Reflectie 8(1) voorjaar 2011.vp

12:1-7 is hierover een ontroerend verhaal opgetekend. Jezus is opnieuw in Bethanië in het huis van Maria’s zuster Martha. ‘Toen kwam Maria met een liter echte, heel dure nardusbalsem naar Jezus, zalfde daarmee zijn voeten en droogde die met haar haren af. En het huis werd vervuld van balsemgeur.’ Over de identiteit van deze Maria is in de geschiedenis van het christen- dom veel te doen geweest, maar wat is er meer voor de hand lig- gend dan dat we ook hier te maken hebben met Maria, de le- vensgezellin van Jezus, die zijn dood voorvoelde en op deze manier haar hart liet spreken? We moeten misschien even wennen aan deze interpretatie, maar zij past uitstekend in wat we momenteel weten over de tijd van Jezus. Al in 1970 schreef William E. Philips hierover een boek met de veelzeggende vraag in de titel, Was Jesus married? (3) Zijn antwoord is: ja. Ook Joodse onderzoekers als Shalom Ben-Chorin (4) argumenteren dat het in die tijd voor een rondtrekkende rabbi bijna onmogelijk was om vrijgezel te zijn. Als Jezus om een of andere reden niet gehuwd zou zijn geweest, zouden de Farizeeën hem deze nalatigheid zeker heb- ben verweten. Maar daar is niets van bekend. En als er één kandidaat was voor een huwelijk met Jezus van Nazareth dan was dat Maria van Magdala. Dit wordt ook door andere bronnen bevestigd. In het Evangelie van Filippus, een belangrijke tekst van de Nag Hammadi bibliotheek, wordt Maria Magdalena uitdrukkelijk als de levensgezellin van Jezus genoemd. In dit evangelie lezen we: ‘Drie vrouwen trokken altijd op met de Heer. Maria, zijn moeder, zijn zuster en Maria Magda- lena, die zijn levensgezellin wordt genoemd.’ (5) De Koptische vertaler van dit evangelie heeft voor ‘levensgezellin’ het Griekse woord ‘koinonos’ overgenomen. Dit oorspronkelijke woord in het Grieks geeft nadrukkelijk uitdrukking aan het ge- meenschappelijke op verschillende niveaus, spiritueel, emotio- neel en ook seksueel. Voor ons is dit bijzonder, omdat wij niet gewend zijn op deze manier over Jezus te denken. Maar in die tijd zou het opge- vallen zijn als Jezus op een andere manier geleefd zou hebben. Het celibaat was in het jodendom van die tijd niet bekend. Gelijkwaardigheid Historisch onderzoek maakt echter ook duidelijk dat de vrouw een ondergeschikte positie had. Als jong meisje was ze bezit van de vader, eenmaal getrouwd van de man. En als die stierf werd ze bezit van de oudste broer van de man. Kunnen we vanuit deze gegevens iets zeggen over de relatie tussen Jezus en Maria Magdalena? Niet rechtstreeks, maar we weten wel hoe Jezus tegenover andere vrouwen stond. Ook uit de canonieke evangeliën blijkt dat Je- zus hierin een eigen standpunt innam en, dwars tegen het cultuurpatroon van zijn tijd in, de vrouw en het vrouwelijke gelijkwaardig stelde aan de man en het mannelijke. En dat niet alleen omdat hij hen aanvaardde en toestond dat ze met hem meetrokken. Dat was min of meer geaccep- teerd gebruik in het jodendom van die tijd. Maar vooral omdat hij hen, waar mogelijk, in bescher- ming nam tegen de mannelijke spelregels. Een goed voorbeeld daarvan vinden we in Johannes 7:53-8:11. Schriftgeleerden brengen een vrouw bij Jezus die op echtbreuk is betrapt. Mannen hadden hierin meer rechten dan vrouwen en de schriftgeleerden waren benieuwd naar het oordeel van Jezus. Volgens de wet van Mozes zou deze vrouw immers gestenigd moeten worden. Eerst wilde Jezus er niets mee te maken heb- ben, maar toen ze bleven aandringen gaf hij het onthutsende antwoord: ‘Wie van u zonder zonde is, moet de eerste steen op haar werpen.’ Daar hadden ze niet van terug en ze trokken weg. En toen er niemand meer ter plekke aanwezig was om het vonnis te voltrekken zei Jezus: ‘Ik veroordeel je ook niet. Ga maar en zondig voortaan niet meer.’ Deze houding van Jezus ten opzichte van vrouwen mag met recht revolutionair genoemd worden. Jezus sprak ook in het openbaar met vrouwen en beantwoordde hun vragen. Heel ongebruikelijk in die tijd. De leerlingen waren dan ook nogal ontsteld toen zij Jezus bij de bron van Jacob aantroffen in ge- sprek met een Samaritaanse vrouw. In dit opzicht bracht Jezus absoluut een nieuwe energie in de wereld. En waarom zou hij dit niet zo hebben kunnen doen omdat Maria Magdalena hem hierin inspireerde en ondersteunde? Ziende onder de blinden En dan is er nog iets speciaals wat Jezus met Maria Magdalena had. Zij was niet alleen zijn levensgezellin waar hij in het openbaar voor uitkwam. Zij was ook zijn bijzondere leerlinge, degene die hem meer dan alle anderen begreep, een ingewijde in het mysterie. Dit wordt op verschillende plaatsen duidelijk. Zo ook naar aanleiding van een speciale gebeurtenis in het Evangelie van Filippus. In dit evangelie wordt verteld: ‘Jezus hield op een andere wijze van Maria Magdalena dan van de andere leerlingen, en hij kuste haar vaak op de mond.’ Als de overige leerlingen zich daaraan ergeren en aan Jezus hierover vragen stellen, geeft Jezus hun een antwoord waaruit de bij- zondere plaats die Maria inneemt ook nog op een andere ma- nier duidelijk wordt. Jezus zegt: ‘Waarom houd ik niet van jul- lie zoals van haar? Wel, als een blinde en iemand die kan zien samen in het donker zijn, verschillen ze niet van elkaar. Maar als het licht wordt, zal de ziende het licht zien en de blinde in 9 Reflectie 8(1), voorjaar 2011 De Energie van Maria Magdalena , Willeke Hendrikx, www.healingart.nl

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=