drastische inperking van de privacy in ruil voor meer veiligheid in ‘de oorlog tegen terreur’. Veel informatie over de mogelijkheden en toepassingen van 25 Reflectie 3(4) winter 2006

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=