Reflectie3(1).vp

maal zal mijn broeder tegen mij zondigen en moet ik hem ver- geven? Tot zevenmaal toe?” Het antwoord van Jezus klinkt nogal raadselachtig: ”Niet tot zevenmaal toe, maar tot zeventig maal zeven maal." Dus concluderen wij: niet zevenmaal, maar 490 maal. Dat is opmerkelijk, want de 490 duidt evenals de 49 op een naderende nieuwe tijd. Datzelfde getal, de 490, vinden we ook terug in de naam van de stad Bethlehem. Elke Hebreeuwse letter heeft een ge- talswaarde. De totaalwaarde van de letters waarmee de naam Bethlehem wordt gespeld, bedraagt 490. Hier moet Jezus wel geboren worden, want hij zal de mensheid naar de 500 leiden. Opmerking verdient ook de plaatsnaam Moab, de laatste en 42ste halteplaats van de Exodus. Geschreven met letters die de waarden 40, 6, 1 en 2 vertegenwoordigen draagt ook Moab het teken van de 49. Vanuit Moab trekt de stammoeder Ruth van het geslacht waaruit Jezus voort zal komen naar Bethle- hem. Ze trekt dus van de 49 naar de 490, intensiveert daardoor de mystieke betekenis van het getal 49. Wetende dat de zevende dag heilig is, wordt begrijpelijk dat verheffing van de zevende dag met de volgende zeven dubbel heilig is en dat geldt overduidelijk voor de 49 en zelfs nog sterker voor de 490. Dus wie zeven maal zeventig keer vergeeft, heeft een nieuwe verhouding geschapen. En wie in de 490 wordt geboren en de zevenvoudige inwijding tussen geboorte en uitstorting ondergaat, maakt de mensheid gereed voor de nieuwe tijd, zoals ook voor de overledene in het Tibe- taanse dodenboek na 49 dagen een nieuwe tijd aanbreekt. De enige die deze transformatie kan bewerken, moet wel een boddhisattva zijn, ofwel een goddelijk wezen dat mens wil blijven om de mensen te onderrichten. Mijn weg van de R.K.Kerk naar de Vrij-Katholieke Kerk Jan Soesbergen Door innerlijk zoeken kwam ik in 1947 in aanraking met de Vrij-Katholieke Kerk. Rooms-Katholiek gedoopt, gevormd en opgevoed, werd mij dat contact echter vanuit de RKK verbo- den. Ik moest de VKK zelfs afzweren, zo luidde de opdracht, die ik echter niet heb uitgevoerd. Ik werd lid van de VKK en ontving vanaf 1953 de wijdin- gen vanaf Klerk tot en met diaken uit handen van mgr. Goet- makers. In 1981 wijdde mgr. Van Brakel mij tot priester. De grond van mijn keuze voor onze Kerk was, dat ik in deze Kerk duidelijk vond wat ik zocht en de ervaring opdeed, dat de Heer mij een weg wees door alles heen, ook in zeer moeilijke omstandigheden. In 1991 ging ik met emeritaat, maar ging door met dage- lijks thuis te celebreren; met huisbezoeken en pastoraal werk, en met Requiemdiensten bij begrafenissen en crematies. Ik voelde, dat mijn taak nog niet volbracht was (om dat zo te noemen) en voelde mij teruggeroepen tot het volledig functio- neren in de kerk … totdat ik inderdaad in 2002 via mgr. Den Outer die oproep kreeg! Ik zie het nog steeds als een taak de intentie en de inspira- tie van de VKK in de wereld uit te dragen. Onze Kerk zie ik als een geestelijk vat, dat door de hemel wordt gebruikt ter ontplooiing van het Koninkrijk Gods. Jan Soesbergen is priester in de VK-Kerkgemeente te Utrecht. 18 Reflectie 3(1) voorjaar 2006 In memoriam Gilles Quispel Op bijna 90-jarige leeftijd is Gilles Quispel tijdens een verblijf in Egypte onverwacht aan de gevolgen van een longontsteking overleden. Dat hij uitgerekend in Egypte overleed mag opmerkelijk worden genoemd. Een beschikking van het lot of van God, zoals hij dat zelf wellicht zou willen noemen. Het was immers juist in Egypte dat de Utrechtse emeritus hoogleraar in de geschiedenis van het vroege christendom een schat aan schriftelijke bronnen aanboorde. Gilles Quispel was een theoloog, die bekendheid heeft gekregen als onderzoeker van het klassieke en chris- telijke gnosticisme. Hij behoorde zijn hele leven lang tot de Nederlandse Hervormde Kerk (thans PKN geheten). Gnostiek Centraal in het werk van Quispel staat de gnostiek, een verzameling van in de tweede eeuw n. Chr. uit de confrontatie tussen christendom en gnosticisme ont- stane religieuze bewegingen. De uiteenlopende be- wegingen van de gnostiek worden in de visie van Quispel gekenmerkt door het beginsel van de vrije mens en zouden hebben gepleit voor een niet-auto- ritaire en ondogmatische beleving van het jonge christendom. Op 10 mei 1952 kocht hij voor zeer weinig geld de gnos- tische Jung Codex. Deze bevat onder andere het zo geheten Evangelie van de Waarheid. Later zou ook uit de verdere ontdekking van de Nag Hammadi- geschriften het Evangelie van Thomas bekend wor- den. In het Thomasevangelie staan allerlei uitspra- ken van Jezus waarvan Quispel meende dat zij ook daadwerkelijk van Jezus afkomstig zouden kunnen zijn. Hij publiceerde dit Thomasevangelie na 1956. In 2005 deed hij een nieuwe, ditmaal volledige publica- tie het licht zien met allerlei toelichtingen van zijn hand. Het gnostische gedachtegoed van Quispel vindt ook veel weerklank in de VKK. In het volgende nummer zal dan worden stilgestaan bij de betekenis van zijn

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=