Reflectie 6(3) herfst 09.vp
De Weg der Kabbala (dl 1 ) Mike Bais De Kabbalah laat zich niet direct definiëren, zij is immers geen systeem, maar is gebaseerd op een mystieke visie, een mystie- ke opvatting over leven, dood, schepping en schepper. Zij geeft een wereldbeeld. Zij leert ons iets over de mysteriën van het le- ven, de werking van de schepping, onze afkomst en de weg terug naar de Oorsprong; hoe we er kunnen komen. Het woord Kabbalah is afgeleid van de Hebreeuwse wortel ‘kbl’, die ontvangen betekent. Ook een exacte geschiedenis van de Kabbalah is niet te geven. Zij is ontstaan in het jodendom als een mystieke leer; aanvankelijk als een ‘leer’ die overgedragen werd van leraar op leerling, een soort theosofische benadering. Maar er is ook een andere benadering, die wijst op de directe, persoonlijke erva- ring (hoe mystiek!), die ontvangen kan worden door iedereen die in een persoonlijke verbinding kan komen met het goddelijke, de Bron van het leven. [Redactie, F.M.] We laten nu priester Bais aan het woord. De historie van de Kabbalah is verhuld in mysterie, die deels feitelijk, deels mythisch door een mondelinge traditie is door- gegeven, waardoor overdracht heeft plaatsgevonden tot op de dag van vandaag. De Kabbalah is de mystieke tak van het Ju- daïsme en kenmerkt zich door aanpassing en synthese door de eeuwen heen. De meeste bronnen beginnen hun Kabbalistische grondslag uit te leggen vanuit de Abrahamitische tijd of zelfs eeuwen daarvoor. Zo wordt beschreven dat er een mens bestond die be- kend was als Enoch, een mens met een sterke aspiratie tot God. Deze mens ontving op een dag de ‘Genade van God’ en werd door de ‘Engelen der Hemelen’ opgetild en gedragen en pas- seerde alle zeven Hemelen, totdat deze mens totaal getransfor- meerd werd tot de Aartsengel Metatron, de Leraar der leraren. Van Enoch wordt daarom gezegd dat hij de eerste, volledig gerealiseerde mens is van het Goddelijke in zichzelf. Wetende dat hij eens mens was, is hij geworden tot de perfecte leraar der mensheid: wetende van zijn menszijn en van zijn Godde- lijkheid. Alle kennis Gods kwam tot hem. Alle geheimen van het universum kwamen tot hem. Niets was buiten hem. En zo kwam al deze kennis in een groot boek dat door Me- tatron werd overhandigd aan Adam, de eerste mens op aarde, die zich wentelde in de pracht en schoonheid van het Paradijs. Gods’ aanwezigheid was alom en in Adam (Adam in het Hebreeuws betekent “mensheid” en heeft geen betrekking op een man als zodanig). De perfectie van deze “tuin”, of het Paradijs, deed Adam een boom opmerken die leek te bestaan uit twee delen, ge- naamd de “boom van goed en kwaad”. De gebeurtenissen die volgen, zijn bekend vanuit Genesis 2 en door het “proeven” van de dualiteit, was Adam niet langer onschuldig, maar had nu kennis van de relativiteit van Gods existentie. Dat wordt dan vertaald door de Kabbalisten als de verwijdering van Adam uit het Paradijs; niet als straf, maar als een consequentie van zijn kennis van “goed en kwaad”. Zo kwam de leer van het Goddelijke, via Metatron bij Adam, die de leer meenam naar het vergankelijke en aardse rijk, vol van die kennis, maar vergeten of zich half herinne- rend als een vage droom. De mensheid is Adam De kennis of het boek van Metatron werd vervolgens gevon- den door Noach, zijn zoon Set, en later ontdekt door Abraham, Jacob, Mozes en Joshua ben Miriam. De Kabbalisten zijn zeer bedreven in het gebruik van analo- gieën en metaforen om zulke beschrijvingen als hierboven te verklaren naar werkbare en innerlijke gewaarwordingen. Het kan daarom sterk betwijfeld worden of we hier moeten denken aan een letterlijk “boek” dat zou zijn doorgegeven. Eerder kunnen we iets dergelijks opvatten als een bron van Goddelijke Kennis die “als een boek” beschreven is in elke mensenziel. Wie weet zulke Kennis te ontdekken? De mystieke weg der Kabbalah is de weg terug naar de Oorsprong van de mens en het hervinden van het Paradijs (op aarde). De Kabbalist noemt dit Paradijs de “Malkuth Ha-Shamaim” of het Konink- rijk der Hemelen, dat de wereld is waarin alle mensen dezelfde taal spreken, ofwel, waar alle mensen met dezelfde stem spre- ken en met hetzelfde oor horen. Hiermee wordt verwezen naar een innerlijke en spirituele taal die gesproken en gehoord kan worden. “spreken in één taal en horen met één oor”. Belangrijk waren de gebeurtenissen en gedachten van aarts- vader Abraham. Aartsvader Abraham ontving zijn initiatie via de semi- mythische figuur Melchizadek, de Koning van de Sa- lem, wat betekent: de koning van alle “goede en juiste mensen”. Salem is aan ander woord voor Jeruzalem en betekent “vrede”. Daardoor is Melchizadek koning en priester en brengt Abraham tot zijn initiatie, waardoor zijn naam veranderde van Abram in Abraham. Abraham kwam tot de conclusie dat achter álle reli- gieuze vormen er maar één God kon schuilen: er kon maar één God zijn. Dat werd daarom de basis van de kabbalistische ge- dachte over hoe men God kon zien en benaderen. Zoals zoveel mystieke tradities, leert de Kabbalah dat de mens, omdat hij een afspiegeling is van God, een relatie kan opbouwen met en ervaringen kan hebben van God. Dat ver- klaart het woord Kabbalah of Kibel, dat ‘ontvangen’ betekent en aanstuurt op de mogelijkheid van de mens zijn goddelijk- heid te kennen en kennis te ‘ontvangen’ uit dat mysterieuze boek van Enoch. Ergens in de historische traditie van de Kabbalah zien we de introductie van een diagram; de Boom des Levens (zie illustatie op de volgende pagina), die als een soort kosmisch plan de weg laat zien die de mens te gaan heeft. Een ‘spiegel’ als het ware die de mens laat zien in zijn microkosmische en zijn macrokosmische identiteit. De exacte intrede van deze “Boom” in de traditie is niet vast te stellen, maar het is heden ten dage een onlosmakelijk on- derdeel geworden van de traditie en leer. Hierover later meer.
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=