14(4)17

Afbeelding 1: de bekende theosofische scheppingsvisie van de drie- voudige uitstorting van de zonneloges eerstelevensgolf:kracht–stof atmisch anupadaka adi boeddisch manasisch astraal fysiek ‘ Alle dingen zijn door hetzelve gemaakt en zonderhetzelve is geen ding gemaakt dat gemaakt is. ’ Joh. : . dedrievoudigeuitstortingvandezonneloges ‘ Ik ben van alles de oorsprong, uit mij wentelt alles voort ’ Bhag.Gita : . geestelijk delfstoffelijk plantaardig dierlijk menselijk opklimming van bewustzijn ste elementale essence de elementale essence de elementale essence delfstoffelijk plantaardig dierlijk de ele- mentale essence; ervaringen beperkt tot die van ons evolutie- plan demona- dische essence; het leven van de tweede logos, niet beperkt tot een evolutie- plan d e r d e l e v e n s g o l f : g o d d e l i j k h e i d – m e n s e l i j k h e i d t w e e d e l e v e n s g o l f : l e v e n – v o r m 22 Reflectie jaargang ı4 nummer 4, winter 20ı7 In onze kerk zijn we gewend aan het bestaan van engelen en we werken graag met hen samen. Ze komen in de Bijbel voor en worden daar ook bij name genoemd. Ook het hindoeïsme en de islam kennen engelen. Engelen zijn het meest bekend als boodschappers; in elk geval voor een kortstondig contact met de mens- heid, maar hun werkzaamheid is veel groter. Denk bijvoorbeeld aan het begin van de Heilige Mis, de asperges , waarin wij de Hemelse Vader vragen zijn engel te zenden om voor ons een geestelijke tempel te bouwen; en na de consecratie vragen wij God opnieuw om Zijn engel onze offerande te doen brengen naar Zijn altaar in de hoge. Wies Kuiper Engelen enmensen De evolutielijnen van engelen en mensen verklaard via het model van de drie levensgolven Daarnaast waren er de profeten die vanuit een innerlij- ke drang de mensheid (meestal de eigen stam of volk) opriepen tot een hoger moreel besef of het uitvoeren van een bepaalde opdracht. In de theosofie worden die twee typen van evolutie, die van mensen en van enge- len, uitgebreid besproken. Laten we daarom beginnen met het voor de meesten welbekende schema van de drievoudige uitstorting, maar nu wat uitgebreider. Afbeelding 1 gaat vooral over de levensgolven en geeft een beeld van hoe die levensgolven in de mens werken en hoe daarin de mens, evenals het dier, de plant en het mineraal, een expressie van die levensvorm is. Rechts in het schema zie je in dunnere lijnen de evolutie van het geestelijke, dat buiten de vormen valt. Een levens- golf gaat door alle lagen van het zonnestelsel heen, maar wij beperken het nu tot de Aarde en specifiek tot de mens op die Aarde. Ook de engelen doorlopen dit schema, maar: op hun eigen manier. Beginnen we met de eerste Levensgolf. Deze is afkomstig van de derde persoon van de Heilige Drievuldigheid, de Heilige Geest. De eerste levensgolf • Mgr. Leadbeater schrijft in zijn boek ‘ De mens, zicht- baar en onzichtbaar ’: ‘ In de zee van maagdelijke materie (de ware Maagd Maria) stroomt de Heilige Geest uit als levensschenker. In deze aldus belevendigde stof daalt de tweede levensgolf neer, die van de Zoon, en geeft vorm aan die materie. Die vorm is dus als het ware geboren uit de Maagd Maria en de Heilige Geest. Dit kosmische gebeuren wordt gespiegeld in het Evangelie van Lucas bij Maria Boodschap: De Heilige Geest zal over u komen en de kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen, daarom zal wat uit u geboren wordt heilig zijn, de Zoon van God.’ Laten we met de eerste levensgolf indalen en in de af- beelding de lijn naar beneden volgen tot aan het fysie- ke niveau. Dan ontstaat daaruit voor de werkzaamheid van de tweede levensgolf het vermogen tot het schep- pen van vormen. Namelijk doordat de levensgolf bij het neerdalen door de mentale, astrale en etherische sferen daalt , en daardoor de essence , of innerlijke vermogens, van het mentale en astrale en etherische leven in zich opneemt. We noemen dat ook wel het ‘ belevendigen van de materie ’. Pas als dàt gedaan is kan er sprake zijn van het maken van vormen. Voorbeeld: aan het strand kun je van het droge zand geen vormen bouwen, maar bij de vloedlijn, waar het zand nat is, kan dat wel. Deze vormen ontstaan in eerste instantie in het delfstoffen- rijk, uit water en aarde, hoewel lucht en vuur helpend zijn en hun inbreng hebben. • G. Barborka schrijft in zijn boek: ‘ Het goddelijk plan ’: ‘ Het Goddelijk Plan is een openbaring van de Goddelijke Wet. Zoals de zon ontelbare stralen uitzendt die hetzelfde inwezen hebben als de bron waaruit zij zijn voortgekomen, zo zendt ook de Goddelijke Wet stralen uit die van dezelfde essence zijn als hun Bron. Daarom zijn deze stralen Goddelijke Wetten; zij houden het Goddelijk Plan in stand. De Goddelijke Wetten zijn de grondslagen van al wat bestaat; zij waren werkzaam voordat het heelal tot aanzijn kwam; zij blijven functioneren zo lang het heelal in toestand van openbaring verkeert en zij zullen nog steeds hun uitwerking hebben wanneer het heelal zal ophouden te bestaan. Daar deze wetten van kracht blijven, ongeacht of er al dan niet een mens, een planeet of een zon of zelfs een heelal in openbaring is, zijn zij Goddelijke Wetten, omdat zij buiten tijd en ruimte liggen .’ Laten we ons wel realiseren dat we het over levensgolven hebben, in dit geval de eerste en de tweede uitstorting, en dat is niet hetzelfde als wat Darwin bedoeld met evolutie . Bij Darwin gaat het om de herschikking van de vormen, en daardoor de overleving van de sterkste. De evolutie van het leven is een zich ontsluiten en zich ontplooien in de richting van Bewustzijn. Want achter het leven is er, als het hart en de ziel ervan, het Bewustzijn. En het is dat Bewustzijn dat steeds andere, hoger ontwikkelde vormen nodig heeft om zich te ontplooien, om zich te kunnen uitdrukken. Het zijn

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=