Reflectie 5(2).vp

Wetenschap en spiritualiteit naderen elkaar ‘Godservaring een zaak van vurende neuronen’? Lambèrt de Kwant Onlangs heb geboeid zitten kijken naar een heel genuanceerd programma van Discovery Science over bijna-doodervaringen. Hierin kwamen tal van wetenschappers aan het woord, ook wetenschappers die heel kritisch staan tegenover BDE’s. Er zijn onderzoeken naar BDE’s gaande die zo’n twintig jaar ge- leden nog voor onmogelijk werden gehouden. Onderzoeken die Pim van Lommels boek Eindeloos Bewustzijn alleen maar bevestigen. Zo wees één van de onderzoekers, dr. Sam Parnia, erop dat ons bewustzijn niet huist in levende hersencellen, maar in de patronen van atomen waaruit de cellen bestaan. Parnia is een van de toonaangevende medische onderzoekers naar bijna-doodervaringen. Net als van Lommel, Bruce Grey- son en Janet Schwaninger, heeft hij een prospectief onderzoek uitgevoerd naar BDE’s bij mensen die een hartstilstand had- den ondergaan. Studies hebben inderdaad uitgewezen dat als de hersenen stil vallen ons bewustzijn wellicht blijft doorfunc- tioneren. Voor mensen die een BDE hadden, is zo’n weten- schappelijke bevestiging irrelevant. Ze weten immers dat er echt een spiritueel ‘ik’ bestaat dat verbonden is met ‘iets’ an- ders. Voor de meeste wetenschappers zijn ‘tunnelervaringen’, gesprekken met geesten, wezens van Licht of God, nog geen bewijs dat we de fysieke dood overleven. Daarom was het boeiend te zien hoe de Canadese neuropsycholoog Dr. Micha- el A. Persinger met zijn experimenten BDE-gevoelens wil op oproepen. Proefpersonen krijgen een helm opgezet waar klei- ne elektromagneten op aangebracht zijn. Hij beïnvloedt de ze- nuwcellen in de hersenen met magnetische signalen en wekt daarmee mystieke ervaringen op. Persinger komt op basis van zijn onderzoek tot de conclusie dat de mystieke of religieuze ervaring een neurologisch feno- meen is. “Ik doe geen uitspraak over het al dan niet bestaan van God, maar de godservaring is in ieder geval een zaak van vu- rende neuronen”. Eén van de proefpersonen zei wel enige raak- vlakken met de BDE gevoeld te hebben, maar dat zijn BDE zelf veel intenser en veel diepgaander was. Persinger zei in een in- terview: “Ik was op zoek naar het Zelf in de hersenen en vond God”. Hij onderzoekt al jaren de hersenstructuren die verant- woordelijk zijn voor het zelfbeeld. Ergens in het brein worden de signalen die van de zintuigen komen, gecombineerd met de interne signalen van de hersenen. Een complex proces waaruit uiteindelijk het zelfbeeld van ieder mens ontstaat. In beeld kwam ook Dr. Mario Beauregard, hersenweten- schapper aan de universiteit. van Montreal. In Canada heeft hij met een MRI-hersenscanapparaat hersenen onderzocht, om na te gaan wat er te zien is bij mensen die een BDE hebben ge- had. Uit dit zeer recente onderzoek, voorjaar 2007, bleek dat er opmerkelijke uitkomsten naar voren komen. Eén van de proefpersonen die in het programma aan het woord kwamen, beweert dat hij nog dagelijks contact heeft met dat wezen van licht. In het experiment werd hij gescand toen hij in contact probeerde te komen of één probeerde te worden met dat wezen van licht. Beauregard denkt te kunnen bewijzen dat de hersenen van mensen met een BDE anders zijn dan die van anderen en dat hun brein fysieke veranderin- gen vertoont. De patronen die hij zag, zijn bijzonder. Hij be- studeerde van vijf BDe’ers de EEG-patronen. De conclusie was, dat er bij hen, vergeleken met de algemene populatie veel meer delta- en thetagolven werden gevonden als ze in een toe- stand van rust verkeerden. Volgens hem zou dit erop kunnen wijzen dat een BDE een flinke verschuiving in de hersenacti- viteit veroorzaakt. BDE’ers zouden spiritueel en psychisch door hun BDE veranderd zijn. De meeste wetenschappers kun- nen en willen hier nog niets mee en sluiten hun ogen voor der- gelijke conclusies en ontdekkingen, waarvan er steeds meer zullen gaan komen. Machteloos bijverschijnsel De publicist Titus Rivas wees er in dit verband onlangs terecht op, dat veel natuurwetenschappelijk georiënteerde psychologen zich kennelijk lijken te schamen voor de psyche. “Ook al zijn de dagen van het harde behaviorisme inmiddels definitief voorbij, veel psychologen hebben het liever over computationele mecha- nismen en onbewuste cognitie dan over de invloed van het be- wustzijn op het gedrag. Velen proberen het bewustzijn zelfs af te doen als een machteloos bijverschijnsel (epifenomeen) van her- senprocessen. Er is lange tijd ook gesteld dat er helemaal geen be- wijsmateriaal zou bestaan voor de invloed van de bewuste geest op het brein. Rivas wijst in dit verband op een artikel Mind does really matter in Progress in Neurobiology . De eerder genoemde Dr. Mario Beauregard geeft hierin een overzicht van allerlei expe- rimenten die aantonen hoe groot de impact van het bewustzijn op neurologische processen kan zijn. Het gaat onder andere om meetbare effecten op neurologische processen die betrokken zijn bij emoties, pijnbeleving, waarneming en beweging. Rivas heeft hem gevraagd of het misschien mogelijk is deze resultaten weg te verklaren door de invloed van onbe- wuste denkprocessen. Rivas: “Hoewel Beauregard uiteraard erkent dat onbewuste processen een rol kunnen spelen, bena- drukte hij toch dat het bij deze experimenten overduidelijk om de invloed van bewuste gedachten als zodanig gaat. Hij be- doelt dat je de inhoud van die gedachten in elk geval niet terug kunt vinden op neurologisch niveau.” Met Titus Rivas hoop ik dat dit artikel van Beauregard veel invloed zal hebben, zodat ook natuurwetenschappelijk geori- ënteerde psychologen meer werk durven te maken van een re- alistisch mensbeeld. Een mensbeeld dat bovendien veel waar- diger is dan dat van het epifenomenalisme en materialisme. Wereldwijde wetenschappelijke onderzoeken Ik keek naar het Discovery programma, nadat ik in een column voor Terugkeer al gewezen had op de wereldwijde, wetenschap- pelijke onderzoeken naar BDE’s. En prompt kwam ik al zappend

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=