14(4)17

Afbeelding 2: Emanatie van de schepping vanuit de goddelijke kern; omslagillustratie van het boek ‘ Oude wijsheid, modern inzicht ’ van Shirley Nicholson uit 2000 Reflectie jaargang ı4 nummer 4, winter 20ı7 23 Over de auteur Wies Kuiper (1935) is eerstaanwezend priester van de kerkgemeente Zwolle. Zij werd op 5 november 2005 gewijd tot priester. Tot in medio 2017 was zij daar- naast voorzitter van de Clericale Synode. Van beroep was zij lerares in het middel- baar onderwijs en daarin heeft zij vele jaren beroepsmatig gewerkt. De laatste dertig jaar is haar aandacht vanuit de vkk -gedachte gericht geweest op theosofie . Zij heeft hierin veel gestu- deerd en lezingen gegeven, zowel in Neder- land als daarbuiten. Nog steeds geeft zij leiding aan het theo- sofisch studiecentrum Lanoe (dat betekent ‘leerling’) in Zwolle. de twee kanten van dit gebeuren. De één kijkt naar de vorm, de ander naar de inhoud. Deze ontwikkeling van de vormen gaat langs verscheidene lijnen, die tenslotte uitmonden in een engelenlijn en een mensenlijn die uiteindelijk bij de vijfde inwijding (die van de chohan of meester) weer samenkomen. • I.K. Taimni stelt in zijn boek: ‘ De mens, God en het universum ’ het volgende: ‘Volgens de occulte leer is het gehele gemanifesteerde univer- sum het resultaat van de involutie van bewustzijn na de pro- ductie van materie in allerlei graden van subtiliteit. Om te zeggen dat bewustzijn of Realiteit in de materie verwik- keld raakt is enigszins in strijd met de leer, omdat materie niet onafhankelijk staat van de Realiteit die zij inwikkelt, maar zelf een afgeleide van die Realiteit is. Misschien moeten we het zo zeggen: één aspect van het bewustzijn of de Realiteit produ- ceert materie, een tweede aspect vervaardigt de voertuigen voor het functioneren van bewustzijn en een derde aspect gebruikt deze aldus vervaardigde voertuigen om zich te kunnen uiten. Dit is het werk van respectievelijk de Derde, de Tweede en de Eerste Logos, zoals zij in de theosofische termi- nologie heten .’ Afbeelding 2 geeft op een andere manier de samenstel- ling van de mens weer. In het midden de goddelijke kern en vandaar uit begint de differentiatie in de vele stralen (die nog allemaal met elkaar verbonden zijn) tot aan de lijn waar de kleur violet overgaat in het grijs- blauwe. Vanaf die cirkel zijn de stralen aparte entitei- ten. Die lijn geeft de scheiding aan tussen het hoger en het lager mentale gebied. Deze gaat verder door naar het donkerdere blauw, het astrale gebied en het laatste puntje het fysieke gebied. Het zijn die losstaande pun- ten waarvan Taimni en ook Barborka zeggen dat zij ‘ niet de Realiteit zelf zijn, maar de bekleding daarvan ’, maar wel van dezelfde aard zijn. Het bewustzijn of Realiteit die als het ware incarneert in de lagere aspecten van de mens, trekt zich langs dezelfde weg terug na het leven in de materie, dus bij de excarnatie (de Zoon komt terug in het huis van de Vader). De eerste en tweede levensgolf De ontwikkeling van de vormen vanuit de oermaterie, beladen met de essenties van het manasische of menta­ le, het astrale en fysieke gebied, ingebracht bij de eerste levensgolf verloopt daarna via twee hoofdlijnen: de ‘waterlijn’ en de ‘aardelijn’. Via de ‘waterlijn’ ontstond een grotere veelheid vormen, die zich als het ware verdeelde in vier lijnen, die later weer ineenvloeien tot de engelenlijn. De ‘aardelijn’ was maar éénvoudig en leidde tot de mensvormen. Om een paar tussenvormen van die eerste vier lijnen te noemen: zwammen, zeewieren, vissen, reptielen, bijen, vogels tot de engelen op het astrale gebied, vervolgens op het mentale gebied en tenslotte op het arupa gebied of het hoger mentale gebied. De levensgolf die uiteindelijk leidt tot de mensheid gaat langs onder andere: mossen en varens, bloemdragende planten en bomen, zoogdieren en hogere primaten en uit zich tenslotte in de mensvorm. Die mensvorm kan dan door inwijdingen via leerling- schap en adept tot meester, of chohan , groeien en is dan op dezelfde spirituele hoogte als de hoogste engelen. Het is bijzonder dat er in onze kerk zoveel aandacht is voor de engelenlijn. In Naarden worden al vele jaren de Michaëlsdagen gehouden, waarin uiteindelijk alle aarts- engelen behandeld worden en via hen de engelen van de hiërarchieën. We noemen ze in de Heilige Mis allemaal in de Prefatie , vlak voor het Sanctus . eerste triade: serafijnen, cherubijnen, tronen; tweede triade: heerschappijen, machten, krachten; derde triade: overheden, aartsengelen, engelen. De engelen van de hoogste of eerste triade zijn engelen die voornamelijk in de kosmos hun werk verrichten, en ons zodoende met die kosmos verbinden. De tweede tri- ade blijft in de meeste gevallen binnen ons zonnestelsel en de derde triade bemoeit zich vooral met de Aarde. Nu zijn engelen voor de Aarde en de mensheid heel be- langrijk. Vooral die kleine energievormen of bouwende engelen , die achter of bij elk zaadje of plantje of levens- beginsel aanwezig zijn en zorgen dat het de juiste uit- groei krijgt; net zoals er een engel achter ieder pasgebo­ ren mens staat, en misschien wel meer dan één. Dan heb ik het nog niet eens over de beschermengel , die heeft een andere functie dan een bouwende engel. Dan zijn er nog de engelen die bij de Doop aan de voorzijde en aan de achterzijde van de mens benoemd worden en die hem bijstaan bij het uitgaan en het ingaan, bij het opstaan en bij het zitten gaan. We weten het allemaal, maar hoe vaak zijn we ons er- van bewust? Als mensheid zijn wij ingebed in engelen-

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=