reflectie78(1-2).vp
De Heer van de dood Zoals gezegd worden zielen na een zelfdoding vaak opgevan- gen in hospitalen waarin zij wat kunnen bekomen van de schok. Ook hier is sprake van welwillendheid, maar men maakt uiteindelijk zelf de keus of men zich verder wil ontwikkelen, of zich in een schuldgevoel en zelfverwijt wil blijven wente- len. Wie niet in het licht kan geloven, komt daar ook niet terecht, ook al zal hem daar steeds op gewezen worden. God is in de visie van Swedenborg 7 zowel de God van de he- mel als van de hel: geen enkele ziel zal in die ‘hel’ voor eeuwig moeten verblijven, hoewel het wel een eeuwigheid kan lijken. Swedenborgs visie komt overeen met wat het Tibetaanse Dodenboek en ook Sogyal Rinpoche in zijn boek Het Tibe- taanse boek van leven en sterven beschrijven. De fase waar- over Swedenborg schrijft, lijkt op die van de bardo, die een gemiddelde duur heeft van negenenveertig dagen en een mini- male lengte van een week. Sommige beschrijvingen van de bardo spreken van een laatste oordeel, een soort terugblik op het leven zoals we die in veel culturen aantreffen. Je goede geweten, een witte beschermengel, vervult de rol van advocaat en somt de goede dingen op die je gedaan hebt, terwijl je slechte geweten, een zwarte demon, de aanklager vertegenwoordigt. Goede en slechte daden worden als witte en zwarte kiezelstenen naast elkaar gelegd. De ‘Heer van de Dood’, die de zaak presideert, raadpleegt dan de spiegel van karma en spreekt zijn oordeel uit. Deze oordeelsscène heeft, zo zegt Sogyal Rinpoche, enkele interessante overeenkomsten met de terugblik op het leven die de bijna-doodervaring kenmerkt. Uiteindelijk vindt elk oordeel plaats binnen onze eigen geest. We zijn zowel rechter als verdachte. ‘Het viel mij op’, zei Raymond Moody, ‘dat in de gevallen die ik bestudeerde, het oordeel niet kwam van het wezen van licht dat van deze mensen leek te houden zonder oordelen, maar eerder van de veroordeelde zélf.’ Een vrouw die een bijna-doodervaring had gehad, vertelde Kenneth Ring: ‘Je leven wordt je getoond – en zelf vel je een oordeel, je beoordeelt jezelf. Al je zonden worden je vergeven, maar ben je in staat jezelf te vergeven voor het nalaten van dingen die je had moeten doen, en de kleine, bedrieglijke da- den die je misschien in je leven hebt gepleegd? Kun je jezelf vergeven? Dat is het oordeel.’ Deze oordeelsscène laat volgens Sogyal Rinpoche ook zien dat het de motivatie achter elke van onze handelingen is die in laatste instantie de doorslag geeft, en dat het niet mogelijk is te ontkomen aan de gevolgen van onze vroegere daden, woorden en gedachten en de indrukken die ze hebben achtergelaten, als- mede de gewoonten die ze hebben gevormd. Hieruit blijkt dat we niet alleen volledig verantwoordelijk zijn voor dit leven, maar ook voor al onze toekomstige levens. Leven als voorbereiding op de dood Het lijkt erop dat het taboe rond de dood tot het verleden gaat be- horen. De dood is teruggekeerd in het leven. Wellicht dat kennis over het leven na de dood en de bijna-doodervaring, hierbij een belangrijke rol spelen. Wellicht dat zulke kennis inderdaad tot gevolg heeft dat mensen minder snel een einde aan hun leven maken. Een ander gevolg kan zijn dat er minder hard wordt ge- oordeeld over zelfdoding en dat wij mensen die hiertoe besloten met onze goede gedachten begeleiden en voor ze bidden. Het is niet voor niets dat er steeds meer kennis over het leven na de dood beschikbaar komt, waardoor er een paradigma- verandering op gang kan komen. Sogyal Rinpoche wijst erop dat we volgens de boeddhisti- sche leer het leven daadwerkelijk kunnen gebruiken om ons voor te bereiden op de dood. We hoeven volgens hem niet te wachten op de pijnlijke dood van iemand die ons na staat, of op de schok van een ongeneeslijk zieke die ons dwingt ons eigen leven te bekijken; noch zijn wij gedoemd om op het mo- ment van onze dood het onbekende met lege handen tegemoet te treden. “We kunnen hier en nu beginnen de zin van ons leven te vinden. We kunnen van elk moment een gelegenheid maken om te veranderen en ons vol overgave en concentratie op de dood en op de eeuwigheid voor te bereiden. In de boed- dhistische benadering worden leven en dood gezien als één geheel, waarin de dood het begin is van een ander hoofdstuk van het leven. De dood is een spiegel waarin de gehele betekenis van het leven wordt gereflecteerd.” Lambèrt de Kwant (1943) is journalist op het gebied van religie en spiritualiteit. Hij houdt zich o.a. bezig met radioprogramma’s voor de Hindoe-omroep OHM. Hij is hoofdredacteur van het magazine “Terug- keer”, tijdschrift voor BDE en zingeving. Hij is tevens hoofdredacteur van “Reflectie”. 1 James van Praagh: “ Spirituele reizen tussen leven en dood – In contact met de geesten van overledenen ”. Kosmos Z&K, 1999. 2 James van Praagh: ” Verdriet en verlies geheeld – In contact met overledenen .” Kosmos Z&K, 2001. 3 James van Praagh: “ In gesprek met de Hemel.” Kosmos Z&K, 1998. 4 Kenneth Ring/Evelyn Valarino: “ Het Licht gezien – Bijna-doodervaringen .” Ankh-Hermes, 1999. 5 Eliot Jay Rosen: “ Het Licht van de Ziel – Vóór de geboorte, tijdens het leven, na de dood .” Persoonlijke verhalen en wijsheid van o.a. Dalai Lama, Elisabeth Kübler-Ross, Raymond Moody, Gerald Jampolsky. Het Spectrum, 1999. 6 Sogyal Rinpoche: “ Het Tibetaanse boek van leven en sterven.” Servire, 1994. 7 Emanuel Swedenborgh: “ Hemel en Hel – En over hetgeen werd gehoord en gezien .” Swedenborgh Boekhuis / Sigma, 2001. Emanuel Swedenborg: Ontwaken uit de dood - Een inspirerende beschrijving van de reis van de ziel naarspirituele gebieden na de lichamelijke dood. De Ster, 1998. * * * 19 Reflectie 1 (1-2) september 2004 Engel Textielschilderij van Madelon van Oyen
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=