1-Reflectie 4(1)vrj07.vp

Het zoeken is dus naar het juiste centrum en de verbinding met de bekkenbron, en dat centrum moet niet één van de chakra’s zijn. Omdat niets zo bepalend is voor het stromen van onze energie als de ademhaling, moet het een plaats zijn van waar- uit we kunnen ademen. In diverse kringen wordt daarom het centeren in- en ademen vanuit het ‘ hara’ -punt aanbevolen: drie vingers breed onder de navel. Maar dit punt bevindt zich nog in het beheersingsgebied van de zonnevlecht, en zo ko- men we dus nog niet tot de echte overgave. We blijven dan iets willen en onszelf onder controle houden, in plaats van het denkende, emotionele en willende ‘ik’ echt los te laten. Niet lang na mijn Indiase omzwervingen begon ik met de lichaamsgerichte, genezende ademmeditatie van Hetty Draay- er, waarbij je leert te ademen vanuit het ‘chi’ -punt, ter hoogte van drie vingers breed boven het schaambeen. Dat is echt nog een etage dieper en pas van daaruit kom je letterlijk en figuur- lijk onder de zonnevlecht uit. Je kunt duidelijk voelen of het opbollen van de buikwand bij de inademing van daaruit be- gint. Wat vervolgens voelbaar kan worden, is dat de impuls voor de adembeweging eigenlijk ontstaat in de ruimte achterin het bekken, tegen het heiligbeen aan. Dit punt ligt ter hoogte van de tussenwervelschijf tussen de tweede en derde met el- kaar vergroeide wervel van dat heiligbeen. Als je van daaruit de inademing rustig toelaat en de beweging rond laat worden tot in bilnaad en bekkenbodem, gaat er energie stralen in de ruimte van het bekken, zacht en warm. Er ontvouwt zich een gouden schaal van licht, rondom uitstralend, ook door benen en voeten naar de aarde. Door meditatieve visualisatieoefeningen op basis van deze manier van ademen openen de tweede en derde sacrale wervel zich als een poort, waardoorheen kosmische energie binnenk- omt en zich verenigt met de al in het bekken aanwezige kracht. Het wortel- of basischakra wordt verbonden met het sacraal- chakra in het witte licht dat via de poort door het heiligbeen binnen stroomt vanuit de ruimte om het lichaam heen. Deze poort van chi-punt, 2 e en 3 e sacraalwervel en de huid daarach- ter wordt het ‘kosmisch oog’ genoemd en transformeert alle chakra’s in het witte licht. Zo ga je dan open tussen aarde en hemel, tussen wat Hetty Draayer het 9 de en 8 ste chakra noemt. Het 8 ste chakra, de hemelse pool van ons energieveld, bevindt zich zo’n 30 tot 40 cm boven ons hoofd en het 9 de , de aardse pool, ongeveer op dezelfde afstand onder de voeten. De volg- orde van de nummering heeft ermee te maken dat het uiteinde- lijk om de stroom van het 8 e naar het 9 e chakra gaat. Het kosmisch oog is geen chakra, maar transformeert met behulp van de helende krachten van aarde en hemel het hele lichaam in energie, een proces dat eigenlijk het eerst voelbaar wordt in de voeten en van daaruit verder gaat. Ook de huid wordt dan energie, je voelt dat de huid geen grens is, geen grens om je heen, tussen ‘binnen’ en ‘buiten’. Door het ademen en medita- tief oefenen vanuit dit kosmisch oog worden gaandeweg de eerste vijf lichamen geordend en verenigd - daartoe hebben we voor die eerste vijf lagen ook inderdaad een centrum nodig – maar eigenlijk wordt alles één met de kosmische en nirwani- sche dimensie. De geboorte van het Christuskind Natuurlijk is het een heel proces, dat geleidelijk verloopt en in de loop waarvan je heel wat donker in jezelf tegenkomt. Maar omdat alles energie wordt, kan dit door trouw te oefenen vloei- end worden afgevoerd, onder meer via de meridianen waarvan de uitlopers – in voeten en handen – uitgangen worden voor al- les wat er niet in je thuishoort. Op den duur laat je zo ook steeds duidelijker rondom door de huid heen los. Nieuwe energie straalt dan door ons heen, en op den duur voelt je lichaam steeds meer aan als één warm stralende, onbegrensde ruimte. Vanuit de basis in het bekken voel je je thuis in die hele ruimte, waar je ook staat of gaat, recht door alle onvermijdelijke moeilijkheden van het leven heen. Die stralende innerlijke ruimte is het duide- lijkst waarneembaar in meditatie, maar ook in het dagelijks leven kun je je heel transparant, doorstraald en onbegrensd voe- len zolang je er vanuit diezelfde diepte van het bekken bent. Binnen is buiten en buiten is binnen. Dit transformatieproces vindt niet plaats door inspanning op eigen houtje en zelfverzonnen visualisaties, maar verloopt volgens oeroude kosmische wetten, en het is dan ook het beste om je erin te laten begeleiden op een beproefde inwijdingsweg door iemand die je daar een paar stapjes op vooruit is (bij een grote goeroe zou je jezelf waarschijnlijk klein houden). Het oefenen vanuit het kosmisch oog is in eerste instantie te be- schrijven als ‘acupunctuur zonder naalden’, maar er is nog zo- veel meer dan de doorgaans bekende energiebanen, -punten en -centra uit acupunctuur of yoga, ook meer om dat alles met el- kaar te verbinden, zoals het visualiseren van bepaalde geometrische figuren. In verschillende benaderingen door alle tijden heen hebben sommige mensen hiervan kennis gehad. Die kennis, of – soms vervormde – gedeelten ervan, vinden we terug in de yoga, in meditatietradities uit Oost en West, het oude Egypte en Grie- kenland, op esoterische wegen van Chi Kung (Qi Gong) tot vrijmetselarij, sommige takken van het hermetisme, in de mid- del- eeuwse alchemie en bij de soefi’s; en tegenwoordig ook in boeken over ‘tachyonenergie’ en het universele veld, en over de de wijze waarop de Geest schept volgens de wetten van de heilige geometrie. In de bijbelse traditie wordt op ditzelfde proces van be- wustwording, transformatie en verlichting van het lichaam ge- duid met termen als ‘opstanding’ en ‘transfiguratie’. In het Thomasevangelie verwijst Jezus naar deze transformatie in licht, en naar de Eenheid als ‘het Koninkrijk’ dat over de 23 Reflectie 4(1) voorjaar 2007 Het ‘kosmisch oog’en de heilige driehoek vormen samen een driehoekige pyramide

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=