Reflectie 8(1) voorjaar 2011.vp

het donker blijven.’ (6) Het bijzondere van deze tekst is niet al- leen dat hier wordt gesproken over de intieme relatie tussen Jezus en de vrouw uit Magdala. Jezus vertelt ook dat zij de enige ‘ziende’ is te midden van de (nog) ‘blinde’ mannelijke leerlingen.’ Deze bijzondere positie van Maria Magdalena sluit ook aan bij andere vroeg-christelijke geschriften. Zo lezen we in het ‘Evangelie volgens Maria Magdalena’ dat Petrus tegen haar zegt: ‘Zuster, we weten dat de Verlosser meer van jou heeft gehouden dan van de andere vrouwen. Zeg ons de woor- den van de Verlosser zoals jij je die herinnert, die jij kent maar die wij niet kennen en die we ook nog niet hebben ge- hoord.’ En het antwoord van Maria is: ‘Wat voor jullie ver- borgen is zal ik jullie bekend maken.’ (7) Uit deze en andere oude teksten wordt duidelijk: Maria Magdalena neemt in het leven en werk van Jezus een heel bijzondere plaats in. Jacob Slavenburg schrijft over haar in zijn inspirerende boek ‘De vrouw die Jezus liefhad’: ‘Zij is dichter bij Jezus dan andere vrouwen die soms met name genoemd worden. Deze vrouwen zorgden mede voor de foeragering van Jezus (en Ma- ria). Zij werkten, om het zo te zeggen, in de tweede lijn. Anders dan Maria Magdalena. Zij is genoemd als de apostola aposto- lorum, de apostel boven de apostelen. Zij onderwijst de aposte- len over Jezus’ leringen.’ En hij concludeert: ‘Gezien tegen de achtergrond van de gewoonten van die tijd zou het volstrekt on- mogelijk zijn als een vrouw zo dicht bij een man (en andere mannen) te verkeren als er geen sprake was van een huwelijks- band. Deze was zo vanzelfsprekend dat het niet meer gezegd hoefde te worden. Schande zou er daarentegen van gesproken zijn als Jezus niet met Maria getrouwd zou zijn’ (8) Familiegraf van Jezus Het gegeven dat Jezus en Maria partners waren, wordt mogelijk bevestigd door een opzienbarende archeologische vondst die onlangs in Jeruzalem heeft plaatsgevonden. In de wijk Talpiot is een oud familiegraf uit de eerste eeuw ontdekt, mogelijk van Je- zus van Nazareth. Het betreft een familiegraf met beenderkistjes die als opschrift de namen dragen van ‘Jezus de zoon van Josef’, ‘Mariamme e Mare’, ‘Juda de zoon van Jezus’ en van een andere ‘Maria’. Deze laatste Maria zou dan de moeder van Jezus kunnen zijn en Mariamme e Mare mogelijk Maria Mag- dalena. DNA-onderzoek heeft uitgewezen dat zij geen familie- verwante van deze Jezus was. Maar uit het feit dat haar kistje met dat van Jezus in één graf is gevonden, leiden sommigen af dat hij met haar getrouwd was. Jezus en Maria zouden dan een zoon met de naam Juda (ofwel Judas) hebben gehad. Als hier inderdaad het graf van Jezus van Nazareth zou zijn gevonden, dan zou dat explosief materiaal zijn. Volgens de orthodoxe interpretatie van de evangeliën is Jezus immers op de derde dag na zijn dood lichamelijk uit het graf opge- staan. Dat geloof is niet meer in overeenstemming te brengen met een dergelijke vondst. Vandaar dat deze vondst voor erg veel beroering zorgde. Jacob Slavenburg heeft hierover een boeiend boek ge- schreven waarin hij pleit voor een ‘onbevooroordeelde houding’. In zijn boek ‘Het graf van Jezus’ (9) komt hij uitein- delijk tot de conclusie dat we hier met een belangrijke vondst te maken hebben die goed aansluit bij de opvatting van talrijke nieuwtestamentici die in de fysieke opstanding van Jezus een vrome legende zien. Nieuw onderzoek moet hier nog meer helderheid geven, maar uit de aandacht die deze vondst wereldwijd heeft gekregen, moge duidelijk zijn dat we in een nieuwe tijd zijn aangeland. Het is alsof men wereldwijd de geschiedenis van Jezus en Ma- ria met nieuwe ogen wil gaan zien. Maria als de geliefde van Jezus die door hem als eerste werd ingewijd in de geheimen van Gods koninkrijk. En die na Jezus’ dood geroepen werd hiervan haar broeders en zusters, de getrouwen van Jezus, deelgenoot te maken. Literatuur (1) J.Slavenburg/W.G.Glaudemans, De Nag Hammadi-geschriften , Deventer, 1994. Hierin zijn o.a. opgenomen Het Evangelie volgens Filippus en ook, uit de Berlijnse Codex, Het Evangelie volgens Maria Magdalena. (2) Reender Kranenborg: De wonderbaarlijke avonturen van Jezus van Nazaret. Over de waarde van de ‘hervonden manuscripten’ en ‘nieuwe openbaringen’ , p. 223. (3) William E. Philips: Was Jesus married? The distortion of Sexuality in the Christian Tradition, 1970. (4) Shalom Ben-Chorin: Bruder Jesus: Der Nazarener in Jüdischer Sicht , München, 1967 (5) Het Evangelie volgens Filippus, 25 (6) Idem, 46 (7) Het Evangelie volgens Maria Magdalena in: De Nag Hammadi-geschriften, p. 1113-1127 (8) Jacob Slavenburg, De vrouw die Jezus liefhad – Maria Magdalena: het ontkende mysterie, Walburg Pers, 2006, p. 23 (9) Jacob Slavenburg, Het graf van Jezus , Zutphen, 2007 Ojas Th. de Ronde behaalde in 1970 zijn doctoraal theologie aan de Universiteit van Nijme- gen. Daarna verbleef hij enige jaren als spiritueel zoeker in India. Na zijn terugkeer in Nederland begon hij, samen met zijn vrouw, het coaching- en coun- selingbureau Fenix en werd hij docent aan de Humanuniversity, een internationaal centrum voor therapie en meditatie. Momen- teel geeft hij workshops, schrijft artikelen en verzorgt wekelijkse webradio uitzendingen ‘De Nieuwe Mens’, www.denieuwe- mens.eu * * * * 10 Reflectie 8(1), voorjaar 2011 Onze voorzittend bisschop Mgr. Maurice Warnon overleden Bij het ter perse gaan van dit nummer bereikte ons het bericht van het overgaan van onze voorzittend bisschop op 23 maart jl. (België). In het volgende nummer komen we daarop terug. Moge zijn ziel in hoger Licht en vrede haar weg voortzetten. Moge dat tevens vertroosting geven aan zijn dierbare nabestaanden.

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=