Reflectie herfst 2012.vp
Het Zelf dat wij zoeken is het Zelf dat zoekt ... (Augustinus) Mianne Bakker Als mijn geest nog stiller wordt dan stil en er geen weten is van stilte en de verwondering in al mijn lichaamscellen danst, zal ik komen, dieper dan de stilte, verder dan de stilte, leger dan de verte, leger dan de leegte en dan zal de stilte mij tot stilte maken. Dan is er het ervaren in het diepst van mijn wezen, wat mijn Ziel zou kunnen zijn. Erik van Ruysbeek zei: “Er is geen weg naar ongrond. Elke weg is reeds ongrond. Er is alleen ongrond. Ongrond treedt in mij. Het is een beweging zonder beweging. Een bewustwording.” In het Thomas-evangelie logion 50 zei Jezus: ‘Het is een beweging en een rust, één verschijnsel.” Het is de Ongrond die verder alles doet. Naarmate ik ouder word, ben ik mij bewust dat de Ongrond al het diepere werk doet. Alles vloeit, zet uit en keert in zichzelf terug. Ik voel me meer en meer gedragen. Ruysbeek zegt dan de woorden die mij raken: “In mij groeit de boom, waarin ik groei In mij gaapt de leegte, waarin ik openga In mij heerst het nu, dat ik beheers In mij is het alles, waarin mijn niets verdween. In mij is geen ik meer In mij is geen U Iets zonder ruimte, dat alle ruimte omvat. Iets wordt geleefd, wat nog leven niet is, wat geen leven meer is. Laat alles los en wat overblijft Laat dat mij vullen, want zonder object is het oorspronkelijk bewustzijn. Het wezen van mijn ziel is zo de grootste eenheid in het menselijke bestaan.” Deze woorden zijn voor mij een inspiratiebron om achter de sluier van de werkelijkheid te komen en iedere zondag zingt mijn ziel: “Innig aanbidden w’ Uw verborgen Pracht Schouwen in sluiers Uw mystieke macht Ootmoedig knielen wij aanbiddend neer Beidend’ Uw Liefde in ons hart, o Heer.” Mystiek is weten van binnen uit. Het is een onmiddellijk weten. Er is een ervaring dat alle dingen één zijn, één universum, één organisch geheel waarin je zelf past, niet gesplitst in goed en kwaad, in ik en de ander, in lichaam en geest. Alles blijkt in wezen goed te zijn. Liefde blijkt de “grond van alles” te zijn, de samenhang van het geheel. De mystieke ervaring maakt iemand nog niet tot een mysti- cus. Die naam gebruiken we pas wanneer iemand op de erva- ring ingaat, er vorm aan wil geven, er mee wil leven. De mys- tieke literatuur is gegroeid vanuit een worsteling om tot klaar- heid te komen. Nogal wat mystici zijn taalkunstenaars. Eckhart geldt als een van de grondleggers van de Duitse taal. Ook Hildegard von Bingen heeft ons prachtige gedichten, mu- ziek en zang nagelaten. Hadewych en Ruusbroeck behoren tot de grote van de Nederlandse literatuur. Teresa van Avila en Johannes van het Kruis zijn dit voor de Spaanse literatuur. Mystieke taal is een poging om het onzegbare te zeggen, er is een voortdurend zoeken. Het onbereikbare blijkt nog steeds onbereikbaar, het onzegbare steeds weer onzegbaar. Het is een liefdesproces waarbij er twee betrokkenen zijn. Elk woord is cultuurgebonden, elke reactie is gekleurd door psyche en karakter, beperkt door het talent om tot helder- 19 Reflectie 9(3), herfst 2012
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=