Reflectie 5(4) winter 08.vp

trouwste leerling en ‘apostel van de apostelen’, maar voor Je- zus was de relatie wezenlijk anders geworden. Hij moest alle banden verbreken om helemaal vrij te zijn voor wat hij in zijn hart had gevonden, helemaal vrij om te gaan en staan waar de Geest hem zou leiden. Jezus moest terug naar waar hij vandaan kwam, naar Gali- lea. Daar zou hij gaan rondtrekken en mensen genezen. Daar zou hij ook gaan optreden om het goede nieuws te vertellen. Daar zou hij rondtrekken langs de kleine synagogen, en spre- ken in die gezellige en rommelige ontmoetingsplaatsen waar Joden bijeenkwamen om te zingen, te bidden, te roddelen en te discussiëren over de schriften. Daar zou hij zijn gehoor moe- ten vinden en het Licht ontsteken dat niet meer gedoofd zou kunnen worden. Een charismatische wijsheidsleraar Teruggekeerd in Galilea met zijn lemen hutten, akkers en vis- sersdorpen blijkt Jezus een charismatische leraar, die bekend wordt om zijn diepzinnige en soms schokkende one liners , een waarachtige profeet, vervuld met de geest van God. In de ogen van zijn toehoorders ook een wijsgeer, de personificatie van de Wijsheid, staande in de traditie van Salomo. Jezus spreekt klare taal, Hij schenkt klare wijn. Geschikt voor ieder en voor elk moment van het leven. Hij spreekt over geboorte en dood, over echtgenoten en kinderen. Hij gebruikt beelden van het platteland, de landbouw en de visserij. Er zijn lessen over de schat die ieder in zichzelf draagt, over de relaties in gezinnen en tussen buren, over lenen en over hoe belangrijk het is elkaar te helpen. Aanwijzingen voor het leven van alledag vanuit de werkelijke bedoeling van de Wet en de Profeten. De berooide boeren en vissers luisteren ademloos toe. En telkens komt hij terug op zijn belangrijkste thema: het aanbreken van een nieuwe tijd, het nieuwe inzicht en een ho- gere vorm van geluk. Telkens herhaalt hij het:’Het Rijk Gods is aangebroken. Ken jezelf, dan zie je het.’ En daaraan aan- sluitend: ’Hou van jezelf en bemin je naasten als jezelf. Dan vervul je de Wet van God.’ In prachtige parabels en pakkende one liners spreekt hij hierover, waar hij maar kan. Zijn woorden maken grote indruk. Af en toe legt Jezus de hand op een zieke en geneest die. En steeds meer beginnen de mensen zich af te vragen: wat een wondere krachten gaan in deze persoon schuil. En ze gaan hem achterna tot in de heu- vels, waar hij zich af en toe met een klein groepje leerlingen terugtrekt om te bidden en te mediteren. En ook daar spreekt Hij iedereen toe en geneest hij zieken. Verbazing. Want dit is toch de timmerman uit Nazareth. Iedereen kent toch zijn ou- ders, broers en zussen. Waar heeft hij dit dan vandaan? Zijn leerlingen die ook niet alles begrijpen, stellen hem vragen. Maar ook zij kunnen het niet bevatten. Wat is er toch sinds de doop met hem gebeurd? Alleen Maria Magdalena wordt steeds stiller. Zij luistert en hoort, kijkt en ziet. Zij was bij de doop. Voor haar begint het te dagen. Langzaam gaat voor haar de zon op. Een zon die niet meer ondergaat. Wereldwijde epifanie De doop van Jezus markeert een nieuw begin in de geschiede- nis van de mensheid. Een mens ontwaakt uit een droom, een nachtmerrie. De nachtmerrie van identificatie met zijn ego. En komt in het volle Licht. Stralend als een pasgeboren kind. Veel mensen hebben ooit dat Licht in Hem gezien. Enke- len herkenden ook in zichzelf wie ze werkelijk waren: kinde- ren van het Licht. Voor hen voelde dit als een nieuwe geboor- te. Geboren uit aardse ouders en geboren uit het Licht. Tweeduizend jaar later schijnt dit Licht nog steeds in onze duisternis. Maar nu zijn er meer mensen die dit Licht in zich- zelf herkennen, zowel binnen als buiten de Kerken. Er is een wereldwijde transformatie gaande. Er zijn geen grenzen meer. In een tijd van crisis herkennen steeds meer mensen in zich zelf het Licht dat niet meer ondergaat. De zon keert terug. Bloemen openen zich. Vogels vliegen op. In de duistere crisis waarin de aarde en de mensheid zich momenteel bevinden, worden een aantal mensen transparant voor het Licht dat ieder in zich draagt. Er vindt, zoals een stu- die van Arjuna Ardagh aantoont momenteel een wereldwijde ‘translucente revolutie’ plaats. Christenen noemen dit ‘de komst van het Rijk van God’ of ‘ het ontwaken van het Christusbewustzijn’. Boeddhisten spreken over het realiseren van de Boeddhanatuur. Voor de Hindoes is dit ‘Verlichting’, het realiseren van de aangeboren, met God verbonden Atman, de goddelijke levensadem. Seculiere wetenschappers noemen dit de wereldwijde ‘transformatie van het bewustzijn’. Ieder probeert in zijn eigen taal het onnoembare te begrijpen van wat er gaande is. Het lijkt een wereldwijde epifanie. Van nature zijn wij kind van de aarde en kind van God. Maar dat is geen tegenstelling, zoals het ego ons wil doen ge- loven. Deze ogenschijnlijk twee verschillende naturen kunnen met elkaar versmelten in eenheid. Van tweeën een. Dat is de oorspronkelijke ervaring en boodschap van de ontwaakte, zelfgerealiseerde Jezus. Dat is het Licht dat niet meer verborgen kon blijven, de doorbraak van het Rijk van God. Eenmaal begonnen in een Boeddha, in Jezus en enkele andere ‘Verlichten’ uit het verleden, is dit niet meer te stop- pen. Het Licht breekt nu in steeds meer mensen door. Als er in deze donkere dagen eind december iets te vieren is, dan is dit het wel! ***** Noten (1) Veel informatie hierover is te vinden in het Jesus Seminar, een serie publicaties van internationaal bekende theologen die sinds 1989 halfjaarlijks bijeenkomen in het Westar Institute in Californië: www.westarinstitute.org . (2) Hugh Schonfield, Odyssee der Essenen, Sevire, 1984 (3) ‘ Ist er nicht der Zimmerman, Marie Son’, Maarten Luther in: Biblia, das ist die ganze heilige Schrift, 1534 (4) The Nag Hammadi Library: www.nag-hammadi.c_Hlt215049229o_Hlt215049229m. Zie hiervoor vooral het Evangelie van Philippus, het Evangelie van Thomas, De wijsheid van Jezus Christus en het Evangelie van Maria Magdalena. (5) Marcus Borg e.a.,Q, het verloren evangelie, Meinema, 1997 (6) www.rug.nl/qumraninstitute (7) Arjuna Ardagh, De translucente revolutie, Altamira, 2006 Over de auteur Ojas Th. de Ronde: zie info in nr. 1, voorjaar 2008.

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=