13(2)16
Reflectie jaargang 13nummer 2, zomer 2016 30 of nauwelijks aan de orde en in die leemte wil dit boek voorzien. Toch begon het boek al lezend wat te kriebelen. Zo vroeg ik me bijvoorbeeld af waarom hier de term ‘liberaal chris- tendom’ wordt gebezigd. Met Wolter Huttinga in Trouw zou ik liever pleiten voor de alternatieve titel ‘hyperreflectief christendom’. Een reflectief christen- dom zoals ook de VKK dat kent, waarbij de ervaring een belangrijke rol speelt en ook in Voortmans Open geloven ter sprake komt. Liberaal christendom Ervaren, doen, denken Auteur: Rick Benjamin/Jan Offringa/ Wouter Slop Uitgever: Skandalon, 2016 Liberaal christendom is een prikkelend boek dat hier en daar tegen de wat vermolmde poten onder de kerkelijke stoelen schopt. Elf schrijvers willen een ruimdenkende, niet-dogmatische vorm van christendom delen, dat, zonder opdringerigheid, het belang van christelijk geloof wil uitspre- ken. De auteurs in dit boek zijn opge- groeid in heel verschillende kerken of gemeenten, die orthodox, midden- or- thodox of vrijzinnig hervormd waren, gereformeerd of evangelisch. Het liberale blijft dan ook beperkt tot het christelijk liberale . Toch wordt er in verschillende kritieken op gewezen dat er niet wordt ingegaan op bijvoorbeeld de islam of aan de uitdaging om het christelijk perspectief te hanteren in een multiculturele en multireligieuze omgeving. Niettemin wijzen de schrijvers erop dat Liberaal christendom laat zien dat er meer is tussen óf orthodox gelo- ven óf niet geloven. Het laat zien hoe we vandaag de dag van God kunnen spreken, met de Bijbel kunnen omgaan en vanuit christelijke inspiratie kunnen leven. In dit prettig lezende boek laten de schrijvers ons kennismaken met wat ze noemen het ‘ Vertrekpunt Relivant ’, een soort theologisch manifest dus dat in de artikelen nader wordt toegelicht. Met een ruime blik naar de (wetenschap- pelijke) inzichten van deze tijd, verwoor- den de schrijvers het belang en de relevantie van de christelijke traditie voor vandaag en bieden een liberale theologie die onorthodox is en de grote vragen niet schuwt. Zij spreken zich uit over waarheid en interpretatie, kerk en wereld, over God, Jezus en de Geest. Ze denken na over de impact van geloof op o.a. geweld, vrijheid, liefde en seks. Een liberale, ruimdenkende en tolerante vorm van christelijk geloven is gangbaar in brede lagen van de Nederlandse kerken. Maar waar het liberale joden- dom publiekelijk op veel sympathie kan rekenen en we vandaag de dag uitzien naar een liberale islam, komt zoiets als liberaal christendom tot op heden niet neiging tot geweld in onszelf? ’ Kwaad bestaat niet in absolute zin, stelt Andries van Dantzig, psychiater: ‘Deze bundel is indrukwekkend, hoopvol, angstaanjagend, en ontroerend. Ieder die zich voelt geraakt door de discus- sies over zinloos geweld zou het op z’n nachtkastje moeten hebben liggen.’ Mooi is wat Van der Ven in haar nawoord zegt: ‘Wie leeft loopt littekens op. Niemand blijft gevrijwaard van pijn, schaamte, angst, vernedering, schuld, falen, leugens en verraad. Uit welke bron ontspringt dan het ‘ en toch ’? Ontmoe- tingen met uiteenlopende mensen, van wie een aantal in dit boek, hebben mij geleerd dat je misschien niet kunt verhinderen dat de kwaadaardige raven over je hoofd vliegen, maar wel dat ze zich er nestelen.‘ Het kwaad en ik Een zoektocht naar de wortels van geweld Auteur: Colet van der Ven Uitgever: Lemniscaat, 2015 Eén van de mooiste, meest treffende boeken die ik las over het begrip ‘kwaad’ in de wereld. Het boek is ontstaan als mengeling van drie journalistieke genres: reportage, interview, essay, afgewisseld met autobiografische flarden. Met de titel wil Van der Ven aangeven dat haar persoon- lijke en professionele leven de kaderkring is van haar bundel: de ont moetingen die ze had, de verhalen die ze hoorde, de gesprekken die ze voerde, de boeken die ze las en de ideeën die ze ontwikkelde. In deze bundel met eerder in Trouw versche- nen interviews brengt Van der Ven ver- schillende visies op kwaad bijeen. Het Kwaad en ik is de weerslag van een persoonlijke zoektocht die nog steeds in volle gang is. Daarbij laat zij het meta- fysische kwaad buiten beschouwing, dat is van een andere orde , vindt ze. Ik ben overigens wel benieuwd naar haar visie hierop. Maar haar belangstelling ging en gaat vooral uit naar de individuele mens die – fysiek, verbaal, psychologisch – geweld heeft gebruikt of ondergaan, naar de psychologie en sociologie achter verne- deren, kwetsen en haat zaaien, naar de mechanismen achter uitsluiting en mis- bruik, naar misvormde structuren en systemen. En ook naar de vraag hoe we tegenkrachten in onszelf en elkaar kunnen mobiliseren. ‘ Hoe kunnen we ,’ vraagt ze, ‘ elkaar weerbaar maken (tegen meer of minder extreme) situationele invloeden en ons wapenen tegen de Waarom ik christen ben Auteur: Timothy Radcliffe Titel: Waarom ik christen ben Uitgever: Kok, 2005/2015 Radcliffe weet in deze heruitgave van 2005 diepe levenswijsheid volkomen begrijpelijk en vaak humoristisch onder woorden te brengen. Op haast profeti- sche wijze leest hij als het ware de tijd. Radcliffe, dominicaner monnik, spreekt over de betekenis van christen-zijn in een steeds veranderende cultuur. Enerzijds put hij uit de christelijke traditie en gaat hij steeds terug naar het bijbelse verhaal over Jezus. Ander- zijds is hij open-minded in gesprek met hedendaagse denkers binnen en buiten de kerk. Het wordt overigens nooit zware lectuur, omdat Radcliffe niet abstract redeneert; hij vertelt verhalen. Mooi is wat hij in het eerste hoofdstuk schrijft: ‘ Het laatste avondmaal is een confrontatie tussen de brute macht en de macht van het teken. Je hebt de macht van Pilatus, en de macht van de zwakke, kwetsbare man die brood neemt, het breekt en het deelt terwijl de dood voor de deur staat. Iedere eucharistie is een viering van ons vertrouwen dat in Christus betekenis zal overwinnen, al weten we niet hoe, en kunnen we er niet op vooruitlopen. ’ Václav Havel, toneelschrijver en voor-
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=