reflectie zomer 2013.vp
God heeft het universum niet geschapen, het universum schept uit Zichzelf Aat-Lambèrt de Kwant Er lijkt steeds meer ruimte te ontstaan voor de idee van een al- omvattend, kosmisch bewustzijn en dat wat op aarde gebeurt is een gevolg van de planetaire veranderingen. Grimmig, noemt de spiritueel denker Deepak Chopra de houding ‘die de wetenschap ons heeft ingeprent’. Volgens die attitude ‘is de menselijke identiteit in een uitdijend universum klein en zelfs pathetisch’. En dat betreurt hij. We moeten volgens hem ‘een nieuw thuis vinden’ in het universum. Zo kunnen we ontvank- elijk zijn voor optimisme en ware hoop. Het is fascinerend te zien hoe de kwantumfysica de ver- enigd veldtheorie ontwikkelde met als doel te verklaren hoe alle verschijnselen en materie in het universum ontstaan uit een onveranderlijke bron van pure energie (1) . In dit artikel enkele complementaire visies hierop. Ons zonnestelsel bevindt zich op dit moment in een fase-overgang Planetaire veranderingen in onze universa en metaversa, heb- ben ook gevolgen voor wat er op aarde gebeurt, maar in de vi- sie van Veda-deskundige Kush Visser (2) , is het ook weer we- derkerig omdat alles in het universum met elkaar is verbonden. Mens, omgeving, aarde, planeten, zonnestelsel, universum, staan allen met elkaar in verbinding. Het zijn volgens hem niet enkel de planetaire veranderingen die ons beïnvloeden; wij be- ïnvloeden ook alles. En uiteindelijk is het onze kwaliteit van leven en onze kwaliteit van bewustzijn die veranderingen ver- oorzaken en in gang zetten. “Uiteraard hebben de planeten ook invloed op ons, maar het is voornamelijk ons bewustzijn dat alles creëert. De chaos hier op aarde wordt in de eerste plaats veroorzaakt door onszelf. Tegelijkertijd zijn er ook die plane- taire invloeden, zoals de transformatie van de zon en het zon- nestelsel, die op dit moment een rol spelen. Samenvattend kun je zeggen dat wij het universum zijn, wij zijn de planeet aarde.” Tegelijkertijd zien we, zo zegt Visser, ook dat steeds meer mensen zich verder innerlijk willen gaan ontwikkelen om zo na te gaan wie ze in wezen zijn en wat ze hier op deze planeet doen. Zo bezien is er toch ook sprake van een spirituele groei waardoor er toch nog hoop is voor deze wereld. Natuurlijk verkeert de wereld nu in een grote crisis, maar een crisis kan ook weer een uitdaging zijn om daar weer uit te komen. Volgens Visser waren er vele jaren geleden heel mooie be- schavingen op aarde, waaronder de Vedische beschaving. Het was een gouden tijd van samen delen en elkaar volledig res- pecteren. Hij beweert niet dat die tijd weer helemaal gaat te- rugkeren; de evolutie gaat gewoon door, maar er zijn wel sig- nalen dat we transformeren naar een nieuwe gouden periode voor de mensheid, waar heel andere waarden en normen gel- den dan op dit moment. Vanuit zowel de Maya als de Veda- traditie, zijn heel duidelijke voorspellingen gedaan, dat we er vanuit mogen gaan dat zo’n nieuwe periode er aan zit te ko- men. De wijsheid van de Veda’s kan, in zijn visie, eenvoudig- weg niet verloren gaan, omdat zij de uitdrukking van het uni- versum is en inherent aan het universum. Maar ze kan mense- lijk gezien wel in de vergetelheid raken en dat is wat in de loop van de tijd is gebeurd. Was er wel een oerknal? Ook Kush Visser vindt het opmerkelijk dat steeds meer weten- schappers gaan inzien dat ze deel uitmaken van één groot ge- heel. Ze zijn nu aan het ontdekken dat onze planeet ook een in- telligent geheel is, een organisatie, of een proces met een geheu- gen. Ons grote probleem als mens is volgens hem, dat wij, zoals dit ook in de Vedische geschriften tot uitdrukking komt, zo’n lange tijd afgescheiden zijn geweest van dit grotere geheel en allemaal op een eilandje zijn gaan zitten met ons eigen ego-tje. Maar langzamerhand gaan we ontdekken dat we onderdeel zijn van dat veel grotere geheel en dat al die onderdelen in zowel het universum als op aarde, elkaar voortdurend beïnvloeden. Het zijn dus niet enkel de planetaire veranderingen die ons beïnvloe- den; wij zijn die planeten, wij zijn de zon, wij zijn de maan, wij zijn de aarde. Zodra we dit meer in ons bewustzijn integreren gaan we heel anders met alles om. De Veda’s zijn er heel duide- lijk over dat vóór de schepping van het universum en de univer- sa, de intelligentie in die tijd al aanwezig was. De Veda’s spre- ken zelf niet van de oerknal en je zou je zelfs kunnen afvragen of er ooit wel een oerknal geweest is. We spreken over de oer- knal op het fysieke niveau dat een uitdrukking is van de creatie- ve intelligentie in het universum; je kunt dat het goddelijke noe- men, of hoe dan ook, maar het is het goddelijke geweest, de goddelijke intelligentie die het plan ontworpen heeft om ook de fysieke universa te laten ontstaan en te laten groeien en te evalu- eren. Maar uiteindelijk komt het allemaal weer terug bij onszelf want wij zijn zelf dat goddelijke. Wij zijn die totaliteit, alles is bewustzijn en omdat wij op ons zintuiglijke niveau functione- ren, zien wij alles als materie, maar dit is een onvolledige waar- neming van de realiteit. Een zaadje van kosmische energie Krijn Koetsveld (3) deelt de visie van het alomvattend, kos- misch bewustzijn. wijst op de verschillende Maya-kalenders waarvan er één was (‘The Long Count’) die aantoonde dat er sinds de oerknal sprake was van een versnelling, een verho- ging van de frequentie die steeds is doorgegaan tot het einde van die kalender. Het ging dus steeds sneller tot het op een ho- ger niveau bleef hangen. Een opmerkelijke verandering die zij al lang geleden voorspeld hebben, zegt Koetsveld. “Als je vraagt wat die versnelling nu betekent, hoef je alleen maar te kijken wat er momenteel in de maatschappij gebeurt. Mensen hebben het gevoel dat alles steeds sneller gaat. Een aantal mensen vertellen mij ook dat ze na 21 december 2012 het ge- voel hadden dat er een soort rust was maar ook de ervaring hadden dat de tijd nog sneller verliep. Dit heeft inderdaad te maken met de veranderende planetaire gebeurtenissen, zoals dit blijkt uit de andere Maya-kalenders, de cyclische kalen- ders. Eén van die kalenders, de Alautun, bestaat uit vier keer drieënzestig miljoen jaar. Het is dan ook de langste kalender.” 21 Reflectie 10(2), zomer 2013
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=