1-Reflectie 4(1)vrj07.vp
Toekomst van Kerk en religie opnieuw ter sprake gebracht Frank Kouwe In de herfstuitgave 2006 van dit blad is van de hand van onze regionaris, mgr. Frank den Outer, een artikel geplaatst over ‘De toekomst van de Kerk en religie’. Daarin stelt hij: “Aan- dacht voor verantwoorde liturgievernieuwingen is van groot belang; het zwaartepunt van onze Kerk is m.i. immers een li- turgische spiritualiteit. Het is bepalend voor de toekomst van de Vrij-Katholieke Kerk”. Elders in zijn betoog geeft hij aan, dat het voortbestaan van onze Kerk afhankelijk is van vernieu- wingen of aanpassingen aan het veranderende sociale en cul- turele klimaat. Hij pleit er niet voor om met de eeuwenoude tradities in de liturgie te breken, maar hij vindt wel dat ver- nieuwingen voortdurend nodig zijn in alle elementen van de Eucharistie. De liturgie van de H. Mis is naar zijn idee wel tijdgebonden. In dezelfde uitgave van dit blad geeft Hendrik de Bruin een reactie op onderdelen van het artikel van bis- schop Den Outer. Hij stelt, dat hij een andere mening is toege- daan: “De Misliturgie, met haar oudchristelijke en zelfs voor- christelijke elementen, acht ik namelijk niet ‘tijdgebonden’, terwijl vernieuwingen of aanpassingen volgens mij slechts met de uiterste prudentie mogen plaatsvinden”. Beide artikelen zijn voor mij aanleiding om een reactie te schrijven, waarin ik graag mijn opvattingen uiteen wil zetten om die met u te delen. Ik ben niet van plan om op opvattingen van beide schrijvers in te gaan. Beiden hebben namelijk gelijk. Afhankelijk vanuit welk standpunt je het onderwerp benadert. Ik heb het voor- recht om al 50 jaar aan het altaar te werken, waarvan het grootste deel als priester. En elke keer weer vind ik het een feest! Onze liturgie en de uitwerking ervan zijn van een won- derbare schoonheid. De symboliek is fenomenaal en het is een grote genade dat we elke keer weer deelnemers mogen zijn aan de viering van de goddelijke mysteriën waaraan wij dank- zij deze liturgie vorm kunnen geven. Maar toch... En over dat ‘maar toch...’ wil ik het hebben. Kennis over de werking van de H. Eucharistie Ik denk, dat de Vrij-Katholieke Kerk niet is gesticht om te blijven zoals ze was en zoals ze nu is. Het is onze opdracht haar geschikt te maken voor de mens van de toekomst. Deze Kerk is van de toekomst. Zo bezien is zij niet van ons. Laten we teruggaan naar de begintijd. De tijd waarin de Kerk werd gesticht (1916) en de jaren erna waarin verder vorm werd gegeven aan onze Kerk. Bisschop Leadbeater be- schrijft in zijn prachtige werk “De wetenschap der Sacramen- ten” waarom de Mis zo in elkaar zit als ze is opgebouwd, (Leadbeater, 1924). Hij beschrijft in zijn boek hoe hij bij toe- val ‘ontdekt’ wat de uitwerking is van de Mis op de omgeving van de kerk waarin die Mis is opgedragen. Vervolgens maakt hij een nauwgezette en gestructureerde studie van de ‘inner- lijke’ werking van de liturgie en de Mis. Hij ontdekt hoe men- sen en engelen samen in de etherische, astrale en mentale werelden en nog ‘hoger’, een tempel bouwen die dient om de kracht en de zegen van de Vader op te vangen en uit te storten over de wereld. “...ik bid onze hemelse Vader Zijn heilige Engel te zenden om voor ons een geestelijke Tempel te bou- wen, die dienen zal om Zijn kracht en Zijn zegen uit te storten over zijn volk.”, zo zegt de celebrant aan het begin van de Mis. Een duidelijke verwijzing naar het hiervoor genoemde. Een van de belangrijkste verdiensten die ik zie in het werk van mgr. Leadbeater is, dat hij ervoor gezorgd heeft dat de kennis over het wezen en de innerlijke werking van de Mis niet verlo- ren is gegaan. Kennis over de werking en uitwerking van woorden, handelingen, intenties, het gebruik van liturgische kleding, muziek, gezangen, wijwater, wierook, kaarsen, sym- bolen en de bewust gezochte samenwerking met engelen. Kor- tom hij heeft ons een kijkje gegeven in de werking en uitwer- king van de ceremoniële magie. Informatie van onschatbare waarde, tot op de dag van vandaag. Zeker als er intenties zijn om aan de vormzijde van de Mis veranderingen aan te gaan brengen. Die informatie kan dan gebruikt worden om te bear- gumenteren waarom je dat niet zou moeten doen, maar hij kan ook gebruikt worden om met kennis van zaken het op verant- woorde wijze wel te doen. Wat mij betreft hebben we die kennis gekregen voor het laatste. Waarom vind ik dat? Nieuwe openbaring van de ‘Oude Wijsheid’ Met welk doel is in 1916 onze Kerk gesticht? Ik heb daar voor mijzelf een aantal antwoorden op gevonden. Een daarvan heb ik hierboven al beschreven. De tweede heeft te maken met het werk van mevrouw Blavatsky. Zij gaf aan het eind van de 19 e eeuw door de Theosofische Vereniging de wereld een nieuwe ‘openbaring’ van de ‘Oude wijsheid’, of theosofie, in haar werk “De geheime leer”, (Blavatsky, 1968). Door haar werk en door dat van hen die na haar gekomen zijn, zijn de theoso- fie en de theosofische leringen in volle openbaarheid gekomen en voor veel meer mensen toegankelijk gemaakt dan het voor- dien was. De enorme positieve uitwerking daarvan kennen we allemaal: kennis over theosofie, esoterie en occultisme is wijd verbreid. Onze Kerk is in het leven geroepen om binnen het Christendom vanuit de theosofie een nieuw licht te werpen op het wezen mens, religie en religieuze beleving/spiritualiteit en een esoterische interpretatie te geven van de Bijbel. De Kerk in een nieuw tijdperk Er is nog een derde antwoord. En dat heeft te maken met het nieuwe tijdperk: het Aquarius- of Watermantijdperk. De kennis waarover ik hiervoor sprak, geeft ons de moge- lijkheid om onze Kerk om te vormen tot een Kerk die geschikt is voor dat nieuwe tijdperk. En dat is wat mij betreft de belangrijkste reden waarom de Vrij-Katholie- ke Kerk werd gesticht. Met behulp van die kennis zou- den wij in staat moeten zijn op verantwoorde wijze een liturgie te maken en een daarbij passende vorm die de 5 Reflectie 4(1) voorjaar 2007
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=