Reflectie 6(1) voorjaar 09.vp

Liefde en de Oorzaak van ons Lijden – deel 2 Anita Hoevenaars In het winternummer van Reflectie 2008 sprak ik over onvoorwaardelijke en de voorwaardelijke liefde. De onvoorwaardelijke Liefde is de bron van Al Wat Is. Liefde is God, God is Liefde. Wanneer we als mensen op Aarde het directe contact met deze god- delijke Liefde kwijt zijn, leven we vanuit voorwaardelijke liefde. Deze is altijd op zichzelf gericht, omdat we iets nodig hebben om te overleven met de afgescheidenheid van de onvoorwaardelijke Liefde. In deze afgescheidenheid zie ik de oorzaak van ons men- selijke lijden, in welke vorm dan ook. In het volgende nummer een afsluitend deel 3 . Om de verbinding met God in onszelf terug te vinden, hebben we inzicht nodig in wat Liefde nu werkelijk is en hoe die werkt in de praktijk van ons dagelijkse leven. Omdat we als mensheid al vele eeuwen leven vanuit de voorwaardelijke liefde is ons denken over liefde hierdoor ver- troebeld. We denken dat het opoffering is en jezelf wegcijfe- ren. We denken dat het betekent dat we de ander belangrijker vinden dan onszelf. We denken dat iemand van ons houdt als die ander onze onvervulde verlangens vervult. We denken dat het inhoudt dat we aan de verwachting van de ander voldoen. En ga zo maar door. Hoe goed bedoeld ook, al deze vormen van liefhebben, hebben ook een schaduwzijde. Wijzelf, de ander en de relatie zullen op een gegeven mo- ment hieronder lijden. Als we onszelf wegcijferen en opoffe- ren zullen we op een dag merken dat we uitgeput zijn en ons tekort gedaan voelen. Als we de ander belangrijker vinden dan onszelf, gaan we ons leeg en onbemind voelen. Wanneer we onze verlangens door de ander vervuld willen zien, raken we teleurgesteld en blijkt de relatie niet de belofte waar te maken die we hoopten. Als we steeds weer voldoen aan de verwach- ting van anderen raken we leeg en vervreemd van onszelf. Ons leven wordt op den duur betekenisloos. Mijns inziens is het zo dat een liefde die dergelijke scha- duwkanten heeft, nooit van goddelijke oorsprong kan zijn. Dan zou God dermate imperfect zijn, dat het überhaupt zin- loos is om ons met een god bezig te houden. Dan is het leven blijkbaar imperfect en is daar geen ontkomen aan. Ondanks dat ik in mijn leven met diep persoonlijk lijden te maken heb gehad, heb ik op een nog dieper niveau de schoon- heid, perfectie en liefde ervaren die in alles aanwezig zijn. “God doet altijd mee”, noem ik dat. In elke situatie, in elke emotie, gedachte, pijn, zit op een dieper niveau pure Liefde en Licht. Wij zijn uit Licht en Liefde voortgekomen en in essen- tie zijn we dit dus ook. Daar waar we dit vergeten zijn en niet meer ervaren, ontstaat al het menselijke denken, voelen en handelen, dat een schaduwkant van lijden heeft. Of–Of Wanneer we geen verbinding ervaren met God en van daaruit denken, voelen en handelen, speelt dit zich altijd af in het of- of-perspectief. Hiermee bedoel ik dat het altijd óf de een, óf de ander dient en dat de schaduwzijde altijd óf bij de een, óf bij de ander terecht komt. Of het ene land is rijk, of het andere. Of de een heeft macht, of de andere. Of de een, of de ander wint. ‘De een z’n brood is de ander z’n dood’, is een uitdruk- king die dit of-of-perspectief heel duidelijk weergeeft. We vinden het heel gewoon dat we concessies doen en niet ieder- een tevreden is met beslissingen die genomen worden. Willen we samen iets ondernemen dan moeten we water bij de wijn doen, is de algemene mening. Het gevolg hiervan is dat niemand volledig toekomt aan zichzelf. Als je samen wilt zijn, moet je water bij de wijn doen. Als je dat niet wilt, dan ben je alleen. Weer een of–of- situatie. Je bent of samen en minder trouw aan jezelf of je bent trouw aan jezelf en minder samen. Volledig trouw aan wie je werkelijk bent en tegelijk volledig verbonden lijkt voor ons onmogelijk. Vooral in intieme relaties zie je dit dilemma terug. We vinden het heel gewoon dat een relatie ‘geven en nemen’ is. Met andere woorden: concessies doen om samen te blijven. Voor wie zich hier tevreden in voelt werkt deze formule. Dat is natuurlijk helmaal oké en geen enkel probleem. Wel zie ik in deze tijd steeds meer mensen die met deze vorm van relaties niet uit de voeten kunnen. Door de spirituele evolutie die er gaande is hebben we een sterke drang om te ontdekken wie we werkelijk zijn. Niet meer leven vanuit wie we geworden zijn door aan verwachtingen van anderen te vol- doen. Of leven vanuit de patronen en rollen die we ooit heb- ben aangenomen. Dat blijkt niet meer vervullend te zijn. De relatievormen die voor onze ouders en voorouders pri- ma werkten, blijken nu niet meer stand te houden. Het grote aantal scheidingen en alleenstaanden is daar een uiting van. Ook het enorme zoeken van mensen naar zichzelf en naar nieuwe manieren van in relatie staan met anderen. En–En Het en-en-perspectief is gebaseerd op onvoorwaardelijke lief- de en dus op een directe verbinding met God. Wanneer we le- ven vanuit God in onszelf, leven we vanuit ons hart. In ons hart huist de bron van goddelijke liefde en de wijsheid die hier deel van is. Een van de wijsheden is dat alles gelijkwaardig is. Niets is meer of minder waard dan iets anders. Alles is een schepsel Gods en alles heeft daarmee een gelijkwaardigheid die zich uit in een gelijk recht op geborgenheid, liefde en ge- luk. Of je nu slim, arm, jong, gehandicapt of vrouw bent van- uit God gezien is er geen verschil. Elk schepsel is uniek én ge- lijkwaardig. Alleen de onvoorwaardelijk liefde weet hoe deze gelijk- waardigheid vorm kan krijgen in ons dagelijkse handelen. Die wijsheid zit erin besloten. Ze kent de weg van handelen waar- bij én jezelf én de ander recht worden gedaan. Waarin én je- zelf én de ander volledig zichzelf kan zijn. Waar relaties geen concessies vragen en alle betrokkenen volledig vrij en verbonden kunnen zijn.

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=