Reflectie3(1).vp
De praktijk van de gezongen eredienst, speciaal de Gregori- aanse uitingen daarvan, heeft er bij vele componisten toe ge- leid muziek te scheppen van een buitengewone schoonheid, op liturgische en bijbelse teksten en thema’s. Tot slot noem ik veel van de onderwerpen – u allen wel bekend – die componisten hebben geïnspireerd: Te Deum Laudamus; Jubilate Dominum, Magnificat (Lc 1:46-55, de beroemdste van alle lofprijzingen, die van Maria na de aankondiging van de geboorte van Jezus en bij haar be- zoek aan Elisabeth), en Stabat Mater; Ave Maria, Salve Regi- na. Dan nog: het Nunc dimitis (Lc 2:29-31, Simeons lofprij- zing bij de opdracht in de tempel van het kind Jezus aan God) en delen uit de H.Mis: Kyrie, Gloria, Credo, Sanctus en Benedictus, Pater Noster en Agnus Dei. Bronnen 1. Nieuwe Denkbeelden over kerkelijk ceremonieel , J.I. Wedgwood, 1930 uitgave Stichting Ruysbroeck, 5 hoofdstukken, 106 blz.. Over kerkmuziek: hoofdstuk 3, blz 21-30. 2. New insights into Christian Worship , J.I. Wedgwood, 1976, St. Alban Press, 13 hoofdstukken en index, 200 blz; speciaal de bijdrage over Church Music, blz 41-57. * * * 26 Reflectie 3(1) voorjaar 2006 Matthäuspassion in het Nederlands... Moet dat zo? Lambèrt de Kwant De kogel is door de kerk. Het ooit zo prestigieuze platenlabel Deutsche Grammophon (DGG) kwam deze week met de door de Nederlandse liedjeszanger Jan Rot aangepakte Matthäus-Passion van Johann Sebastian Bach. Ze konden ook niet uitblijven, de vaak felle reacties, zelfs zonder dat men ernaar had geluisterd. Alleen de teksten al joegen velen in de gordijnen. Positieve reacties waren er ook. Voor de uitvoering tekenen onder andere het Residentie Bachkoor en Orkest, het Haags Matrozenkoor en solisten als Marcel Beekman, Francine van der Heijden en Tania Kross. Het geheel staat onder leiding van Jos Vermunt. En, als klap op de vuurpijl, het verantwoordelijke cd-label is het ooit zo prestigieuze Deutsche Grammophon. Rot laat Jezus in het openingskoor ‘lens’ slaan. De ‘verteller’ meldt, dat ‘de eerste klodder spuug’ in de richting van de Verlosser ‘meteen raak’ is. En de priesters zeggen over Judas: “Heb je die kop gezien? Die heeft berouw nou!” De gekruisigde Jezus wordt ‘gejend’ door de toeschouwers: “Tover met tempels, simsalabim en hocus-pocus pas Pilatus; zonder wonder wordt je dood gewoon, dus kom eraf voor ons.” Ik heb de cd´s enkele malen beluisterd. Mijn oordeel als ex-muziekrecensent schort ik op tot het volgende nummer, waarin mogelijk ook een interview met Jan Rot. De theologe Helene Perfors, die in een vroeg stadium als kritisch gesprekspartner van Rot fungeerde, is overtuigd van diens integriteit. Ze vindt dat Rot erin is geslaagd een goed hedendaags antwoord te geven op de tekst van Picander, die Bach gebruikte. “We doen soms net alsof de tekst van Picander heilig is, maar dat was ook maar een tijdgebonden versie van het Evangelie. Rot heeft het zoete, piëtistische van Picander eruit gehaald." (Trouw 11.3.2006) Ik nodig de lezers van ‘Reflectie’ uit deze cd aan te schaffen, of er in ieder geval naar te luisteren en erop te reageren. Liefst wel op een respectvolle manier. Niet op de manier van iemand die de tekst van Jan Rot ‘nog rotter’vond dan hij dacht en in een bespreking van de door Rot vertaalde Schubert-liederen de hoofdredactie van NRC het advies gaf zich op de positie van een recensent te beraden, omdat deze een positieve recensie had geschreven. De reacties kunnen een aanzet zijn tot een reeks artikelen: hoe gaan we met ‘heilige teksten” om, zoals ook onze liturgie nogal eens ter discussie staat .
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=