7(1)10

Column Aat (Lambèrt) de Kwant Mijn spirituele carnaval Spirituele leraren en Meesters zijn er om je persoonlijkheid als een illusie te ontmaskeren. Wat er dan zichtbaar wordt, is je oorspronkelijke gezicht, je ware wezen. Dat spiegelen zij. Dat ontmaskeren gebeurt soms hardhandig, maar altijd met liefde. De Indiase mysticus Osho (1931–1990) was zo’n spirituele leraar. Toen hij in januari 1990 overleed was hij over de hele wereld bekend om zijn onorthodoxe methodes. En nog steeds is de storm die hij teweegbracht niet tot rust gekomen. Inte- gendeel, ook nu is hij nog steeds bezig met zijn demasqué. In zijn artikel “Vrij zijn in het hier en nu” gaat Ojas de Ronde, die een aantal jaren bij Osho in zijn ashram in India woonde, nader op hem in. Ik heb ook contact met anderen die hem langdurig hebben meegemaakt en nog steeds door hem geïnspireerd worden. Reden waarom ik wil stilstaan bij deze bijzondere leraar en mysticus. Het gaat dan niet zozeer om wat er over hem verteld wordt, maar over zijn betekenis en wat hij nog steeds met mensen doet. De Sunday Times in Londen omschreef hem als “één van de duizend mensen die de twintigste eeuw hebben vormgegeven”. Ook mij heeft Osho (foto) geraakt, nadat ik door mijn werk bij OHM betrokken was bij een radioprogram- ma over hem, hoewel dat in bepaalde spiritu- ele kringen ook weer vloeken in de kerk is. Osho schopte graag te- gen heilige huisjes aan en dat werd en wordt hem niet in dank afge- nomen. De kern van zijn boodschap is: de weg om werkelijk vrij te worden is er een van bewustwording in het hier en nu en daarbij helpt me- ditatie. Hij heeft oeroude meditatiemethoden aangereikt. Er zijn verschillende, actievere meditatievormen, waarbij de in- valshoek telkens anders is: beweging, geluid, adem. Maar de basis van de meditaties blijft dezelfde: ontspanning, gewaar- wording, niet oordelen. Ik heb de laatste tijd veel van en over Osho gelezen en krijg via mijn contacten ook cd’s met lezingen e.d. van Osho aangereikt. Wars van dogma’s Toch heb ik mij jarenlang niet met hem willen inlaten. Vanuit mijn radicaal bevindelijk gereformeerde opvoeding ben ik nu eenmaal allergisch voor autoritaire figuren en … vooral dog- ma’s. En geloof me, tijdens mijn lange ervaring als journalist op het gebied van spiritualiteit en zingeving, ben ik nogal een en ander tegengekomen waardoor m’n nekharen recht over- eind gingen staan! In ons kikkerlandje zijn er ook goeroes en zogenaamde leraren geweest die wel pap lustten van macht en absolute gehoorzaamheid. Nee, namen noem ik niet. Tegen mij werd, als ik wat kritisch was, gezegd dat ik “zo- ver nog niet was.” Ben ook nooit zo ver gekomen…Wars van dogma’s ook. Ik onderschrijf dan ook een van de doelstellingen van de VKK: “De Vrij Katholieke Kerk laat eenieder de grootste mate van vrijheid in denken en geloven, en eerbiedigt ieders persoonlijke geweten, in de overtuiging dat zonder volledige vrijheid spirituele groei van de mens niet mogelijk is.” De nadruk ligt op “de grootste mate” en onder andere dit was voor mij reden om zo’n tien jaar geleden toe te treden; en sta daar nog steeds achter! Wat mij persoonlijk bij Osho treft, is de grote moeite die hij had met religies en dogma’s; en dat sloeg aan bij mij; je hebt eigenlijk geen kerk nodig om het goddelijke te bereiken, al kan die wel een goed middel zijn om dichter bij je eigen goddelijkheid te komen, maar je bent er niet van afhankelijk. Terecht wees Osho er eens op dat dit, op eigen kracht je god- delijkheid willen bereiken, voor de Rooms-Katholieke Kerk zoiets is al een doodzonde, vloeken in de kerk. Heb het zelf meegemaakt, toen ik ooit daar op een verdwaald moment tot toetrad. Ze hadden al snel door wat voor occult en raar vlees ze in Roomse kuip hadden. Ik was toen ook bezig met de op- richting van de spirituele cafés in Nederland, en tja, daar wer- den dingen gezegd die “niet volgens de leer” waren. En wat ik via radio en tv zei, was ook niet bepaald orthodox. De Rooms- Katholieke Kerk is nu eenmaal in háár visie de enige ware Kerk en daar veegde ik zo ongeveer de vloer mee aan. Ik wees op het interreligieuze en interspirituele karakter van de spiritu- ele cafés en op de notie van mw. Blavatsky over de universele broederschap, hoewel ik tot mijn schrik ontdekte, dat ook the- osofen nogal dogmatisch kunnen zijn en je met haar uitspra- ken om de oren slaan om hun gelijk te halen. Zelf een Christus of Boeddha worden Veel religies en Kerken zijn ten prooi gevallen aan adoratie en dogmatisme, maar ze blijven vasthouden aan het unieke ver- mogen van elk mens om de verlichting te bereiken, ofwel zich te bevrijden van de door het denken geschapen illusies van het ego. Zen en Osho hameren erop dat dit vermogen enkel door middel van meditatie gerealiseerd kan worden. Niet alleen door allerlei rituelen te verrichten; of volgens allerlei opgeleg- de regeltjes te leven; of het voorbeeld van anderen, hoe res- pectabel ook, te volgen; of door de bemiddeling van ’n Kerk, maar alleen door alert te zijn op de eigen gedachten, daden en gevoelens, zonder deze te veroordelen. Wie in staat en bereid is het leven op een dergelijke meditatieve manier te benaderen, wordt zich ervan bewust, dat iedere zoeker, een onverander- lijk, onverstoorbaar en eeuwige kern van waakzaamheid bezit. In de woorden van Osho is dit het vermogen zelf een Boeddha te worden in plaats van Boeddha’s te vereren, zelf een Chris- tus te worden en niet anderen te volgen, maar vooral je eigen innerlijk bewustzijn te ontwikkelen. 3 Reflectie 7(1) voorjaar 2010

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=