Reflectie 8(3) herfst 2011.vp
huizing, de gezondheidszorg, het onderwijs, het gezinsleven, de politiek en de fianciëel-economische situatie op een ideale manier georganiseerd zijn. Dat boek sloeg in, maar uit de titel bleek al dat deze samenleving alleen maar bestond op een ‘ou- topos’, in het Grieks een ‘niet-plaats’. Nergens dus, maar wel mooi en heerlijk om van te dromen. Dergelijke ‘utopieën’ zijn sindsdien in het Westen telkens geformuleerd. En sommige kregen enorme aandacht en slag- kracht, omdat ze omgezet werden in politieke systemen. Uit het jongste verleden kennen we die van het communisme, dat een eind wilde maken aan de pijn van de armoede en ongelijk- heid tussen de mensen. Karl Marx, die de wetenschappelijke basis hiervoor legde met zijn ‘historisch materialisme’, verzet- te zich wel tegen het idee dat zijn gedachtegoed ‘utopisch’ was, maar kon niet voorkomen dat zijn ‘klassenloze maat- schappij’ niet kon worden gerealiseerd. Dat lukte ook niet met het gewelddadige nationaal-socialisme dat voor Duitsland een ‘Duizendjarig Rijk’ wilde creëren. En nu moeten we toezien hoe het neo-liberalisme dat – na de val van het communisme – een definitieve oplossing meende gevonden te hebben voor de wereldcrisis, ook een droom is die niet uitkomt. Ook het kapi- talistische marktdenken, dat beloofde wereldwijd welvaart te brengen, vertoont scheuren en begint verzet op te roepen. Jo- han Cruijff had gelijk toen hij, sprekend over utopieën, in zijn onnavolgbare orakeltaal zei: ‘utopieën wie niet gebeuren’ . We zullen actuele utopieën kort bespreken en daarbij ook de zwakke aspecten ervan tegen het licht houden. Die zwaktes verwijzen naar een veel reëlere manier om met de huidige cri- sis om te gaan: een sprong in het bewustzijn. Klinkt misschien nu ook utopisch, maar blijkt veel dichterbij en realistischer. Het einde van de geschiedenis? Eind vorige eeuw publiceerde de Amerikaanse ideoloog van de neo-conservatieven, Francis Fukuyama, een boek dat wereld- wijd een bestseller bleek, omdat het een uiterst positieve bood- schap bevatte over de toenmalige situatie van de wereld. Fukuy- ama betoogde in dit boek, dat hij ‘Het einde van de geschiede- nis’(2) noemde, dat de liberale democratieën nu zoveel goeds over de hele wereld hadden gebracht dat de geschiedenis van de mensheid hiermee tot hoogste bloei was gekomen en niet verder meer hoefde te ontwikkelen. De mensheid kon op haar lauweren rusten. De ideale wereld was gerealiseerd. Het succes was mede te danken aan het feit dat een paar jaar voor het verschijnen van dit boek de Berlijnse Muur was gevallen. Het faillissement van het communisme was hiermee getekend en de markteconomie met zijn slogans van ‘meer markt, meer privatisering en meer globalisering’ zou nu het paradijs op aarde vestigen. Fukuyama betoogde dat andere ideologieën die gepoogd hadden een voorschot te nemen op de toekomst en eenheid in de wereld te scheppen, duidelijk mislukt waren. Maar nu zou het kapitalistische marktdenken van de neo-conservatieven wereldwijd deze rol overnemen en een welvarend, vredig en veilig aards paradijs gaan scheppen. Helaas is van deze droom op dit moment niet veel te mer- ken. Er ontstaat verzet tegen de terreur van de markt. De meeste mensen voelen zich onveiliger en onzekerder dan ooit, ook al heeft het neo-conservartieve denken een nieuwe ideo- loog gevonden in Ayn Rand (3). Deze Russisch-Amerikaanse schrijfster en filosofe heeft aan haar jeugd in de voormalige Sovjet-Unie een levenslange haat tegen het