7(1)10
Geweldloosheid als Levenshouding Actualiteit en spiritualiteit van Mahatma Gandhi ¹ Hans Feddema Wat de mensheid intrigeert, is dat Gandhi een daadkrachtig spirituele man was met een grote morele authenticiteit. Die mild is zonder de mensen naar de mond te praten. Die weet wat het doel van onze levensreis is en zich bij alles laat leiden door zijn in- nerlijke stem, die ook de elite waarschuwt niet te vervallen in slaafse imitatie van het Westen. Die zonder leger iets presteerde, wat ieder potentieel in zich heeft, maar waarvoor hij of zij het moeilijk vindt de geestkracht op te brengen. Werd hij vooral be- kend door zijn conflictoplossing, zijn erfenis is dus ook een krachtig consistente levenshouding met een heel eigen moderne spiri- tualiteit. Erg actueel, nu het in het Westen meer en meer gaat om 1) individualiteit, 2) authenticiteit en 3) innerlijke kracht . Bovendien is die satya graha van hem niet louter een technisch model. Nee het is – en daarin was hij zijn tijd ver vooruit – een strategie van de liefde. Een bevrijdingsmodel met een eigen spi- rituele, kosmische visie. Een visie op de mens, die enerzijds vanuit angst opereert en macht najaagt, anderzijds ook iets goeds of een stukje God, Satya , in zich heeft, reden dat je hem, zegt Gandhi, niet mag doden, maar dat je hem juist moet helpen zichzelf te bevrijden van zijn angst en machtswellust. Vandaag zeggen psychologen hetzelfde. Ik was als jonge vredesactivist in de jaren ‘80 nogal eens in de vroegere DDR. Ik hoorde dan van mensen, dat hun commu- nistische machthebbers zo in de greep van angst en geweld wa- ren, dat er in elk postkantoor, in elke grote winkel, ja in elke kerk tijdens de dienst soldaten met geweren aanwezig waren en dat daarom, zeiden ze me, Gandhi’s model voor hen de enige optie was om zich van hen te ontdoen. In Leipzig organiseerden ze toen elke maandagavond met kaarsen in de hand stille toch- ten, die elke keer groeiden en het land uiteindelijk enorm elek- trificeerden, wat mede verklaarde dat in 1989 de Berlijnse Muur viel, zonder dat er een schot werd gelost. Ik was ook nogal eens in Israel. Daarvan herinner ik me de uitspraak van de latere premier Rabin: “Een leger kan een le- ger verslaan, maar niet een volk”. Hij zei dat tijdens de eerste Palestijnse Intifada, toen deze nog geweldloos was en de Pa- lestijnen eensgezind gandhiaanse ‘self-reliance’ aan het op- bouwen waren met o.a. een schaduweconomie. Later kregen haat en geweld helaas de overhand en ontaardde de Intifada. De machthebbers in Israel waren daar niet rouwig om. Bepaald niet. Ze hadden nu het argument om (extra) geweld te gebruiken. Met als gevolg: meer haat en minder vrijheid. Tel uit je winst. Ik ben niet pessimistisch over de wereld, de cultuur veran- dert langzaam, daarvoor hanteren antropologen de term ‘cultural lag’ . Ik zie langzaam vooruitgang, ook dat de inner- lijk krachtige Obama er nu is, maar de Palestijnen leren ons, dat je jezelf in de vingers snijdt, als je inconsistent bent qua strategie. Om Gandhi na te volgen, is het zaak in beide handen een olijftak te houden en geen mooi weer te spelen met een olijftak in een hand en een granaat achter de rug. Zoiets zet de tegenspeler op scherp om zich voor te bereiden op het mo- ment, dat ik de granaat tevoorschijn haal. Ken jezelf, zei Gandhi. Dan weet je ook dat geweld een eigen dynamiek heeft. Gandhi’s geweldloosheid is ook een uitdaging voor elk van ons persoonlijk. Bij ahimsa gaat het erom doelen te bereiken zonder fysieke, psychische en materiële schade toe te brengen. Niet kwetsen dus. Dat is nogal wat. We verwonden of doden niet fysiek, maar vaak doen we dat wel psychisch. Bijvoor- beeld door over anderen te roddelen, hen te ‘katten’, bevoog- den, negeren, vernederen en sociaal uit te sluiten of soms zelfs openlijk te treiteren en te pesten. Allemaal vormen van psychisch geweld. Het is van belang de eigen schaduwen onder ogen te zien. Psychiater Carl Gus- tav Jung zei hierover: Wie naar buiten kijkt, droomt; wie naar binnen kijkt, wordt zich bewust. Men wordt niet verlicht door zich beelden van licht voor te stellen, maar door zich bewust te worden van de eigen duisternis. Naast zelfvertrouwen is eerlijkheid over onze schaduwen dus essentieel. Dit omdat arrogantie het laatste is wat de mens past. Maar vooral, omdat ontkenning / verdringing van het ge- weld in ons leidt tot projectie. Erkenning van de eigen schadu- 12 Reflectie 7(1) voorjaar 2010
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=