Reflectie 5(4) winter 08.vp
godsdienst en lijden. In deze drie geschenken zien we weer- spiegeld de goddelijke incarnatie, zijn lijden op aarde en zijn terugkeer tot de goddelijke Vader, ofwel Vader, Zoon en heilige Geest. Nu we met de kennis van tegenwoordig naar de wijzen en hun, voor een baby absurde, geschenken kijken, is het zonne- klaar dat we in de drie mannen de drie-eenheid geest, ziel en lichaam mogen herkennen. De boodschap is duidelijk. De mens is een samensmelting van drie bewustzijnsniveaus, uiteengerafeld in een sterfelijk en een onsterfelijk principe. Het lichaam is een tijdelijk voer- tuig, de geest is van eeuwige aard en de ziel verbindt beide ui- tersten met elkaar dwars door de incarnaties heen. Dit zijn de ware geschenken van de drie koningen, magiërs of wijzen, die in principe symbool staan voor de drie spirituele aspecten in het menselijke wezen. Deze constatering brengt ons bij de essentie van het driekoningen-verhaal. Lucas transformeert het lustoord Loembine naar de nederi- ge stal en posteert de goden als engelen aan de hemel, terwijl de leeuwen veranderen in schapen, gehoed door jubelende herders. Ontelbare hemelse jonkvrouwen, bekend als de apsa- ra’s, helpen moeder Maya bij de geboorte. De apokriefe tradi- tie maakte daar de twee vroedvrouwen van, van wie Salome haar hand verloor bij het onderzoek van de moeder op haar maagdelijkheid. Maar het Kind Jezus genas de hand door die alleen maar aan te raken. Boeddhisme en Christelijk geloof leunen heel dicht tegen elkaar aan, alleen de lokale omstandigheden verschillen he- melsbreed. Lucas maakte gebruik van zijn dichterlijke vrijheid om de Boeddhistische omstandigheden aan te passen aan de armelij- ke situatie waarin Jezus geboren zou zijn. De heilige zeven Wij zullen nooit precies weten wat de evangelisten Matteus en Lucas bewogen heeft om zo radicaal afwijkende versies van het geboorteverhaal te schrijven. Ondanks de schijnbare te- genstellingen van hun verslagen schijnt er het stralende licht van een verbindende eenheid doorheen, al zullen we die op het eerste gezicht niet opmerken. De inspirerende geest achter de beide auteurs heeft het zo geregeld dat de lezer “naar binnen” moet schouwen om het geheim achter de twee zo sterk uiteen- lopende geboorteverhalen te ontdekken. Zonder twijfel heeft dat te maken met de heiligheid van het getal zeven. Ruim veertig maal plaatst de Bijbel een zevental voor het voetlicht. Denk maar aan de zeven scheppingsdagen, zeven gemeenten, de zeven geesten voor Gods troon, de zeven zuilen die de Wijsheid bouwde, de zeven tekenen bij het ster- ven van Jezus en niet te vergeten de zeven beden van het Onze Vader. Vooral de laatste refereren onmiskenbaar aan Pythago- ras en zijn ingewijde leerlingen, die aan de magische zeven een kosmische betekenis toekenden. Zij zijn de scheppers van het vooral in spirituele kringen bekende zevental, de zeven chakra’s en de zeven lichamen, waarvan er vier te maken heb- ben met het lichamelijke leven en drie met het geestelijke le- ven. De vierde, die de lagere (en dus sterfelijke drie) van de hogere (en dus onsterfelijke) drie scheidt, vormt een brug van het sterfelijke naar het onsterfelijke. Te midden van de zeven chakra’s is dat het hartchakra, een etherisch orgaan, dat glo- baal gezegd het lagere transformeert naar het hogere. Als je de twee geboorteverhalen, die van Matteus en die van Lucas, in elkaar schuift. als twee bij elkaar behorende principes, dan komt, tot onze verrassing, het heilige zeven- voud tevoorschijn. Kijk maar, de drie wijzen, het beeld van Vader, Zoon en Geest, volgen de Ster, die het kosmisch/god- delijke principe vertegenwoordigt. Bij Mattheus strandt het verslag op de tiran Herodes. Maar intussen wordt in de velden van Effatha feest gevierd. Bij Lucas verschijnen de engelen om vanuit hun geestelijke woongebied het goddelijke Kind eer te bewijzen. Op hetzelfde moment doen de herders in het veld hetzelfde op hun eigen aardse manier. Zij bejubelen de ge- boorte van het Kind, dat omringd door de dieren, de Os en de Ezel, in een Kribbe ligt. Wie dit verhaal diep in zich opneemt, zal alras ontdekken dat Ster, wijzen en engelen de geestelijke wereld vertegen- woordigen, terwijl herders, dieren en kribbe een onweerlegba- re beschrijving vormen van het stoffelijk aardse aspect. Tussen de geestelijke drie en de stoffelijke drie vinden we het Kind, de brug, het beeld van het hartchakra. Zo zien we ons geconfronteerd met het heilige zevental van Ster (God), wijzen (de drievuldigheid), de engelen (het spirituele denken), het Kind (de goddelijke brug), de herders (de mens in de wereld), de dieren ( het dierlijke in de mens) en de kribbe (de materie). Misschien valt daaruit de hogere inspiratiebron te herken- nen, van waaruit Matteus en Lucas hebben geschreven. Wat zij schiepen was geen geschiedenis, maar een spirituele impuls van de ziel, de bezielende kracht in de stoffelijke mensheid. Tot de huidige dag wil het sprookjesachtige geboorteverhaal ons erop wijzen dat we vanuit de ziel moeten leren leven. Niet de mate- rie, maar de ziel zal de mensheid tot de opstanding leiden.
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=