Reflectie 9(1)vj2012.vp
De Gnostische beleving van de Sacramenten “Er wordt verbinding gelegd tussen de hoogste geestelijke wereld en de laagste stoffelijke wereld” Aat-Lambèrt de Kwant De Rooms-katholieke Kerk hecht aan een van de sacramenten, die van het Lichaam en Bloed van Christus, de transsubstanti- atie (1) van brood en wijn, veel waarde. De Vrij-Katholieke Kerk legt in tegenstelling tot de Rooms-katholieke Kerk, meer accent op de gnostische werking van dit sacrament. Vrij-Katholieken kunnen doorgaans goed uitleggen wat die sacramenten betekenen en kunnen de kracht- ige, mystieke werking daarvan ook voelen. Tijdens de koffie na de mis ontstaan daarover nogal eens gesprekken. Hoe werkt dit sacrament en wat voel je daarbij? Geestelijke ontwikkeling Frank Kouwe (62) van de kerkgemeente Utrecht is al 34 jaar priester in de Vrij-Katholieke Kerk (VKK). Ondanks een jaren- lange ervaring met de bediening en de werking van de sacra- menten is en blijft, voor hem, die precieze werking eigenlijk niet te bevatten: “Het blijft ook na zoveel jaren een mysterie.” Kouwe: “Na 34 jaar kan ik niet zeggen dit mysterie hele- maal doorgrond te hebben en ik denk dat er nog heel wat te ontdekken is. Maar je staat daar tijdens de Mis ook niet als priester om iets te voelen en te ervaren. Daar gaat het niet om. De priesters in de VKK zijn tijdens het celebreren van de Mis ook niet zo uit op een mystieke ervaring.” En hij vervolgt: “Een belangrijk aspect van de Mis en het sacrament is dat het de mens helpt in zijn geestelijke ontwikkeling.” Frank Kouwe is voorzichtig als hij een antwoord probeert te geven op de vraag wat er tijdens de mis nu precies gebeurt: “Wat er gebeurt, is dat er een verbinding wordt gelegd tussen de hoogste geestelijke wereld en de laagste stoffelijke wereld. Het allerhoogste en allerlaagste wordt direct met elkaar ver- bonden. Vanuit de allerhoogste geestelijke wereld wordt in de stof een geestelijke kracht en energie uitgestraald. Brood en wijn worden tot dragers van die kracht en energie.” “Uiterlijk blijven brood en wijn hetzelfde, maar de innerlij- ke grondslag – de substantie, dat wat onder de stof ligt – wordt vervangen door de hogere, goddelijke energie. Deze verande- ring wordt transsubstantiatie genoemd. We spreken dan van het Lichaam en het Bloed van Christus of anders verwoord: goddelijk leven en goddelijke liefde. Het is en blijft een groot mysterie. Niet louter symbolisch, maar een magische werke- lijkheid. Wat er gebeurt, is zo groots dat er gezegd wordt dat het hedendaagse innerlijk zicht van mensen niet in staat is om ten volle waar te nemen wat er werkelijk gebeurt. In de com- munie tijdens de eucharistie delen we de spirituele energie – leven en liefde – die dankzij het Lichaam en Bloed van Christus tot ons komt.” Theofagie: het eten van de godheid Het is volgens Frank Kouwe mogelijk dat er in dat proces energie wordt uitgestort vanuit het `centrum´ van de kosmos. Charles Webster Leadbeater wees er bijvoorbeeld al op dat dit zich volledig ontrekt aan ons voorstellingsvermogen en ook aan ons gezichtsvermogen. Als helderziende zou hij dit wel geschouwd hebben. Kouwe: “Er wordt zelfs gezegd dat Christus zelf slechts een tus- senschakel is, waardoor die krachten uitgestraald kunnen wor- den. Dit om aan te geven dat dit alles veel verder gaat dan enkel Zijn wezen. Onvoorstelbaar eigenlijk. Niet te bevatten maar we komen met die krachten wel elke keer in contact. Dat noemen we ook wel: de genade die in dat sacrament verborgen ligt.” Kouwe bevestigt dat er sprake is van mystieke krachten die al in voorchristelijke tijd werkzaam waren en wijst in dit ver- band op Carl Gustav Jung die in een van zijn boeken, Mens- beeld en Godsbeeld, schrijft over de eerste Spaanse priesters die naar Midden-Amerika kwamen en bij de indianen een eucharistieviering meemaakte. Van maïsmeel werd door hen een poppetje gemaakt dat daarna ritueel werd geofferd en doorstoken met een lans. Daarna wordt het poppetje uit elkaar getrokken en opgegeten. De Utrechtse Vrij-Katholieke priester doelt hier op de the- ofagie, het eten van de godheid. De oorsprong van de Rooms-katholieke Kerk bestaat uit het compromis tussen het christendom en de heidense religies waarmee het christendom omgeven was. Binnen de Vrij-Katholieke Kerk wordt het voorchristelijke karakter van de Mis doorgaans erkend en het verhaal van Jung heeft Frank Kouwe altijd getroffen. Hij wijst ook op het Mithras-mysterie en de godheid die zich tijdens het drinken van wijn en het eten van brood daarin openbaart. Kouwe: “De VKK claimt geen exclusiviteit en kent geen waarheidsclaim en in de prediking wordt er vaak op gewezen dat de energieën waarvan we spreken niet iets exclusiefs zijn van het christendom.” Achtergrond van de christelijke rituelen is de inwijdings- mystiek, die in de christelijke rite de sacramenten zijn gewor- den. Het kerkgebouw, sacramenten en de heilige Mis zouden zich ontvouwen langs de zevenvoudige lijn en zijn mede daardoor gerelateerd aan de zeven chakra’s, waarvan de reali- teit meermalen met behulp van geavanceerde elektronica zou zijn vastgesteld. In zijn boek, De wetenschap der sacramenten, heeft Lead- beater meerdere malen geschreven over de uitwerking van de Mis op de omgeving van de kerk. Frank Kouwe gelooft heilig in de invloed van de mis op de omgeving. Aan het begin van zijn priesterschap had hij thuis een kapelletje waar hij de mis deed voordat hij naar zijn werk ging. “Dat was in een heel klein kamertje en toen ik een keer de mis alleen opdroeg, heb ik ervaren dat, hoewel de ruimte klein was, de niet-fysieke ruimte heel groot werd. Het had naar mijn gevoel een enorme uitstraling die zich kon verspreiden over de omgeving. Zo heb ik dat ervaren. Voor mij was het een heel wonderlijke ervaring en een bevestiging van wat ik bij Leadbeater hierover had ge- lezen. Het overkwam me eigenlijk zonder dat ik het verwacht had. Ik geloof er dan ook zeker in dat het zo werkt. Al geloof ik stellig dat van die uitwerking ook sprake is in niet-christelij- ke rituelen en ook in niet-godsdienstige rituelen zoals die van de Vrijmetselaars. Bij iedere rituele bijeenkomst waar mensen zich met het hogere verbinden, ongeacht cultuur en religie, gebeurt dit. En in tempels, moskeeën en synagogen.” 27 Reflectie 9(1) voorjaar 2012
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=