Reflectie2(1).vp
waardoor hij ‘het geheel met geestelijke ogen kan omvatten’. In deze sfeer, die overal en nergens is, ruimteloos, tijdloos, eeuwig, aanschouwt hij de weerkaatsing van dit meest pure Licht, de sneeuwwitte Hemelroos, waarin alle planetensferen geborgen zijn. Dit is het waarachtige Rijk van Licht, Liefde en Vrede , waaraan iedereen door de engelen geactiveerd deel- neemt. Hier neemt Beatrice haar ‘bestemde’ plaats weer in, omdat haar opdracht vervuld is. Dantes ziel is bevrijd, helder en klaar. Door het Eeuwig Vrouwelijke, dat in haar wezen be- sloten lag, is Dante omhooggetrokken. (Denken we ook aan het slotkoor uit Goethes Faust: “Das Unbeschreibliche, das ewig Weibliche zieht uns hinan”). Aan het einde van zijn moeitevolle weg – verlost – gehei- ligd – geheeld- zal Dante het Hoogste Schouwen mogen berei- ken. De Visio Dei. In deze laatste ogenblikken is het niet meer Beatrice die Dante begeleidt, maar Bernard van Clairvaux, de esoterische middeleeuwse leraar. Hij voert Dantes blik tot aan de bovenste rand van de hemelroos, waar Maria door talrijke engelen om- geven, troont in een grote, stralende blijheid. In het 32e canto klinkt: “Dat al wat ik van tevoren gezien had, mij niet in zó grote bewondering had geboeid.” In aanbiddende beschouwing blijft Dantes aandacht gericht op haar beeld – op de reine, gelouterde oerziel. Driemaal laat Ber- nard van Clairvaux Dante naar dit zuivere beeld kijken en zegt dan: De tijd gaat voorbij voor Uw visioen – laten wij nu de ogen richten op de Oergrond van het Al – opdat gij naar Hem opziende door mag dringen in Zijn Licht (32e canto). Hoe groot is het heilige gebed dat Bernard – gesteund door de liefde van alle zaligen in de Hemelroos – uitspreekt, om Dante de hoogste openbaring deelachtig te doen worden. In de kortstondigheid van een bliksemstraal is het Dante vergund het Goddelijke Gelaat in de geweldige Lichtopenba- ring van de Heilige Drievuldigheid te aanschouwen – de bui- ten ruimte en tijd gelegen Grondeloze Oergrond van het Zijn . En als daarna het visioen vervaagt, blijft de werking van dit onuitsprekelijke ogenblik, waarin hij één was met de Aller- hoogste. Het geeft hem de volkomen innerlijke zekerheid van de grote Liefde… (het laatste canto van Paradiso). De grote Liefde, die de wereld door het Heelal verspreidt als losse bladen in harmonie met elkaar tot één machtig boekdeel verbindt. De Liefde- kracht, die het Al, de zon en de sterren beweegt . Vanaf dit hoogst beleefde moment blijft in zijn verlangen - in zijn wil en zijn denken – verstild, verhoogd – de verbonden- heid met de Onzienlijke en Diens liefdekracht. En dat geeft hem de kracht zijn goddelijke gedicht te schrijven en door te geven als grandioos voorbeeld van zijn in- nerlijke ontwikkelingsgang – waarin de geestelijke wereld hem steeds vertrouwder werd: als een lichtbron – als realiteit – als basis – als bestaansgrond van het leven hier op aarde – als genezing – als heling van de aardse mens. Dantes innerlijke reis, zijn inwijdingsweg, die in zijn donk- ere woud begon en door zijn hel ging, door zijn louterings- berg, door zijn paradijs, geleid door zijn gidsen en hemelse bo- den… kan een spiegel zijn voor onze innerlijke reis, voor onze gang door onze hel, loutering en paradijs, voor onze opgang tot het Allerhoogste . * Geraadpleegde vertalingen en commentaren: Frederica Bremer, vertaald in de vorm van poëzie. Frans van Doorn, vertaling in proza. Margaretha Lochbrunner, studie over Dante.. Gravures van Gustave Doré Anneke de Bruijn (Almelo, 1922). Na de middelbare school en sec- retaresseopleiding is zij vele jaren als directiesecretaresse werkzaam geweest. Zij was actief bij de padvinderij als Akela en hoofdleidster. Via haar man leerde zij de Vrij-Katholieke Kerk kennen, waarvan zij nu 58 jaar lid is. Sinds l978 is zij lid van de Orde Vita Feminea Textura. Dit artikel is als werkstuk voor de Orde gemaakt en in diverse loges in het land gepresenteerd. * * * 25 Reflectie 2(1), maart 2005 De mens in Gods hand – Carl Milles (Zweden) Foto: Nelly Schouw-Zaat
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=