Reflectie 8(1) voorjaar 2011.vp

Religie als Her-Verbinding X Peter O. Baaij “Mag het gewaad van de genade, waarmee ik mij bekleed en het offer, dat ik zal aanbieden, in mij een werk van gerechtigheid bekronen en een heilige handeling, tot eer van God en de Engelen-hiërarchieën, tot vreugde van de Heiligen en tot zaliging van de mensheid.” Met deze woorden is de celebrant in de Vrij-Katholieke Kerk zover dat hij/zij de H. Eucharistie kan gaan opdragen. Deze heeft dan namelijk het kazuifel aangetrokken. Deze woorden zijn de laatste in een reeks die worden overdacht, gebeden of gemediteerd bij de liturgische aankleding als voorbereiding op de H. Eucharistie. Het is een religieuze handeling en niet zozeer een godsdiensti- ge. Immers, hier worden woorden gebruikt die verbinding aan- gaan met de werelden die buiten het zichtbare liggen. Met werel- den die de mens helpen de weg terug te herkennen; het her-ver- binden met de essentie van het Onnoembare. Hiermee maak ik bewust een onderscheid tussen religie en godsdienst, waardoor godsdienst een instrument wordt van religie. In mijn beleving is religie dan ook vrij van de invloed van dualiteit. Over die ophef- fing van dualiteit, “tot zaliging van de mensheid” (zie de tekst over de volle breedte, boven) gaat het volgende. In de hedendaagse tijd staan tekenen van het patriarchaat ge- weldig in de focus. Het patriarchaat dat de ruimte heeft gekre- gen zijn invloed door de eeuwen heen te kunnen toonzetten. Denk daarbij in het algemeen aan het beeld Kerk; aan stel- selmatig misbruik in de Rooms-Katholieke Kerk; aan de extre- me bonussen voor hen uit de financiële wereld, die grote risico’s nemen en de ongelijkheid in honorering van mannen en vrouwen. Een algemener, collectiever beeld is te zien bij wat gebeurt met de bewustwording in de Arabische wereld, het met geweld onderdrukken van de vrijheidsbewegingen. Waar te nemen is, dat er een tegenbeweging op gang komt, daar waar de waarheid aan het Licht komt. Afhankelijk van de context verschilt de heftigheid van die tegenbeweging. Bijzonder daarbij is, dat spiritualiteit niet lijdt onder deze verschijnselen, en maar goed ook, omdat het bijdraagt aan het onderscheid tussen goed en kwaad. Deze verschijnselen laten zien, dat het patriarchaat aan het afbrokkelen is. Zo geeft o.a. Karen Hamaker vanuit de psychologie aan: “ Ware mannelijk- heid heeft een liefde voor de waarheid en zoekt die ook” ; een persoonlijk ontwikkeld mannelijk dus, dat jin- en jang-waar- den in evenwicht heeft, heeft liefde voor de waarheid. Wan- neer dan de tegenbeweging heeft plaatsgemaakt voor meebe- wegen, is het evenwicht van jin en jang, van masculien en fe- minien, hersteld. Uit onderzoeken en de vele artikelen die de laatste tijd ver- schijnen, blijken vrouwen succesvoller dan mannen. Dat geldt voor de beursvloer, door minder risico te nemen; dat geldt voor het bedrijfsleven, waarin het management uit minstens 40% vrouwen moet bestaan. Zo presteren meisjes op school gemiddeld beter dan jongens. In onze maatschappij, als uitdrukking van de tijdgeest, is er iets gaande. Collectieve verschijningsvormen ervan worden ge- zien in bijvoorbeeld het gegeven dat mensen meer op hun eigen kwaliteiten worden beoordeeld en niet op wat ze niet kunnen. Vrouwen in deze tijd hebben een immense taak om het beeld van het vrouwelijke te enten in het bewustzijn van de wereld. Diezelfde beweging doet zich tegelijkertijd ook voor in het collectief vrouwelijke in onze hedendaagse tijdgeest. En dat uit zich dan zeer zeker ook in het religieuze; niet dat het vrouwelijke er vanaf den beginne niet was, maar dat het (insti- tutioneel) ondergesneeuwd raakte in een patriarchaal bestel. De Vrij-Katholieke Kerk (in Nederland) heeft in 2003 alle wijdingen ook voor vrouwen opengesteld, onder andere om tot gelijkwaardigheid van vrouwen en mannen te komen. Geluk- kig is dat onderscheid tussen mannelijk en vrouwelijk nu op- geheven. Wij zijn nu zeven jaar op weg. Vanuit de biologie is bekend dat de menselijke cellen na ge- middeld zeven jaar zijn vervangen. De Vrij-Katholieke Kerk is nu ingericht om het vrouwelijke tegemoet te kunnen treden. Dit betekent echter niet, dat daarmee het vrouwelijke priesterschap zeker is gesteld. De grote onbekendheid met het vrouwelijke priesterschap is daarmee juist pas aan het licht gekomen. Man- nelijke priesters voelen (nog) niet wat vrouwelijk priesterschap is, en vrouwen niet wat mannelijk priesterschap is. Immers, het door de eeuwen heen dominerende patriarchaat heeft zijn in- vloed diep in onze cultuur, in de genen, zo niet in DNA, in zijn sporen achtergelaten; het is als een diep resonerende toon of klank, zó diep dat het vrouwelijke ervan uitgaat dat het vrouwe- lijk is, terwijl het (nog) mannelijk is. Het vrouwelijke priester- schap zal weer eerst tot ont-dekking, tot ont-hulling moeten ko- men. Pas dan zal het wezenlijke priesterschap zichtbaar worden en zal zich het mystieke huwelijk van het mannelijke en vrou- welijke priesterschap hebben voltrokken. Dat is een weg die mannen en vrouwen samen moeten gaan. Of het dan allemaal goed is… naar mijn idee en gevoel niet. Het is pas goed wanneer er een androgyn priesterschap is. Het beeld daarvan wordt nog omhuld in het collectief onbe- wuste. Een houvast voor dat beeld zijn, vanuit psychologisch oogpunt, de archetypische essenties van het mannelijke en vrouwelijke, het respectievelijk naar buiten gerichte en naar binnen gerichte, het denken en het voelen, het geven en ont- vangen, het ongebondene en verbindende. De masculiene en feminiene kwaliteiten manifesteren zich dan in Wijsheid. De voortdurende ontwikkeling in de Vrij-Katholieke Kerk is gericht op de herkenning een deel te zijn van een groter ge- heel en die éénheid tot uitdrukking te brengen. Daarbij is het dan ook noodzakelijk te pleiten het woord ‘religie’ te herstellen in zijn ware betekenis: her-verbinden. De godsdiensten hebben door de eeuwen heen het begrip religie van zijn werkelijke betekenis ontdaan en de mensheid zodoende afgeleid van de ware tocht die zij in zich heeft; her-verbinden met dat waar de mens vandaan gekomen is: van de Vólheid, van de Eénheid. Religie absorbeert het resultaat van het mystieke huwelijk dat elk individueel mens heeft kunnen bereiken in haar / zijn ervaringen; de balans in jin en jang, het mannelijk en het vrou- welijk, het masculiene en het feminiene.|| 2 Reflectie 8(1) voorjaar 2011

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=