reflectie78(1-2).vp
Mensen kunnen ook in een vlaag van verstandsverbijstering tot zo’n daad komen, zoals in onberedeneerde angst of diepe wanhoop, of zij bewerkstelligen onbewust hun ondergang door totale verwaarlozing en ondervoeding of een te grote dosis harddrugs. Ieder geval staat op zichzelf, maar niet ieder geval van suïcide hoeft hopeloos te zijn. Niemand wordt aan gene zijde aan zijn of haar lot overgelaten . Uit de literatuur blijkt overduidelijk dat gene zijde mild oordeelt over gevallen waarin zelfmoord werd gepleegd van- wege een mentale of biochemische onevenwichtigheid, waarin men zich niet volledig bewust was van het besluit tot zelfdo- ding. Zoals dat ook voor veel andere overgegane zielen geldt, worden ook zij liefdevol opgevangen in een soort hospitaal waar ze worden geholpen. Vaak raken geesten, nadat ze inzien wat ze gedaan hebben, depressief. Vele van die gekwelde zie- len zijn doorgaans mentaal of emotioneel ziek, en daar wordt aan gene zijde dan ook rekening mee gehouden. Wie er op aarde mentaal slecht aan toe was, zal in de geestelijke wereld veel begrip en mededogen ondervinden. Wie de literatuur erop naslaat, constateert dat de informatie van gene zijde kennelijk mee evolueert met het denken over leven en dood op aarde. Was er begin en midden vorige eeuw ogenschijnlijk vaak sprake van harde oordelen van gene zijde over verslaafden, alcoholici en “zelfmoordenaars”, zo is de toon later heel wat milder geworden. Dit heeft te maken met het gegeven dat alles wat we op deze aarde van gene zijde doorkrijgen min of meer gekleurd is door onze opvattingen en cultuur. Wie verslaafd was aan alcohol, was niet eens zo lang geleden een paria, voor wie er geen plaats was in de samenle- ving, maar ook niet in de hemel. Liefdevolle gedachten Uit tal van channelings blijkt duidelijk dat alcoholici en drugs- verslaafden juist zeer liefdevol en vol mededogen worden op- gevangen, ook wanneer ze een einde aan hun leven maakten, hoewel de mate van hulp, liefde en begrip per situatie kan ver- schillen. Iedere ziel is uniek. Vaak moeten verslaafde zielen geholpen worden, omdat zo’n verslaving mee wordt genomen naar het leven na de dood. Voor wie bereid is, staan er spiritu- ele leraren en genezers klaar om hem te helpen zijn gewetens- rust en welzijn te vinden. De gebeden en liefdevolle gedachten van verwanten en vrienden op aarde helpen in ieder geval om de aurische sfeer van depressie en kwelling van deze zielen te veranderen in een sfeer van genezing en liefde. Gebed voor hen is, zoals we zagen, dan ook van wezenlijk belang. In het Tibetaanse boek van leven en sterven zegt Sogyal Rinpoche in dit verband: “Stel je voor dat van de boeddha’s of goddelijke wezens ge- weldige lichtstralen uitgaan, die hiermee al hun mededogen en zegeningen schenken. Stel je voor dat dit licht de overledene doorstroomt en hem volledig loutert van de schok en de pijn van zijn dood, en hem diepe, blijvende vrede schenkt. Stel je dan zo intens en oprecht mogelijk voor, dat de overledene in licht oplost en dat zijn bewustzijn, dat nu genezen is en vrij van lijden, opstijgt en onlosmakelijk en voor eeuwig in de wijsheidsgeest van de boeddha’s opgaat.” 6 In dit verband vertelt hij wat enkele westerlingen mee- maakten, toen zij Tibet bezochten. Een Tibetaan die langs de weg liep, werd door een Chinese vrachtwagen overreden, en was op slag dood. Een monnik die toevallig voorbij kwam, ging naast de dode zitten. Men zag hoe de monnik zich over de dode heen boog en hem iets in het oor fluisterde; plotseling kwam de dode, tot hun verbazing, weer tot leven. De monnik deed toen een oefening die zij herkenden als het overbrengen van het bewustzijn en hij begeleidde de man rustig terug in de dood. Wat was er gebeurd? De monnik had gezien dat de ge- welddadige schok van de dood de man in totale verwarring had achtergelaten, en had snel ingegrepen: eerst had hij de geest van de dode van zijn beklemming bevrijd, om hem daar- na door middel van de phowa naar een boeddharijk of naar een goede wedergeboorte te leiden. De westerse getuigen van het voorval hadden de monnik in eerste instantie voor een gewoon mens gehouden, maar dit opmerkelijke verhaal laat zien dat hij in werkelijkheid een krachtige “beoefenaar” was. We veroordelen alleen onszelf Waar gebed en liefdevolle gedachten na de dood van verwan- ten en vrienden van wezenlijk belang zijn, is dit ook aan te be- velen in gevallen waarin we de overledenen minder goed of helemaal niet goed kenden, zoals bij ongelukken en dergelijke waarbij meerdere mensen om het leven kwamen. Maar vooral is dit van belang voor alcoholici en drugsverslaafden die een einde aan hun leven maakten. Ook deze zielen zullen zich uit- eindelijk bewust worden van hun hogere spirituele natuur en zullen aan het werk gaan om hun situatie te veranderen. Aan gene zijde zijn er velen wier enige verantwoordelijkheid is deze gevangen zielen te helpen en hen vol liefde te begeleiden naar gebieden waar hun mentale kwelling adequaat kan wor- den bestreden. Vaak zitten zulke zielen gevangen in gevoelens van wroeging, spijt en zelfveroordeling en kunnen zichzelf moeilijk vergeven. Ze scheppen hun eigen werkelijkheid, hun eigen “hel”, en het is daarom zo belangrijk dat ze leren hoe zij zichzelf kunnen vergeven. Wat je vaak ziet is, dat mensen op hun sterfbed de neiging hebben te menen dat ze iets verkeerds gedaan hebben en daardoor in een situatie van zelfveroordeling terechtgekomen zijn. Wat denken we vaak negatief over onszelf, over onze vermeende zonden, terwijl we, zoals Een Cursus in Wonderen zegt, zondeloos zijn. Maar ons denken is vaak zo genadeloos, zo (zelf)veroordelend. Het zegt ons dat God ons niet kan lief- hebben; dat we mislukkelingen zijn; dat we daarom ziek zijn, terwijl het onjuist is te denken dat je slecht en verdoemd bent en dat je ziekte een straf van God is. Wie een kind of een ge- liefde verliest, maakt dat niet mee als een straf. En wie het ge- luk heeft te genezen, is nog geen ‘uitverkorene’ van God. God beschermt ons, maar niet op deze wijze! Het echte, wezenlijke werk moet van binnenuit komen. Het moment van onze dood is het moment waarop we onszelf kunnen vergeven. In het stervensproces is geen ruimte voor de starre patronen die je je leven lang hebt opgebouwd. Het is op dat moment tijd je ‘bagage’ los te laten en mededogen te hebben met jezelf en anderen. Vergevingsgezindheid – het ontwikkelen van een ge- nadig hart – voor jezelf en anderen, is een van de kwaliteiten die onze overgang het meest verzacht en makkelijker maakt. Veel mensen hebben er moeite mee om zichzelf te verge- ven en gaan er dan ook van uit dat God of de geestelijke we- reld zich van hen afwendt en hen afwijst. 18 Reflectie 1 (1-2) september 2004 Leven en Dood
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=