Reflectie 7(4) winter 2010.vp
De Kracht van Liefde en Mededogen Hans Feddema In de boeddhistische traditie zijn er vier verschijnselen die gepaard gaan met ‘verlichting’, namelijk gelijkmoedigheid, liefdevolle mildheid, mededogen en medevreugde. Gelijkmoedigheid en mildheid zijn het tegendeel van bijvoorbeeld fanatiek en/of gelijk- hebberig dan wel scherpslijperig gedrag vanuit het ego, terwijl koude meedogenloosheid de tegenpool is van mededogen. Mede- vreugde is zoiets als gelukkig zijn met (in plaats van jaloers zijn op) het geluk van de ander. Gelijkmoedigheid lijkt op het 4e type in het model van Marco de Vries (Erasmus-universiteit), dus niet die van speelbal (geen ‘ik’bewustzijn) of slachtoffer (weinig ‘ik’bewustzijn) dan wel bestrijder (meer ‘ik’bewustzijn), maar van deelnemer (volledig ‘ik’bewustzijn). Je ‘ik’bewustzijn verklaart ook mede je stemgedrag. Het is van belang de PVV-stemmers niet te veroordelen, laat staan te verketteren, maar als we de slacht- offer- of bestrijderhouding hebben, zullen we vaak blij zijn met een partij als de PVV. Waarschijnlijk staan we in dat ge- val ook niet echt mild in het leven. In het boeddhistisch rijtje van vier is overigens bij mildheid het adjectief ‘liefdevol’ toe- gevoegd . Dat doet de Dalai Lama ook, als hij vriendelijkheid zijn ‘ware religie’ noemt en dan meestal van ‘liefdevolle vriendelijkheid’ spreekt. In het verborgene zegenen Mild en vriendelijk zijn zowel naar onszelf als naar anderen doen we kortom niet per definitie. We doen dit vanuit liefde. Tenminste als we die aanboren en cultiveren en dan dus meer vanuit het hart gaan ‘zijn’. In dat geval kunnen we behalve mild en vriendelijk zijn, ook anderen en onszelf gaan zegenen. Ik doe dat de laatste tijd, dus dat ik de mensen met wie ik te maken heb regelmatig in het verborgene zegen, niet alleen vrienden, maar ook mensen die sterk vanuit angst opereren en/of een negatieve energie om zich heen hebben. Met zege- nen is bedoeld vanuit het hart mensen het diepste geluk of ver- vulling toewensen. En dan verschijningsvormen soms omke- ren. Als je een man ziet die huilt of naar het schijnt gebroken is door het leven, kun je hem zegenen op zijn vitaliteit en vreugde, die er innerlijk ook in hem is. De Zwitser Pierre Pra- derband zegent zo als hij langs een gevangenis komt in ge- dachten de bewoners daarvan in hun onschuld, vrijheid, zacht- moedigheid en vergeving, dus in hun ‘andere’ kant, te meer omdat een ieder de gevangene van zijn zelfbeeld kan zijn. Zie zijn boek. Als antropoloog deed ik enig opzienbarend onderzoek naar het vervloekingritueel op een eilandje vlakbij het kustdorpje Seenigama op Sri Lanka. Zoals er van vervloeking een enorme negatieve kracht uitgaat – de vervloekten kunnen er zelfs hun leven bij inschieten – zo heeft ook het zegenen een grote posi- tieve kracht, ook voor onszelf. Zegenen werkt. Ik denk ook voor deze tijd, nu alles zo hectisch aan het veranderen is. Het geeft je een anker, omdat je het universum of God als het ware via de universele wet van aantrekking inschakelt in het ver- sterken van de liefde en het mededogen tussen mensen. Trou- wens ook in de genezing, waar de wereld om schreeuwt. De praktijk van zegenen – ik begin er tegelijk met een korte affir- matie de dag vaak mee – heeft ook het voordeel dat je minder piekert over jezelf, dat je aanwezig bent in het nu, minder zelf- zuchtig bent en anderen minder bekritiseert, beoordeelt en ver- oordeelt. Het is een simpele manier om een gecentreerd bewustzijn te ontwikkelen, te groeien in liefde. Zegenen is in wezen gepraktiseerde liefde, maar dan on- voorwaardelijke liefde. Ik heb het nu wat minder over de romantische of voor- waardelijke liefde, ook al geldt hiervoor ook dat je die al of niet kunt aanboren. Verliefd zijn is soms ook een willen, een er voor open staan of niet, waarbij eveneens de wet van aan- trekking speelt, dus dat je in het leven aantrekt waar je steeds aan denkt. De bestsellerschrijver Wayne Dyer zegt in zijn boekje “Leef in Balans, negen manieren om je gewoontes in evenwicht te brengen met je verlangens” (2006, 215) dat ‘de liefdelozen nimmer liefde vinden, omdat ze zich concentreren op wat ze niet hebben’, los van het feit dat ze vaak vinden dat ze de liefde onwaardig zijn en zo versterken wat ze niet hebben. Leven in een energiesysteem met de wet van aantrekking Ik spreek, als het gaat om het begrip liefde, over een kracht of een energie, te vergelijken met elektriciteit. Zeker nu de kwan- tumfysica ons heeft laten weten dat alles energie is en wij als het ware omringd worden door een soort elektromagnetisch veld, dat wij met ons bewustzijn, dus met onze intenties, gedachten, gebeden en affirmaties beïnvloeden. Ja, ook met gevoelens en overtuigingen en dan zowel in positieve als negatieve zin. In het energiesysteem waarin we leven, dat opereert op ba- sis van de wet van aantrekking, worden we dus niet alleen zelf waarvan we vol zijn, bijvoorbeeld haat of liefde, maar kunnen we tevens een deel van het veld daarin meenemen, denk maar aan wat Hitler teweegbracht. Een ieder van ons heeft zo met liefde een enorme kracht in zich, ook al zijn de meesten van ons zich daarvan nog niet bewust. Het universum antwoordt via het fenomeen, dat het ‘gelijke het gelijke aantrekt’. Als we bozigheid en irritatie uitzenden dan wel sterk op die manier denken, krijgen we vaak ook zelf met ‘boze’ en irritante zaken te maken. Er is kortom tussen onze gemoedstoestand en onze ervaringen meestal een overeenkomst. Micro en macro, omdat alles begint bij het individu en dat gaat naar de gemeenschap, stad, land en wereld. Ook naar de politiek. De laatste tijd gaan we dat beseffen, ook dat we spiegelen in onze relaties, dus dat we inzien dat geïrriteerd zijn over iets bij een ander vooral ook iets zegt over een analoge schaduw bij onszelf. Mede door de ontdekkingen van de kwantumfysica begin- nen we in te zien dat het dualistische bewustzijn van ‘wij ver- sus zij’ iets van het verleden is, dat we in wezen allen een een- 10 Reflectie 7(4) winter 2010
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA2NzQ=