Reflectie 8(1) voorjaar 2011.vp
Compassie – de omarming van de mensheid in universaliteit en religiositeit Rachel Sonius Een artikel n.a.v. en over het boek “Compassie”, Karen Armstrong, De Bezige Bij, 2011. ISBN 978 90 234 59736 Naar aanleiding van het boek Zeker ook voor vrij-katholieken een onmisbaar boek! Overtuigd van een universele en zeker ook reli- gieuze visie op wat wij noemen de Broederschap der Mensheid, is het vrijwel onmogelijk dit boek kort en zakelijk te bespreken. De problematiek waarmee de wereld kampt, kan zowel individueel als collectief herkend worden. Vanuit een gevoel van noodzaak nam ik de vraag tot een recensie vanuit persoonlijke herkenning en ervaringen aan. Als er door gebrek aan compassie pijn en verdriet zijn ontstaan, kunnen die ver- zacht worden door dit boek; en als er vanuit persoonlijke erva- ringen nog vragen resten, worden die in dit boek beantwoord. Zo kan dit boek voor iedereen van grote waarde zijn. Als ingewijde in de Soefi-orde biedt Karen Armstrong hier tevens een welkome ‘handleiding’ voor het boek “De eenheid van religieuze idealen” van Hazrat Inayat Khan, stichter van de Soefi Orde. Een welkome ‘handleiding’ ook, omdat die uit- nodigt tot actie. Het is een in zeer heldere taal geschreven boek, gestaafd met uitspraken van en over grote wijsheidslera- ren, die voor dezelfde problematieken stonden als wij, heden ten dage. Hoe kunnen wij de wereld omarmen, en in vrede met elkaar leven? Wat kunnen wij zelf, als individu, doen om de wereld in onszelf, onze directe en indirecte omgeving, meer leefbaar te maken? Hoe kunnen wij weten wat wij daarvoor moeten doen? En of wat wij doen, juist is? Wij zijn mensen, mensen in evolutie, en het beste van ons ‘menszijn’ moet nog komen. Daartoe nodigt dit boek uit. Een reis door eeuwen van ontwikkeling. En een training in compassie. Moge dit boek bijdragen tot “het openen van onze harten voor elkaar”…. en voor onszelf! Een uitdaging ‘een constante factor’ te vinden in een steeds veranderende wereld. Karen Armstrong heeft het op zich genomen haar eigen taak voor het tot stand komen van ‘een wereldwijde gemeen- schap waarin alle volken in wederzijds respect naast elkaar kunnen leven’ te volbrengen door het schrijven van dit boek over Compassie. Als religie-historica, zonder vooringenomen- heid, heeft zij veel indrukwekkende en belangwekkende boe- ken op haar naam staan ¹) . Wie enigszins bekend is met haar boeken, zal kunnen beamen dat zij met recht een religie-histo- rica te noemen is. Zij neemt ons mee door de geschiedenis van het ontstaan van de religies door de tijd heen. Zij realiseert zich daarbij wel dat sommige tradities zich niet bekommerden over een optekening van het ontstaan van een religie. Dat Ka- ren op jonge leeftijd de stap nam om uit te treden uit haar ker- kelijke nonnenorde, blijkt op zijn minst een zegen voor allen die zich interesseren voor religie en voor ontstane discrepan- ties tussen diverse religieuze stromingen en tradities. Niet dat zij, om het zo te zeggen “God ontrouw’ is geworden. Het te- gendeel is waar. Door haar blijvende vorsen in literatuur en het opmerken van bewegingen in het wereldgebeuren van van- daag, is dit boek tot een oproep geworden ons in te spannen voor een betere wereld. Wellicht als een ge- volg van de vele informatie die zij innerlijk heeft verwerkt. “De wetenschap van compassie” was rich- tinggevend voor haar werk als religiehistorica: ‘het zich leeg maken’ door zichzelf los te maken eigen conventies en zo ruimte bieden voor de ander. Door hedendaagse media en het gebruik daarvan over de hele wereld, is niemand meer ‘ver van ons bed’. Zo- als er vroeger sprake was van migraties van hele volken, zo is dat heden nog steeds. We zwermen uit, “ik vertrek”, we vluchten, of gaan op vakantie naar verre bestemmingen, bieden hulp, zowel in persoon als financieel, daar waar nodig is. Zo geven we iets van onze eigen cultuur mee, en nemen ook iets mee terug. Daar dit boek in vele landen verkrijgbaar zal zijn, kunnen we hopen dat allen die dit boek lezen, zich er ook iets van zullen aantrekken. Ho- pen we, dat de mensen geactiveerd raken ook iets te willen bij- dragen, als ze tot het inzicht komen dat ieder mens, waar ook ter wereld, dezelfde wensen heeft en dezelfde angsten kent. Daarin verschillen wij niet, al lijken de uiterlijke verschillen, d.w.z. cultuur, religie, klimatologische omstandigheden, volks- aard dit wel te impliceren. Met name religie zou een grote bij- drage kunnen leveren, eigenlijk moeten leveren, gezien de uni- versele boodschappen van compassie. In elke religie vinden we de gulden regel terug, misschien in iets andere formuleringen, maar met eenzelfde betekenis: ”Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet”. Van ons wordt gevraagd zorgzaam te zijn voor iedereen, zelfs voor je vijanden. Armstrong noemt als reden voor alle conflicten….”meestal hebzucht, afgunst en ambitie, maar vaak wil men deze egocen- trische emoties respectabel doen schijnen door ze in religieuze retoriek te hullen”; en dat we er niet in geslaagd zijn om met compassie te leven en dat sommigen het geheel aan menselijk leed hebben vergroot uit naam van de religie. Dit gebeurde toen en het gebeurt nu. Er is een polarisatie aan de gang, een krachtmeting tussen het gelijk van de een en dat van de ander. De een kiest voor vrede in eigen land, en zal de normen en waarden met hand en tand verdedigen. De ander kiest voor vrede in het “werelddorp” vanuit het besef dat ieder mens die vrede zou moeten kunnen bereiken en behouden, zodat ‘ver- dediging’ geen noodzaak meer zal zijn. En dat kan eigenlijk alleen door ons te verdiepen in andere culturen en andere reli- gies. Uw recensent heeft jaren in Iran gewoond en begrijpt daardoor hoe belangrijk het is onze mening niet uitsluitend te baseren op (vaak toch getinte) berichtgeving van gebeurtenis- sen in andere landen. Het contact met de bevolking en religie in Iran leidde tot een ander beeld. Van onschatbare waarde waren de mondelinge overleveringen van hun wedervaren door de eeuwen heen en de kennismaking met gebruiken in gezin en maatschappij, ook vanuit religieus ideaal. Ook het volgen van politieke debatten op tv waarin duidelijk werd wat beoogd werd met een “uithaal naar het westen” en waaruit zul- ke reacties voortkomen. Men zou kunnen stellen dat het voor 25 Reflectie 8(1) voorjaar 2011
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=