Refl Herfst 2010 7(3).vp

Bijna Dood en werkelijk Dood! Hoofdstuk 2 uit: David Fontana: “Na de dood. Wat kunnen we verwachten?” Overgenomen met toestemming van de uitgever: Ankh-Hermes (2010) Het moment van de overgang Als we een naaste verliezen, vragen we ons af of er nu van zijn ervaringen, zijn hoop, zijn wijsheid en zijn liefde voor anderen niets overblijft. Is hij of zij verdwenen, behalve een handjevol as of een grafsteen op een stil kerkhof? Zelfs als we in een le- ven na de dood geloven, kunnen we ons afvragen wat er met ons gebeurt en wat ons op onze eindbestemming wacht. Dat zijn heel natuurlijke vragen. Als we een vriend naar een ver land zien vertrekken of we gaan zelf weg, vragen we ons dat soort dingen ook af. Een verstandige reiziger bereidt zijn reis goed voor, omdat hij weet dat dat zijn reis zal vergemakkelijken. Als dat voor reizigers in deze wereld opgaat, dan moet dat toch ze- ker wel voor reizigers in de andere wereld gelden. En toch zeggen sommige mensen dat de belangstelling voor het leven na de dood de aandacht voor het hier en nu af- leidt. Het tegendeel is waar. De grote spirituele tradities bena- drukken alle dat we niet alleen het leven van nu slechts kun- nen begrijpen in samenhang met een toekomstig bestaan, maar dat een bepaald sociaal en moreel gedrag in dit leven nodig is, als we goed voorbereid willen zijn op de bredere horizonten van het volgende. De meerderheid van de wereldbevolking ge- looft in een leven na de dood, zelfs de seculiere westerlingen, maar het is heel iets anders of we alleen maar geloven in iets of daarvan dan ook de consequenties voor ons leven beseffen. Gebeurtenissen op de drempel Om een onderzoek naar het leven na de dood te starten, kun je het beste beginnen met de dood zelf en hoe dat zal zijn, en met de aanwijzingen die we daarvoor door bijna-doodervaringen (BDE’s) hebben verkregen. Het woord bijna-doodervaring staat voor wat mensen meemaken als ze bijna of zelfs werke- lijk even helemaal klinisch dood zijn (d.w.z. zonder aantoon- bare hart- of hersenactiviteit). Door de moderne reanimatie- methoden worden mensen nu uit dit schemerdonker terugge- haald en een aantal onderzoekers hebben de verhalen van mensen die dit hebben meegemaakt, opgeschreven (Crookall 1978, Moody 1977, Fenwick en Fenwick 1995, Fox, 2003). Als dit verslagen van een leeg niets waren, zou het tegen het bestaan van een leven na de dood pleiten. Maar een significant percentage – bijvoorbeeld 12% van de 344 gevallen van een hartstilstand die door Pim Van Lommel en collega’s in het Rijnstate ziekenhuis in Arnhem (Van Lommel et al 2001) wer- den onderzocht – vertelt over een blijven bestaan van het be- wustzijn buiten het fysieke lichaam. Dr. Sam Parnia (Parnia 2005) concludeerde dat 10% van de duizend willekeurig uitge- kozen mensen in Engeland vertelden van een uittreding uit hun fysieke lichaam, hetzij tijdens een bijna-doodervaring, hetzij in volkomen gezondheid (tijdens een uittreding). Hier volgt een voorbeeld van dr. Robert Crookall, wiens boeken een goudmijn van case studies van zulke ervaringen zijn. Het is maar een kort verhaal, maar des te fascinerender door zijn eenvoud en oprechtheid en typisch voor veel van dit soort verhalen. Het is van een jonge vrouw die dood werd ver- klaard tijdens haar bevalling. Ik hoorde de dokter zeggen: ‘Ze is dood. Dat moet ik tegen haar man gaan zeggen!’ Ik was intussen uit mijn lichaam ge- gaan en zweefde door wat een donkere tunnel leek (met aan het einde een glimp van een prachtig landschap). Pijn had ik niet, alleen een heerlijk gevoel van geluk. Ik voelde iemand bij me, maar zag niemand. Maar ik hoorde wel een stem die zei: ‘Je moet terug! Je kind heeft je nodig!’ Ik keerde terug in mijn lichaam en toen hoorde ik de dokter zeggen: ‘Nee, grote goed- heid, ik voel haar hart!’ Deze ervaring heeft me de zekerheid gegeven dat er een wereld na de dood is en heeft me daar een eeuwig vertrouwen in gegeven. Het is interessant te zien dat verslagen zoals dit, dat jaren geleden geschreven is, tot in details overeenkomen met de ver- slagen die nu geschreven worden. In een publicatie van Parnia bijvoorbeeld, vertelt een vrouw die een hartstilstand kreeg tijdens een baarmoederope- ratie, dat ze ‘door een tunnel suist’ en een ‘verblindend licht 22 Reflectie 7(3) herfst 2010

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=