7(1)10
De transformatie in beweging. “God wil genade, geen offeranden; en zelfkennis en geen brandoffers” ³, woorden die in mondelinge overdracht door Je- zus zijn gedaan. Een van binnenuit gegeven grote blijk van Liefde-ervaring. Hier geeft Meester Jezus aan wat Hij wil laten zien. Al onze handelingen dienen verbonden te zijn in de levende tegen- woordigheid van Christus. Hier wordt aangegeven dat het of- fer de transformatie van het Zelf is. Zoals wij in onze Heilige Eucharistie het offer kennen en ons bewust zijn dat het trans- formatie is. Dat brengt mij, opnieuw, naar de visie van Carl Gustav Jung. Primitieve stammeninwijdingen zijn transformatiemys- teriën van de allergrootste, spirituele betekenis. Zo werd Rome vlak na onze jaartelling overspoeld met mysteriegodsdiensten waaronder het christendom. In het christendom zijn van deze inwijdingsceremoniën in ‘verbleekte’ en gedegenereerde vorm de Doop, de Belijdenis en het Avondmaal overgebleven. Van andere oude offerrituelen – in onze beschaving en onze tijd als volkomen wreed en zinloos ervaren – is bekend dat dit ceremoniën zijn die diep gewortelde visoenen van transformatie verhullen. Zo werd in het oude Mexico, ter ver- nieuwing van de maangodin, een vrouw geofferd. Zij werd onthoofd en gevild, waarna een man haar huid omsloeg om de opnieuw tot leven gekomen godin uit te beelden. In de dierenwereld is de slang een symbool van transfor- matie. Elk jaar vernieuwt zij zich door de huid af te werpen. Zo zouden de oude Mexicaanse tradities, geëvalueerd naar onze tijd, er de reden van kunnen zijn dat de Maya-indianen tegenwoordig zo in de belangstelling staan als profeten. Profe- ten die nauw met de natuur verbonden, de mens van de 21 e eeuw de weg wijzen. Nauw verbonden met moeder aarde is het tegelijk kosmisch, wat op zich ook een transformatie ver- bergt. Door de mystieke ervaring met de vrouwelijke energie kan er mogelijk zelfs sprake zijn van transcendentie naar an- drogynie, de transformatie van het mannelijk en vrouwelijk. De profeten van de eindtijd. De eindtijd herbergt altijd een ‘nieuwtijd’. Dit principe doet altijd opgeld. Zie daarvoor bij- voorbeeld alleen maar het Grief Cycle Model van Elisabeth Kübler-Ross, beter bekend als de rouwcurve. Vanuit een ‘uit evenwicht zijn’ belandt de mens uiteindelijk, na het keerpunt te zijn gepasseerd, in een ‘nieuw evenwicht’. Zo kijkend naar transformatie kan men zich afvragen of ook in deze tijd niet over een eindtijd van de H. Eucharistie kan worden gesproken. Dus een ‘nieuwtijd’. Zou de weg van de werkelijke transformatie van het Zelf niet méér mystieke erkenning en ervaring opleveren bij diegenen die kritisch of afwijzend staan t.o.v. het instituut Kerk? Wat, als de focus verandert van offer naar transformatie? Om met de mysticus Williges Jäger te spreken: “Wij staan in deze tijd op een drempel die wij met ons verstand niet kunnen overschrijden…” De mensheid heeft met zijn mentale capacitei- ten een grens bereikt. Een eindtijd dus. De mens wordt daardoor gedwongen om de in hem sluimerende potenties vrij te maken. Het vrijmaken van sluimerend bewustzijnsvermogen geschiedt in de transpersoonlijke bewustzijnsruimte. De mystiek. Jäger laat zien, dat de mystieke transformatie ín de mens plaats heeft, omgeven door een niet meer te verliezen rijke er- varing. Ook het Paasmysterie mag worden gezien als transfor- matie van een hoge orde. De Maria’s in het Paasverhaal laten verschillende stadia van de individuele ziel zien, toegewijd aan Christus. Wanneer dus iemands liefde is gebaseerd op Waarheid, dan staat de Ziel dicht bij het Heilige. Dat is bijzonder te zien in het symbool van de vrouw die Jezus liefhad. Hij heeft bij haar zeven duivelen uitge- worpen. Hij heeft haar laten Zien zodat Hij haar kon bijstaan in het opheffen van zeven essentiële blokkades. Ogenschijnlijk eenvoudig, toch diep kosmisch van aard: duisternis, begeerte, onwetendheid, prikkel van de dood, koninkrijk van het vlees, domme wijsheid van het vlees en vertoornde wijsheid. De grote uitdaging die de mens nu wordt voorgehouden is indachtig de woorden van Maria Magdalena: “Heer, u hebt mij verlost van de zeven machten als eerste van wie genezen zijn. Nu weet ik dat deze genezing voor allen bestemd is.” Jezus antwoordt haar: “Leer hun die mij zoeken, dat de weg leidt van het hart naar het inzicht en van het inzicht naar de volko- men mens, opdat zij één zijn zoals wij één zijn” 4 In het beeld van deze taak die zij van Jezus meekrijgt, kan in de ‘nieuwtijd’ voor onze Vrij-Katholieke Kerk, met een an- dere focus, nog eens gekeken worden naar dit antwoord van Jezus. Noten: 1. Elke Golf is de Zee, Willigis Jäger. 2. Mensbeeld en Godsbeeld, Carl Gustav Jung. 3. Het grote Boek der Apokriefen, Jacob Slavenburg. 4. De Vrouw die Jezus liefhad, Jacob Slavenburg. * * * Leonarda da Vinci: Het laatste avondmaal 2 Reflectie 7(1) voorjaar 2010
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=