Reflectie 9(1)vj2012.vp

Het Joodse Pesachfeest De Joodse gemeenschap viert sinds onheugelijke tijden jaarlijks thuis in het voorjaar een zevendaags Pesachfeest. Dat begint met een avond in huiselijke kring waarop de joden uit de Haggada voorlezen, vier glazen wijn of druivensap drinken en een feeste- lijke, traditionele sedermaaltijd gebruiken. In de Haggada lezen zij het verhaal van de Joodse slavernij in Egypte en de uittocht uit Egypte. Zij herdenken dit gebeuren door het eten van een seder- maaltijd met o.a. ongezuurd brood (matse), bittere kruiden (maror) en zoet gerecht van noten, kaneel en honing (charoset). Dit zijn symbolen voor het gebeuren dat zij herdenken. De bittere ‘maror’ staat symbool voor de onderdrukking van de Joden in Egypte, de ‘matses’ voor het feit dat ze overhaast uit Egypte moesten vertrekken, zonder tijd het brood te laten rijzen. En de zoete ‘charoset’ voor het geluk na de bevrijding. Waarom gebeurt dit in het voorjaar? Om een antwoord daar- op te vinden moeten we ook terug naar de mythische tijden waarin de vlucht van een aantal Semitische stammen uit Egypte plaatsvond. Het is zeer waarschijnlijk dat Mozes toen een oud Semitisch voorjaarsritueel een nieuwe impuls heeft gegeven. Semitische herders waren gewoon om in de lente bij elkaar te komen en een rituele maaltijd te vieren. In de lente werden de jonge bokjes geslacht en werden demonen geweerd door hun bloed aan de tentpalen te smeren. Het woord ‘pesach’ komt van het woord ‘pasach’ dat oorspronkelijk ‘huppelen’ of ‘dansen van vreugde’ betekent. Het gaat hier om een rituele vreugde- dans die bij een rituele maaltijd werd uitgevoerd. Op de sederavond wordt deze herinnering ook nog vastge- houden, want op de sederschotel ligt ook een symbolisch bot van een lam. En er wordt verteld dat een wraakengel van JHWH bloed smeerde op de huizen van de Joden zodat deze gespaard zouden blijven voor de verschrikkingen die de Egyptenaren troffen. Zo blijven deze herinneringen levend tijdens de seder- avond en het Joodse Pesachfeest. Uit de Haggada wordt ver- teld en gezongen over de uittocht uit Egypte. Het jongste kind stelt zingend de vraag ‘Waarom is deze avond anders dan de andere avonden?’ en dan volgen de verhalen en de gezangen. Een uniek en intiem gebeuren vol zegeningen, dat wereldwijd nog steeds een inspirerende en vormende kracht heeft op de Joodse gemeenschap. Historisch onderzoek Het Pesach feest is daar- mee een typisch feest voor de Joodse gemeen- schap, waaraan christe- nen niet zo gemakkelijk kunnen deelnemen. En de Joodse sedermaaltijd heeft, ofschoon de chris- telijke traditie het anders probeert te zien, nauwe- lijks iets te maken met het christelijke ‘Avond- maal’ of de ‘Euchari- stie’ zoals wij die mo- menteel kennen. Waarom niet? Jezus leefde als een Jood en moet tijdens zijn leven jaarlijks de Joodse Pesachweek hebben gevierd. En natuurlijk ook de seder- avond die in die week aan zijn lijden en dood voorafging. Maar die kan niet ‘op de avond vóór zijn lijden’ hebben plaats gevon- den. Want we weten dat er zeven dagen liggen tussen de seder- maaltijd en het einde van het Pesach feest, de Grote Sabbat. Omdat Jezus volgens de orthodoxe traditie op de vrijdag vóór de Grote Sabbat is gekruisigd, kan hij niet op de avond tevoren met zijn apostelen de Joodse sederavond hebben gevierd. Maar er is meer. Historici twijfelen er ook aan of Jezus toen gezegd heeft dat de ongedesemde matses zijn lichaam waren ‘dat gebroken zou worden voor onze zonden’, en de wijn zijn bloed was ‘dat voor onze zonden vergoten zou worden.’ En ze twijfelen ook of hij gezegd heeft dat we verlost zouden worden door dit ter herinnering aan hem te herhalen. Volgens historici is dit een interpretatie van een geloofsleer die later is ontstaan. Zij beargumenteren hun twijfel aan deze dogmatische ge- loofspunten ook nog als volgt. Als dit zo geweest zou zijn, dan zou dat immers zeker in de oudste bronnen vermeld zijn. Maar in de bronnen die geschreven zijn vlak na Jezus dood – en hiertoe mogen wij de bron Q (7) en grote gedeelten van het Evangelie van Thomas (8) rekenen – wordt hierover niets ge- zegd. In de religieuze beweging die aanvankelijk rond Jezus’ dood ontstond was zijn dood immers niet van grote betekenis. De doop van Jezus in de Jordaan waarbij hij zijn goddelijke natuur herkende, zijn woorden die hij daarna sprak, zijn wer- ken – die waren van belang. Door daarnaar te luisteren kon men zijn diepste wezen, de Christusnatuur, leren kennen. Zo brak Gods Rijk aan, voor ieder die het horen wilde. Dat werd in de liefdesmaaltijden (agapè) in dankbaarheid her- dacht. De gnostische christenen hebben dat zo begrepen en door- gegeven. Helaas is hen lange tijd het zwijgen opgelegd. Maar sinds kort, en daarbij ondersteund door historisch onderzoek, komt de inspiratie van deze lang vervlogen tijden weer tot leven. Een agapè-tafel in een ziekenhuis Een paar weken geleden bezocht ik een vriendin die al langere tijd in een ziekenhuis was opgenomen. Zij vertelde hoeveel troost en bemoediging zij vond in de wekelijkse agapè-vie- ringen. Toen ik geïnteresseerd keek, vertelde ze me: ‘Dat zijn open, oecumenische vieringen rond de Schriften met aanslui- tend een Agapè-tafel. De diensten worden in de kapel van het ziekenhuis gehouden, maar die kun je ook op je kamer via de tv meevieren.’ En ze vertelde verder: ‘ Het eerste deel is na- tuurlijk normaal zoals wij kennen. Korte teksten uit de bijbel, met daaromheen gezang, muziek, een inspirerende overwe- ging en voorbeden. Maar daarna komt de agapè-viering. Hele- maal geïnspireerd op het oerchristendom.’ En dan, enthousiast: ‘We hebben uitleg gekregen. Zoals de eerste christenen bij elkaar kwamen in liefdesmaaltijden om hun leven in Christus te vieren, zo doen wij dat ook. We ko- men bij elkaar voor een speciale maaltijd waarin we lekkere en gezonde dingen meebrengen die we met elkaar delen. We eten dat samen. Ook brengen we geld mee voor een goed doel. Zo laten we op kleine schaal, heel praktisch, zien dat we van el- kaar houden. Dat is een uiting van ‘in Christus’ zijn. Dat wordt daarna nog verdiept, want dan wordt over het brood en de wijn, die in de kapel beschikbaar zijn, een speciaal dankge- bed uitgesproken waarin God, de Levende, wordt gedankt voor alle goede gaven. Daarna eten we het gezegende brood en drinken de wijn. Het gebeurt allemaal zonder poespas, 25 Reflectie 9(1) voorjaar 2012 Autelwestphalien (van Westfaals altaar, ca 1370/1380) De uiterlijke zon hongert naar de innerlijke. Jacob Boehme, De Signatura Rerum, 1622)

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=