reflectie78(1-2).vp

recht uit het hart. Voor een aantal van de mensen in onze groep tevens een eindeloos gebeuren: bijna drie uur lang. Het altaar was een kleurige doek, uitgespreid op de grond, waarop allerlei attributen werden neergelegd, zoals stenen, veren, botjes van dieren, eucalyptushout, wierook en een zak vol cocablaadjes. Ieder van ons mocht iets eigens op het al- taarkleed leggen, bijvoorbeeld een ring, een kruisje of een steen. De vier sjamanen zaten achter het kleed en wij vormden samen met hen een cirkel. Er waren verschillende rituelen. Een reiniging met condorveren en gewijd vuur. Het delen van cocablaadjes: ieder van ons kreeg drie blaadjes, een k’intu, en werd verzocht er drie maal over te ademen om er je eigen le- venskracht aan te geven en er je eigen bede aan te verbinden. Nadien mocht je de blaadjes opeten. Dit ritueel herhaalde zich nog tweemaal. Er werd gezongen en ritmisch getrommeld, waardoor een meditatieve sfeer ontstond. Wat ons raakte, was het naar binnen keren, het bidden, zo recht vanuit het voelende hart. Ter afsluiting werd de vredespijp aangestoken, ge- rookt en met ons gedeeld. Het was een zeer indrukwek- kende plechtigheid in de open lucht, in de vrije natuur. De ceremonies raakten ons diep en waren op een bepaal- de manier ook vertrouwd. Na deze lange ceremonie moch- ten we ‘De Tempel van het Water’ betreden, nadat wij ons met het water uit de bergstroom door besprenk- eling hadden gereinigd. De tempel bestaat uit een muur tegen de rotswand, waarin vijf nissen zijn die elk een eigen energie hebben. Sommigen van ons konden deze verschillende ener- gieën duidelijk ervaren. In het boek “Stemmen van Peru” van Kees van Putten e.a. staat het volgende over de cocablaadjes beschreven: ‘Viracocha is de Schepper van de wereld van de Inca’s. De cocaplant is een geschenk van Viracocha aan de Inca’s. Cocablaadjes zijn heel gezond. Zij geven je kracht; bevatten veel vitaminen en mine- ralen; dienen om honger en dorst te stillen en zijn goed tegen hoogteziekte. Een half ons coca- blaadjes geeft de dagelijkse hoeveelheid aan vitaminen en mineralen. Cocabladen worden altijd gebruikt bij rituelen en ook voor de coca-thee. Cocaïne ìn het blad is een zegen; cocaïne uìt het blad is een vloek. Het is de wraak van de Inca-goden voor de heiligschennis’. De laatste, bij ons allen diep ingrijpende ervaring was de ontmoeting met vier condors en een adelaar bij ‘El Crux del Condor’ (het kruis van de condor) in de Colca Canyon. De condor, deze machtige vogel, heeft een vleugelspanwijdte van ruim drie meter en behoort tot de gierachtigen, die de kada- vers, de shit, opruimen. De Inca kent een bovenwereld, een middenwereld en een onderwereld. Deze werelden hebben hun eigen symbolen: de condor, de puma en de slang. Wij zagen een afbeelding van Jezus aan het kruis, de slang eronder, de condor erboven, waaruit duidelijk blijkt dat het christendom zich heeft vermengd met de godsdienstige cultuur van de Inca’s. De Inca’s zien ‘Heer Condor’ – zoals hij wordt ge- noemd – als een belangrijk wezen. Hij hoort niet bij de gewo- ne levende wereld, maar is het diersymbool van de bovenwereld, het symbool dat staat voor het Christusbewust- zijn, zoals bij ons de (witte) duif. De toeristen, die waren komen kijken naar de condors, die de gewoonte hebben vroeg in de morgen te vliegen, zochten inmiddels hun bussen weer op. We waren nu bijna alleen. Op dit hoge punt in de Colca Canyon gingen de sjamanen in gebed en in trance; verbonden zich met de condor om hem te roepen. Onze groep was al vanaf de vorige avond in stilte om zodoende zich al af te stemmen op de ontmoeting met de condors. Wij stonden in een cirkel om de sjamanen heen. Een van de sjamanen sprak de bede uit dat de dag mocht komen dat de Adelaar van het Noorden zou vliegen met de Condor van het Zuiden – dat er eenheid mocht zijn in de wereld van verdeeldheid. Het was al ver na elf uur … wij hielden onze adem in, toen na een kwartier eerst de Adelaar kwam aanvlie- gen en vervolgens ook de Condor … die weer achter de berg- toppen verdween om terug te komen met nog een condor … nog een … en nog een. Vier condors zweefden boven onze hoofden hoog in de lucht … en wij … met eerbied op Moeder Aarde staande … waren allemaal heel diep ontroerd door die condor, symbool van het Christusbewustzijn. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven door een drietal leden van de kerkgemeente Raalte: Monique Systermans, Ank Spekreijse en Caroline Hulshof-Wopereis. 1 Caroline en Karel van Huffelen: “Op weg naar meesterschap met de meesters van het Titicacameer”, Petiet, 2003. * * * 27 Reflectie 1 (1-2) september 2004

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=