Reflectie-18.vp
lijkheid gevormd wordt, maar zelfs een zelfstandig ik met een eigen bewustzijn. De persoonlijkheid is dus niet iemand an- ders, maar een deel van iemands eigen psychologische struc- tuur die tijdelijk bewust kan worden. Onbewuste motieven kunnen zich soms ook uiten in onverwachte handelingen waarvan je zelf niet begrijpt waarom je die verricht. Een vergelijkbaar verschijnsel vormt de meest voor de hand liggende niet-materialistische verklaring voor wat we bij split-brain-experimenten zien. Stel dat een ziel (in elk geval bij dit soort experimenten) door het doorsnijden van de her- senbalk slechts bewust toegang kan hebben tot de informatie in één hersenhelft tegelijk. Dan verwachten we dat één van de waarnemingen en de motorische reactie bewust plaatsvindt en de andere niet bewust, maar alleen onbewust. Er ontstaan dan geen twee ‘ikken’ door de neurologische splitsing, maar slechts een beperking van de bewuste beleving. Bij dit soort experimenten zou een groter deel van de informatie uitsluitend onbewust verwerkt worden dan bij mensen met een intact corpus callosum. Een alternatieve theorie die misschien wat meer fantasie vergt, luidt dat de waarneming en de reacties erop wel degelijk allebei bewust plaatsvinden, maar dan heel snel na elkaar, in plaats van tegelijkertijd. Volgens beide theorieën zou er per in- formatiestroom een aparte geheugenbestand aangemaakt kun- nen worden in de ziel, om het in computertermen te zeggen. Tegenstanders van de onscheidbaarheid van de ziel bren- gen hier tegenin dat het gedrag dat van beide hersenhelften uitgaat, gepaard lijkt te gaan met bewuste overwegingen. Maar dat is geen goed argument, want hetzelfde geldt bijvoor- beeld voor vormen van automatisch schrift die uit de persoon zelf voortkomen. Bovendien is de toestand van split-brain-pa- tiënten niet gewoon, dus hoeven we helemaal niet uit te gaan van een normaal verband tussen gedrag en bewustzijn. Een cirkelredenering Ik heb zelf in de jaren ‘90 stukken over de dualistische inter- pretatie van split-brain-experimenten gepubliceerd. Vanaf het begin van het nieuwe millennium staan die ook op internet, maar ik heb er nog nooit een reactie van opponenten op ont- vangen. Toen ik er de bekende skepticus Keith Augustine, die split-brain-experimenten koestert als bewijs voor zijn wereld- beeld, mee confronteerde, negeerde hij mijn argumentatie domweg. In plaats daarvan wijst hij in zijn geschriften op voorbeelden van op dit punt goedgelovige tegenstanders van het materialisme zoals John C. Eccles. Zij leken ervan over- tuigd dat na een hersensplitsing allebei de hersenhelften wer- kelijk een eigen bewustzijn kregen, wat heel moeilijk verenig- baar is met hun dualisme. Op zich is dat niet zo verwonderlijk, want bij de materialistische interpretatie van split-brain-resul- taten gaat het om een cirkelredenering: alleen als je reeds uit- gaat van de hersengebondenheid van het bewustzijn zie je er een onontkoombaar bewijs van die afhankelijkheid in. Split-brain-experimenten laten een merkwaardige variant van de wisselwerking tussen lichaam en geest zien, maar ze to- nen allerminst aan dat de ziel wordt voortgebracht door het brein. En dan heb ik het hier nog niet eens gehad over alle be- wijsmateriaal dat niet verenigbaar is met die theorie. Literatuur Alter, T. (2006). Access disunity without phenomenal disunity. Paper voor de Central Division Meeting of the American Philosophical Association. Augustine, K. (1997). The case against immortality . Skeptic Magazine, 5, 2. Rivas, T. (2000). Geesten met of zonder lichaam. Delft: Koopman & Kraaijenbrink. Rivas, T. (2004). Neuropsychology and personalist dualism: a few remarks , zie: http://www.geocities.com/athanasiafoundation/Dualismlives.htm. Rivas, T., & Dongen, H. v. (2003). Exit Epiphenomenalism: The Demolition of a Refuge. The Journal of Non-Locality and Remote Mental Interactions, II, 1. Herfst in Overijssel - foto: Rudolf H. Smit
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=