Reflectie 3(4).vp

Christus’; er wordt dan zelfs gesproken als over ‘een natuurlij- ke gelijkenis’ met Christus – zijn manzijn inbegrepen. *) met dank aan pr. Frans Wertwijn voor de publicaties van en over deze Kerken, waaruit voor bovenstaande is geput. En verder… Wat niet in de vroegchristelijke traditie is gegrond - tot pries- ter gewijde vrouwen - komt nu sinds tien à twintig jaar voor in katholieke Kerken, zij het op nog zeer bescheiden schaal en, binnen die Kerken, niet algemeen geaccepteerd. Dat laatste heeft geleid tot, en zal mogelijk weer leiden tot kerkelijke scheuringen, maar die kunnen ook worden vermeden door het vormen van een unie of federatie van Kerken. Het is te hopen dat dit ook met onze VK Kerk en de LC Church zal gebeuren. De huidige tendens van vrouwen aan het altaar zal zich ze- ker voortzetten en verder uitbreiden tot andere Kerken. Terugkijkend na enkele decennia, zal de vrouwenwijding ook tot de christelijke traditie worden gerekend. En met de ko- mende priesterwijding van de tweede vrouw in onze Kerk hel- pen wij die nieuwe traditie verder te vestigen. Ik wens de wijdeling een gezegend priesterschap toe. * * * De wijding tot priester van mw. Eleonore Kemperink zal plaatsvinden op zaterdag 27 januari 2007 , Aanvang 11 u. In de kerk van St. Michael en alle Engelen, Meemntweg 9 te Naarden. Dit is op het terrein van het Inter- nationaal Theosofisch Centrum. Noten 1. Het beeld van Maria Magdalena als berouwvolle zondares, in het bijzonder als prostituee – waar de Evangeliën nota bene zelf geen aanleiding toe geven – is de gelovigen voorgehouden in leerrede 33 van paus Gregorius I in 591. Pas in 1969 deed de rk Kerk officieel afstand van deze 16 de -eeuwse uitspraak, maar dat heeft nauwelijks verandering gebracht in het negatieve beeld over Maria Magdalena. Het naar haar genoemde Evangelie (*2) en andere bronnen, waar- onder de canonieke Evangeliën, geven een totaal ander beeld van haar: zij was de metgezel van Jezus, zij was aanwezig op alle cruciale momenten, in het bijzonder bij de kruisiging, de graflegging en was de eerste en enige getuige van de opstanding. Later werd zij de ‘apostel der apostelen’ genoemd. Visionaire kunstenaars beeldden haar steeds af met goudbruine, lange haren, met in haar nabijheid een schedel - mogelijk om aan te geven dat zij het mysterie van de dood (en de opstanding) kende. 2. Het Evangelie van Maria Magdalena, het eerste deel van de Berlijnse Codex (Berolimensis gnosticus 8502), gevonden in 1898 in Egypte en opgenomen in de complete vertaling van 1977 (2e 1984) van de Nag Hammadi-geschriften uit 1945. De bladzijden 1-6 ontbreken, evenals de bladzijden 11-14. 16 Reflectie 3(4) winter 2006 De dood en het leven Je zou graag het geheim van de dood willen weten. Maar hoe zul je dat vinden als je er niet naar zoekt in het hart van het leven? De uil, die met zijn nachtogen blind is voor de dag, kan het mysterie van het licht niet ontsluieren. Als je werkelijk de geest van de dood wilt aanschouwen, Open dan je hart wijd voor het lichaam van het leven. Want leven en dood zijn één, Net zoals de rivier en de zee één zijn Kahlil Gibran

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=