communisme over gehouden. Zij creëerde in Amerika een perfect spiegelbeeld van het communisme: een vorm van extreem super-kapitalis- me. In haar geschriften bestrijdt zij fel elke vorm van altru- ïsme, dat in het communistische systeem centraal stond, en verheerlijkt zij het egoïsme als centrale deugd voor een gezond, welvarend leven. Al wordt deze profetes van het egoïsme momenteel we- reldwijd in neo-conservatieve kringen bewonderd en ook in Nederland graag geciteerd, in zijn boek ‘De utopie van de vrije markt’ (4) analyseert Hans Achterhuis haar ideologie als een gevaarlijke en onmogelijk te realiseren utopie. Het virus van de angst Daarmee blijft het virus van de angst in onze onzekere wereld voortwoekeren. Ook in de financiële wereld. Financiële analis- ten worden erdoor aangegrepen als zij de huidige gebeurtenis- sen analyseren. Met cijfers kunnen zij vaak razendsnel duidelijk maken wat er op het spel staat. En dat kan onmiddellijk grote gevolgen hebben. Schuldencrisissen van landen kunnen zo ge- makkelijk leiden tot vertrouwencrisissen tussen banken en poli- tici. En als dat gebeurt, slaat het virus van de angst overal toe. Via de media vindt dit zijn weg in alle lagen van de bevol- king. Mensen voelen zich in hun financiële en persoonlijke ze- kerheden bedreigd. En omdat de vroegere instituties van ze- kerheid – de buurt, de banken, de politiek, de journalistiek, de kerken – grotendeels zijn weggevallen, vormt deze onzekere situatie een woekerende voedingsbodem voor alle mogelijke waanideeën. Die waanideeën kunnen op hun beurt zo gek niet zijn, of er worden wel aanhangers voor gevonden. De virtuele wereld van internet biedt deze met één druk op de knop aan. En daar blijft het natuurlijk niet bij. Men wil ook zijn ge- lijk krijgen. Daarom radicaliseren ideeën zich momenteel zo snel en worden inspirerende idealen die mogelijk een oplos- sing zouden kunnen bieden in een handomdraai gevaarlijke ideologieën waar bloed bij vloeit. Terroristische groepen en ‘eenzame wolven’ die de weg kwijt zijn in onze individualisti- sche, versplinterde en gevaarlijk geworden maatschappij, kun- nen overal het virus van de angst verspreiden. Onze wereld krijgt apocalyptische trekken. En dat creëert nieuwe utopieën. Gezocht: hulp van buiten af De angst en de wanhoop door de crisis waarin wij ons op dit moment bevinden, mondt gemakkelijk uit in ‘de roep om een sterke leider’. En in datzelfde perspectief roepen kleine, fun- damentalistische groeperingen in alle godsdiensten om een ‘krachtig ingrijpen van God in deze boze en verdorven we- reld.’ Velen beleven de rampen van dit moment als tekenen van een naderend ingrijpen van God ten gunste van zijn trou- we gelovigen, mogelijk al in 2012. Met name de orthodox christelijke groeperingen beleven deze tijd vanuit het perspectief van de Apocalyps van Johan- nes, een tegendraads en ondergronds geschrift, geschreven rond 95 AD in de bloeiperiode van het gewelddadige Romein- se Rijk. De gelovige volgelingen van Jezus begrepen toen ook al niet dat, na alles wat Jezus verkondigd en gedaan had, de Romeinse keizer nog steeds stevig op zijn troon zat en niets van zijn oude macht had ingeboet. Kwam er nog iets van de beloofde vernieuwing van het leven? Was God niet degene die alles beheerste en beloofd had van de oude aarde een hemels paradijs te maken? Waarom deed hij dat dan niet? Waarom was er nog steeds onrecht, ziekte en lijden? Waarom werden 7 Reflectie 8(3) najaar 2011
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=